WandelenLeeuwarden

Waardig wonen in een creatie van Willem Cornelis de Groot

De Hollanderwijk lijkt de afgelopen honderd jaar nauwelijks aan rust en ruimte te hebben ingeboet. Beeld Reyer Boxem
De Hollanderwijk lijkt de afgelopen honderd jaar nauwelijks aan rust en ruimte te hebben ingeboet.Beeld Reyer Boxem

Ga wandelen langs de vroege sociale woningbouw in Leeuwarden en ontdek de Vernieuwingsstijl van de Friese architect Willem Cornelis de Groot.

In het voortuintje van de arbeiderswoning bloeit een pruimenboom, achter de ligusterhaag staan de tuinstoelen uitgeklapt. Op de bovenverdieping wappert vitrage voor het openstaande raam van een dakkapel. Zomaar een voorjaarstafereel, honderd jaar geleden een vernieuwing.

Een woning met dakkapel en tuin – hoe klein ook – zorgde voor meer lucht en licht, precies wat ook de Woningvereeniging Leeuwarden aan het begin van de twintigste eeuw beoogde met de sociale woningbouw. De Friese architect Willem Cornelis de Groot kreeg de opdracht drie wijken te ontwerpen. En dat deed hij in een vernieuwende stijl.

Aan het begin van zijn carrière was van vernieuwing nog geen sprake. In de tweede helft van de negentiende eeuw richtten architecten hun blik op het verleden. “Aanvankelijk ontwierp De Groot vooral gebouwen in neostijlen”, vertelt stadsgids en De Groot-bewoner Tom Sandijck. Hij wijst naar de overkant van de Noordersingel, waar het Diakonessenhuis pronkt met zijn vooruitstekende trapgevel en entree met pilasters.

Als huisarchitect van verschillende gasthuizen ontwierp De Groot statige panden in groene hofjes, de Julianavleugel van het Nieuw Sint Anthony Gasthuis, tuinkoepels met rieten daken. Slenter door de straten in het centrum en een stoet neorenaissance-gebouwen van De Groot trekt aan je voorbij.

Rond de eeuwwisseling raakte de art nouveau in zwang. Ook De Groot stak veel van zijn ontwerpen in een modern en kleurig jasje. Boven de entree van het baarhuisje van het Sint Anthony Gasthuis prijkt een sierlijke hoefijzerboog en verderop, ten oosten van het centrum, glinstert het dak van het Gabbemagasthuis, misschien wel zijn fleurigste ontwerp. Achter een fraai hek met zweepslagmotief staat dit U-vormige artnouveaupand, met rode en groene dakpannen en een kleurig tegeltableau met de naam van het gasthuis.

Het Sint Anthony Gasthuis. Beeld Reyer Boxem
Het Sint Anthony Gasthuis.Beeld Reyer Boxem

Het is precies die frisse stijl die in vereenvoudigde vorm terugkomt in de drie arbeiderswijken die De Groot aan het begin van de twintigste eeuw ontwierp. De Woningwet van 1901 moest zorgen voor betere leefomstandigheden voor bewoners, die sinds de industrialisatie van het platteland naar de stad trokken. Bedompte hokken, krotten en kelders moesten plaatsmaken voor waardige woningen. De Groot voegde daar fraaie baksteencreaties aan toe.

Wandel na het Gabbemagasthuis verder oostwaarts en je stapt zo de Oud-Indische buurt in, in 1908 het eerste sociale woningbouwproject in Leeuwarden. Drie rechte straatjes en een bredere dwarsstraat; het stratenplan oogt wat eentonig. Maar spannender is het ontwerp van de woningen, waar De Groot de Vernieuwingsstijl toepaste: geen krullen, wel kleur. Niet alleen de woningen voor de opzichters, ook de kleinere huizen voor de fabrieksarbeiders van de melkfabriek werden versierd met baksteen. Rood en geel, schuin of rechtop; door de toepassing van verblendsteen in bogen, hoeken en lijnen kregen hun huizen, behalve een tuintje, ook een decoratief uiterlijk.

De Saskiabuurt, iets verderop, kreeg een jaar later nog fraaiere huizen. Achter de tekentafel liet De Groot zijn fantasie de vrije loop, gezien de variatie in vensters en erkers, balkons én dakkapellen. Waar de bewoners van de Oud-Indische wijk nog sliepen in een bedstede, hadden de huizen hier een afzonderlijk slaapvertrek.

De meest uitbundige uiting van de Vernieuwingsstijl van De Groot is te vinden in de Hollanderwijk. Een driehoekig terrein pal ten zuiden van het spoor werd in 1913 aangewezen voor de bouw van de derde arbeidersbuurt in Leeuwarden. Wie destijds per trein arriveerde, vermoedde vanachter het treinraampje al een levendige buurt. Juist aan de spoorkant verspringen de gevels van de woningen, als een visitekaartje voor waardige en vernieuwende sociale woningbouw.

Na enige aansporing van de opdrachtgever – zijn eerste twee voorstellen werden afge­wezen – presenteerde De Groot een speels ontwerp, met een bochtige, diagonale hoofdstraat die de wijk doorkruist. Al slen­terend door de straten lijkt de buurt de afgelopen honderd jaar nauwelijks aan rust en ruimte te hebben ingeboet. De straten zijn autoluw, buren keuvelen over de heg, en in het ovaalvorming plantsoen kan je nog steeds verpozen op een bankje onder een boom.

null Beeld Reyer Boxem
Beeld Reyer Boxem

Bij het ontwerp van de huizen buitte De Groot de mogelijkheden van baksteen uit: muizentandlijsten, uitkragingen op de hoeken en boven de vensters bogen met metselmozaïek. “Voor deze wijk ontwierp hij zestien verschillende patronen, elk woonblok heeft een ander motief”, zegt Tom Sandijck.

De tuinen werden oorspronkelijk van elkaar gescheiden door houten hekjes. “Maar het verhaal wil dat het hout tijdens de oorlog verdween in de kachel van de bestuursleden van de woningvereniging.” Nu dragen juist de ligusterhagen bij aan het architectonisch geheel.

“Halverwege de jaren zeventig waren er plannen om de Hollanderwijk af te breken om plaats te maken voor bedrijfspanden”, vertelt Sandijck. Bewoners kwamen in actie en wierpen daarbij – met succes – ook de architectuur van De Groot in de strijd. Dit voorbeeld van vroege sociale woningbouw lijkt voorlopig veiliggesteld; rond het honderdjarig bestaan van de Hollanderwijk werd als hommage aan De Groot een kunstwerk onthuld in het plantsoen. Inmiddels is de buurt rijksmonument én beschermd stadsgezicht. Sandijck: “Een dubbele zaligverklaring”.

Friese architect

Willem Cornelis de Groot (1853-1939) was rond 1900 een van de belangrijkste architecten in Friesland. Hij begon als timmerman, ging in de leer bij bouwkundige Douma en werd vervolgens zelfstandig architect. Aanvankelijk ontwierp hij met name gebouwen in neostijlen, maar vanaf de eeuwwisseling legde hij zich vooral toe op de Vernieuwingsstijl. Deze bouwstijl, die hij ook toepaste op arbeiderswoningen, vertoont overeenkomsten met art nouveau, maar is eenvoudiger. De Groot ontwierp ook stelpboerderijen, winkelhuizen en schuren, waarmee heeft hij invloed heeft gehad op de aanblik van steden en dorpen in heel Friesland.

Wandelroute

In het centrum vind je toonaangevende gebouwen van De Groot, zoals het Diakonessenhuis en de Julianavleugel van het Nieuw Sint Anthony Gasthuis. Voor de Oud-Indische buurt en de Saskiastraten loop je oostwaarts, de Hollanderwijk ligt pal ten zuiden van het station. Scan in deze laatste buurt de QR-code naast de voordeuren voor info over de bewonersgeschiedenis. Wandelen met een gids? Kijk op friesland.nl of historischcentrumleeuwarden.nl.

Lees ook:

Is wandelen wel zo duurzaam? Dat ligt maar net aan het pad onder je voeten

Lekker wandelen, duurzamer kan niet toch? Dat ligt maar net aan het pad onder je voeten. Veel aangelegde routes veroorzaken milieuschade. Maar het écht schone wandelpad komt eraan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden