Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Als inloophuizen sluiten, verdwijnt de laatste plek waar de bezoekers gezien worden'

Religie en Filosofie

Stijn Fens

Máxima in De Jessehof in Delft, een inloophuis voor mensen die lijden onder sociale uitsluiting. Rechts van haar Frederik Vegter en Henriëtte Hulsebosch, directeur van het Kansfonds. © ANP
Reportage

Koningin Máxima was onlangs bij het kerkelijk inloophuis in Delft. Veel van van deze 'tweede huiskamers' dreigen te verdwijnen. 'Er moet echt iets gebeuren.'

Eigenlijk lijkt alles normaal op deze ochtend in het interkerkelijke inloopcentrum De Jessehof in Delft. Aad Rense kijkt vanuit zijn scootmobiel de zaal rond. Frederik Vegter zit aan een kopje koffie en met Robert Blanche wil het bij het biljarten vandaag niet echt lukken. Dan is er opeens gedoe en komt een grote groep mensen de zaal binnengelopen. Aad Rense, ooit uitbater van een café in Delft, herkent de burgemeester en, krijg nou wat: daar komt zomaar koningin Máxima voorbijlopen. Het is haar eerste publieke optreden sinds het overlijden van haar vader.

Lees verder na de advertentie

De koningin gaat aan een grote tafel naast Willem Starink en zijn vrouw Jo zitten. Drie keer per week komen zij in De Jessehof. Voor de gezelligheid en een beetje aanspraak. "Ik heb heel vriendelijk met haar gepraat", zal hij later vertellen. "Ze vroeg waar wij woonden. Ik zei: hierboven. En ze wilde weten met wie we waren. Met de buurvrouw, zei ik toen. Ze zat op de stoel waar u nu zit. Natuurlijk weet ik dat haar vader is overleden, maar daar ben ik maar niet over begonnen."

Kansfonds

Máxima bezoekt De Jessehof op uitnodiging van het Kansfonds, een organisatie die zich richt op de meeste kwetsbaren in onze samenleving. Morgen bestaat het Kansfonds zestig jaar. Het bezoek van Máxima was dus ook een verjaardagscadeau. Directeur Henriëtte Hulsebosch: "Wij steunen kerkelijke inloophuizen, een groot aantal wordt in het voortbestaan bedreigd. De ene gemeente springt wel bij, de ander niet. Vergeet niet: als inloophuizen dichtgaan, verdwijnt voor bezoekers vaak de laatste plek waar ze nog gezien worden."

Eigenlijk kun je wel zeggen dat ik erbuiten val. Des te fijner is het dat ik hier terecht kan. Het is een tweede huiskamer voor mij

Frederik Vegter

Dat geldt waarschijnlijk ook voor Frederik Vegter. Hij komt ruim vier jaar in De Jessehof. Hij heeft Máxima wél zijn deelneming betuigd met het verlies van haar vader. "Dat vond ze schitterend. Toen heb ik gezegd: U doet dat koningschap met uw man op een grandioze manier. Nou, dat zou ze ook tegen haar man zeggen". Vegter (56) was ooit vertaler Frans en Duits. Al op jonge leeftijd kreeg hij een zware beroerte. "Ik lag vier maanden in coma en kon mijn werk niet meer doen. Ik heb er ook evenwichtsstoornissen aan overgehouden."

Vegter heeft in zijn leven maar weinig mensen om zich heen. Met zijn familie heeft hij geen contact meer. Problemen met een stiefvader. "Of mijn moeder nog leeft, weet ik niet. Ik heb ook nog een halfzus, maar ook die spreek ik niet meer. Eigenlijk kun je wel zeggen dat ik erbuiten val. Des te fijner is het dat ik hier terecht kan. Het is een tweede huiskamer voor mij. Je wordt er echt opgenomen. Het is kerkelijk, maar daar merkt je niet zoveel van. Het is heel laagdrempelig."

Hier voel je de warmte van de vrijwilligheid

Marja van Bijsterveldt, burgemeester van Delft

Ook pastor Peter Wilbrink is aanwezig. Hij is vrijwilliger in De Jessehof. "Ik denk dat onze grote kracht onze gastvrijheid is. Er zijn hier veel mensen die in een hulpverleningssituatie zitten. Wij zijn geen hulpverlener. Er moet een plek zijn waar mensen rustig een kopje koffie kunnen drinken en een krantje kunnen lezen."

Warmte

De vraag is of De Jessehof niet eigenlijk het werk doet dat de gemeente Delft laat liggen. De burgemeester van Delft Marja van Bijsterveldt maakt zich even los uit het gevolg van de koningin om het uit te leggen. "Het gaat om gespreide verantwoordelijkheid. Als mensen het zelf kunnen doen, dan is dat goed. Hier voel je de warmte van de vrijwilligheid. Het is toch heel anders dan als een institutie iets organiseert."

Máxima is dan al op weg naar de uitgang, maar ze mag de zaal niet verlaten voordat ze wordt toegezongen door Robert Blanche. Hij stelt de koningin voor de keuze: een Engels, Spaans of een Frans liedje. Ze kiest voor het laatste. Robert pakt zijn gitaar en zingt vol overgave 'Nathalie' van Gilbert Becaud. Nog voordat het liedje afgelopen is, moet Máxima al verder.

In een zaal van de dichtbij gelegen katholieke Maria van Jessekerk heeft zij een ontmoeting met partners van het Kansfonds. Hoogleraar Presentie en Zorg Andries Baart houdt een inleiding over de situatie van de inloophuizen in ons land. "Christelijke inloophuizen hebben wat ik wel noem een eigen 'logica'", vertelt hij. "Een logica van medemenselijkheid. Door financiële problemen zijn die huizen gaan aankloppen bij de gemeente voor steun. En die fietsen dan een andere logica naar binnen. De logica van functionaliteit, van resultaatgericht denken. Dat levert een andere opvang op, waarbij je anders in mensen geïnteresseerd bent. Iemand drinkt, dat weet je. Maar gaan mensen ook veel minder drinken als ze zo'n inloophuis bezoeken. Gaan ze meer bewegen? Worden ze gelukkiger? Die vragen hadden die kerken niet zozeer. Ik pleit ervoor dat kerkelijke inloophuizen dichtbij hun bron blijven en zich daardoor blijven onderscheiden van gemeentelijke instellingen."

Ik denk dat inloophuizen het een­zaam­heids­pro­bleem op de politieke agenda moeten zetten

Andries Baart

Volgens Baart telt Nederland op dit moment ongeveer 1,8 miljoen eenzamen. "Die inloophuizen vangen veel van die eenzaamheid op. En dat doen ze op een personalistische wijze. Je verdiept je in de individuele levens van individuele mensen. Dat is heel betekenisvol. Maar het kan toch niet zo zijn dat de samenleving steeds meer mensen alleen laat wonen en laat verkommeren en dat inloophuizen als een soort bezemwagen erachteraan rijden en met dat probleem niets doen, behalve opvangen. Ik denk dat inloophuizen het eenzaamheidsprobleem op de politieke agenda moeten zetten. Er moet in die zin echt iets gebeuren."

Na zo'n anderhalf uur zit het werkbezoek van koningin Maxima erop. Inmiddels heeft Delft doorgekregen dat de stad hoog bezoek heeft. Als de koningin in de auto stapt, wordt ze door een enthousiaste menigte uitgezwaaid. In De Jessehof zit Aad Rense dan nog altijd in zijn scootmobiel bij de ingang en zegt Frederik Vegter nog maar een keer dat er maar weinig mensen kunnen zeggen dat ze vandaag naast de koningin hebben gezeten. "Het staat in mijn hart gegrift."

Robert Blanche wil nog wel kwijt dat het jammer was dat Máxima zo snel weg moest. "Zo'n chanson is natuurlijk pas echt mooi als je het helemaal afluistert." Zelf zegt hij een goed sociaal leven te hebben. "Ik heb een vrouw en twee kinderen. Maar veel anderen hebben het minder getroffen dan ik. En nu wil ik weer biljarten. Ik was een beetje uit mijn spel gebracht. Niet door de koningin zelf, maar door alle mensen die om haar heen liepen."



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
Eigenlijk kun je wel zeggen dat ik erbuiten val. Des te fijner is het dat ik hier terecht kan. Het is een tweede huiskamer voor mij

Frederik Vegter

Hier voel je de warmte van de vrijwilligheid

Marja van Bijsterveldt, burgemeester van Delft

Ik denk dat inloophuizen het een­zaam­heids­pro­bleem op de politieke agenda moeten zetten

Andries Baart