Baden in Ladek-Zdrój.

Reizen De Klodzko-vallei

Zwemmen in een kathedraal, wandelen in Hitlers tunnels: het kan in de Klodzko-vallei

Baden in Ladek-Zdrój. Beeld Alamy

Het is pas sinds 1945 deel van Polen: de Klodzko Vallei. Je kunt er Hitlers tunnels onder het kasteel Zamek Ksiaz bezoeken en skeletten bewonderen in de schedelkapel.

Pas in 1945 werd de Klodzko Vallei voor het eerst bij Polen gevoegd. Op de kaart ziet dit afgelegen gebied er nog altijd uit als een schiereiland in Tsjechië. Geografisch is het oude graafschap Glatz een zogeheten ketel, een dal omringd door bergen (de hoogste top is Snieznik: 1.445 meter) waarin Tsjechisch, Duits, Oostenrijks, Pruisisch en Pools cultuurgoed met elkaar versmolten zijn.

Omdat Klodzko op een belangrijke handelsroute lag en de omliggende bergen rijk waren aan ertsen, werd het gebied al sinds de middeleeuwen intensief geëxploiteerd. Het resultaat is een combinatie van natuur en cultuur. Goed bewaard, want sinds de 18de eeuw is het afgelegen gebied gevrijwaard van oorlogsgeweld.

Kuuroorden

De Klodzko Vallei is in Polen zelf vooral bekend om zijn kuuroorden: maar liefst vier in dit kleine stukje bergland. Van west naar oost: Kudowa, Duszniki, Polanica en Ladek, alle drie met de toevoeging ‘Zdrój’, de Poolse variant van het Duitse ‘Bad’. Die toevoeging verdienen ze, want ze lijken alle vier te zijn ontsnapt aan 19de-eeuwse ansichtkaarten.

Kuszniki is het kleinst en bescheidendst, maar verrassend mooi gelegen. De componist Frédéric Chopin verbleef hier in de zomer van 1826. ’s Zomers wordt in het Chopin-landhuis een Chopin-concours gehouden.

Wie op de pas tussen Kudowa en Duszniki de provinciale weg 389 inslaat, staat een van de hoogstgelegen en mooiste wegen van Polen te wachten. Hij werd in de jaren dertig door de nazi’s aangelegd als deel van de Sudetenstrasse, pal langs de grens tussen Tsjechoslowakije en het Derde Rijk. Het was een propagandaproject om te benadrukken dat de Sudeten ook aan de Tsjechische kant Duits waren.

Wie niet wil badderen kan in de kuuroorden het heilzame water drinken. Maar in Ladek-Zdrój is het raadzaam toch even het water in te gaan. Dit is de voornaamste van de vier badplaatsen. Hier kuurden Pruisische koningen, Russische tsaren en beroemdheden als Goethe. Wie in het bad onder de neo-barokke koepel stapt, kijkt zijn ogen uit. Je waant je in een kathedraal.

Pruisisch papier

Bij Duszniki-Zdrój ligt een van de best bewaarde papiermolens van Europa. Je kunt hem niet missen, want het imposante barokke bouwwerk ligt pal aan de de enige grote weg die het gebied van oost naar west doorsnijdt. Papier werd hier al gemaakt in de 16de eeuw. Het huidige gebouw is een eeuw jonger.

De papiermakers uit Bad Reinerz, zoals het stadje toen heette, waren bekend in het hele toenmalige Duitse Rijk. Oorkondes van het rijk werden op hun papier gedrukt. Klodzko (Glatz) was toen nog Oostenrijks bezit.

Dat veranderde in 1742. Pruisen pakte Silezië van Oostenrijk af en pikte en passant het graafschapje Klodzko (Glatz) in. De papiermolen viel opeens onder het gezag van Berlijn. De eigenaars pasten zich snel aan de nieuwe omstandigheden aan. In 1750 kregen ze de erfelijke titel ‘koninklijke papiermakers’ en werden rijk dankzij leveringen aan de Pruisische bureaucratie. In de 19de eeuw raakte de op waterkracht aangedreven papiermolen verouderd, waardoor hij in oude vorm bewaard bleef.

De grootste attractie voor bezoekers is het papierscheppen. Tenzij iemand warm loopt voor de collectie watermerken met beeltenissen van de Poolse paus, Johannes Paulus II.

Doolrotsen

Op sommige plekken zien de Tafelbergen er inderdaad uit als grote, stenen tafels, plat afgezaagde rotsblokken, boven op de heuvels. Het interessantst zijn de plekken waar wind en water deze monolieten hebben opengereten en labyrinten gevormd. Aan de Tsjechische kant van de grens is het bekendste voorbeeld van zo’n natuurlijke ‘rotsstad’ de Adrspassko-teplicke skaly, in Polen de Doolrotsen (bledne skaly), even ten noorden van Kudowa-Zdroj.

Maak je vanuit Karlow (Karlsberg) de wandeling naar boven, dan word je beloond met een prachtig uitzicht over het Reuzengebergte. Daar huist volgens de legende Rübezahl (Tsjechisch: Krknos) de berggeest die de rotssteden bouwde om mensen in te laten verdwalen. Het is zaak om op de gemarkeerde wandelroutes te blijven, want anders doen de Doolrotsen hun naam eer aan.

Schedelkapel van Czermna

In het dorp Czermna, pal op de grens met Tsjechië, ligt een van de kleinste en tevens grootste toeristentrekkers in de omgeving: een schedelkapel. Van buiten is het een barok kapelletje waarvan er zoveel staan in Bohemen en Silezië, maar als je over de drempel stapt is het even slikken. Je wordt aangestaard door drieduizend doden. Het is een van de drie kerken in heel Europa die met menselijke skeletten zijn gedecoreerd: drieduizend schedels, vele voorzien van gekruisde scheenbeenderen die als een soort piratenvlag- gen het plafond bedekken. In het ossuarium onder de houten vloer liggen nog eens twintig- à dertigduizend menselijke resten, niemand weet precies hoeveel.

De bouw van het kerkje begon in 1776. De toenmalige pastoor Vaclav Tomasek vond menselijke resten bij de klokkentoren van zijn kerk. De grond rondom de kerk bleek bezaaid met botten van slachtoffers van de talloze oorlogen en epidemieën die Silezië in de 17de- en 18de eeuw troffen. Ruim twintig jaar lang groef hij samen met doodsgraver Langer botten en schedels op en prepareerde ze als decoratie voor zijn memento mori. Toen ze klaar waren bij hun eigen kerk trokken ze de regio in op zoek naar naamloze doden. Het werk duurde voort tot 1804 toen de dood bij pastoor Tomasek aanklopte. Twintig jaar na zijn dood werd ook zijn schedel toegevoegd aan de collectie.

Bolko de Strenge

In het noorden wordt de Klodzko-vallei begrensd door het Uilengebergte. Net aan de andere kant ligt een van de grootste en mooiste kastelen van Polen: Zamek Ksiaz. (Duits: Fürstenstein). De naam verwijst naar Bolko de Strenge, een van de vele vorsten die in de 13de eeuw elkaar stukjes Silezië betwistten. Hij liet hier een stenen burcht bouwen nadat de Tsjechische koning Premysl Ottokar zijn houten vesting op deze plek in de as had gelegd.

De massieve middeleeuwse toren uit deze rauwdouwerstijd vormt nog altijd het hart van het kasteel. Niet dat het er in de eeuwen daarna veel vriendelijker aan toe ging. De koning van Tsjechië kwam zijn vazallen, die hier zetelden nadat het nageslacht van Bolko was uitgestorven, meermaals hardhandig tot de orde roepen.

Beeld Getty

Tijdens de dertigjarige oorlog werd het kasteel deels in de as gelegd, waarna het verwoeste deel werd omgebouwd tot Franse tuin. Begin 18de eeuw kwam er een barokke gevel voor het middeleeuwse gebouw te staan. Het eclectische resultaat is verrassend mooi.

Maar de geruchtmakendste verbouwing begon in 1941. Hitler zou het kasteel hebben uitverkoren om een van zijn hoofdkwartieren te worden. Andere theorieën houden het op een geheime wapenfabriek, of een locatie voor onderzoek naar de Duitse atoombom, of een ander ‘Wunderwaffe’. Feit is dat onder het kasteel tunnels werden geboord die sinds een paar jaar voor bezoekers toegankelijk zijn.

Reisreportages vanuit bijzondere bestemmingen, boeiende steden en verre streken, met reistips. U vindt ze op trouw.nl/reizen of op deze kaart.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden