ReizenNordfriesland

Oer-Hollandse taferelen aan de Duitse Waddenkust

null Beeld Bert Pots
Beeld Bert Pots

Aan de Duitse Waddenkust, vlak tegen de Deense grens, kom je als Groninger in eigen dialect een heel eind. Er is ook een oer-Hollands zeventiende-eeuws stadje, voor andere reizigers met heimwee.

‘Alleen kaal land, het zag er afgeleefd en afgebeuld uit.’ Schrijfster Dörte Hansen werkt duidelijk niet voor het toerismebureau van Nordfriesland, het stukje Duitsland aan de ­Waddenzee vlakbij de Deense grens.

Haar ook in Nederland succesvolle ­roman Middaguur (2018) speelt zich af ­tegen het decor van een ruig, winderig polderlandschap waar in de jaren zeventig van de vorige eeuw het verval inzette. Met de herverkaveling hebben de kleine boeren het afgelegd tegen de grote. Hoofdpersoon ­Ingwer vertrok naar universiteitsstad Kiel maar voelt zich daar verweesd.

Heiko bleef. Hij stijgt eenmaal per week boven zichzelf uit met zijn linedancegroep, op de klanken van countryklassieker ‘Achy breaky heart’: een hartverscheurend, mistroostig beeld in de dorpskroeg van Brinkebüll waar de buffelschedels aan de muur van kunsthars zijn en de glazen zo smoezelig dat de stamgasten liever bier uit een flesje bestellen.

Utrecht-Husum

Husum is aangesloten op het intercity-netwerk van Deutsche Bahn. Vanuit Utrecht duurt een treinreis acht à ­negen uur afhankelijk van het aantal overstappen. Tickets: NS International.

Brinkebüll bestaat niet. Maar Wobbenbüll wel, net als Schobüll en Hockensbüll. Je kunt ook met een veerboot oversteken naar een van de noordelijke Waddeneilanden, ­zoals Pellworm. Lekker vettige, gronderige namen die naadloos aansluiten op de sfeervolle, weerbarstige versie van Nordfriesland die Dörte Hansen – zelf afkomstig uit de streek – haar lezers voorschotelt.

Pittoresk wil het niet worden, daar is het te aards voor

Op een mooie zonnige dag valt het ­allemaal reuze mee. Er staat een stevig briesje maar het is droog. Er is inderdaad herverkaveld, maar lang niet overal. Het is een heel prettig landschap met verruigd weiland doorsneden door kreken, fantastische wolkenluchten en, met dank aan de Waddenzee aan de westkant en de Oostzee in het oosten, een ongewoon helder licht. Er staan veel boerderijen met bemoste rieten daken, maar pittoresk wil het toch niet worden, daar is het hier te aards voor.

Het strand van St. Peter-Ording. Beeld Colourbox
Het strand van St. Peter-Ording.Beeld Colourbox

Dat wil niet zeggen dat de bezoeker zich vijftig jaar teruggeworpen voelt in de tijd. Op sommige plekken rukken de windmolens in onwaarschijnlijke hoeveelheden op; logisch, met al die wind. Maar ook dat heeft zijn schoonheid. En de opgezette beesten, en geweien aan de muur in het hotel bij een poldersluis zijn wél echt, anders dan in de feestzaal van Brinkebüll.

En dan de taal! Moin, roept de eerste ­tegemoetkomende fietser. Het blijkt hier de standaardbegroeting. Moin, moin kan ook, daar kijken ze dan een beetje olijk bij. Die begroeting doet sterk denken aan het ‘moi’ (op zijn Nederlands uitgesproken, niet op zijn Frans) dat mijn verheugde reisgenoot nog kent uit zijn jongensjaren op het platteland van Groningen. Zoals de vele zinnen in plat-Duits in Hansens roman Middaguur voor hem een feest van herkenning ­waren.

Gronings in Nordfriesland? Jarich ­Hoekstra weet hoe dat zit. Hij is hoogleraar Friese talen in Kiel. Dörte Hansen heeft hier nog Fries gestudeerd, weet hij te vertellen. Nordfriesland, legt Hoekstra uit, werd in de middeleeuwen gekoloniseerd door Friezen, sinds ongeveer het jaar 700. Nog altijd spreken 10.000 van de 165.000 inwoners van Nordfriesland Fries. “Maar in een variant die u niet zult verstaan”, zegt hij tegen ondergetekende, zelf Friestalig.

Een plaquette in kraakhelder Nederlands

De Groningse reisgenoot komt mogelijk wat verder, want zijn taalfamilie is in Nordfriesland veel groter. Dat is de familie van het Plattdeutsch, dat zich met de opkomst van de Hanzesteden in de tweede helft van de Middeleeuwen verspreidde naar het ­noorden, ook naar Nordfriesland, en naar het oosten van Nederland, van Groningen zuidwaarts naar de Achterhoek. Het Plattdeutsch beslaat een waaier aan dialecten, waarvan de Noord-Nedersaksische ­varianten worden gesproken in een brede band van Groningen naar Nordfriesland.

null Beeld

Op de plaquette op de remonstrantse kerk in Friedrichstadt staat dan weer geen woord Fries of Plattdeutsch. Wel kraakhelder Nederlands: ‘Gebouwd in 1624, door de stichters dezer stad, uitgeweken uit Holland om der vrije godsdienst wille, genaamd remonstranten’.

Dit is de enige remonstrantse kerk buiten Nederland, gesticht voor remonstranten die in eigen land tweederangsburgers waren, maar hier in de zeventiende eeuw vrijheid van geloof vonden. Stichter hertog Frederik III van Sleeswijk-Holstein-Gottorp deed er alles aan om het de nieuwkomers – die hij wilde inschakelen voor de handel – naar de zin te maken. Met zijn trapgevels en grachtjes waan je je in een oer-Hollandse stad als Alkmaar, of Edam, maar dan in een knusse variant van tegenwoordig 2500 inwoners.

Het Theodor Storm Haus in Husum is een literair museum voor de dichter en schrijver Theodor Storm (1817-1888). Hij is een auteur van de post-Romantiek. In zijn 58 novelles spelen duistere krachten de hoofdrol. Zijn verhaalfiguren gaan in landschappen van ­venen, heidevelden en de alom aanwezige zee hun ­ondergang tegemoet.

Hij woonde van 1866 tot 1880 aan de Wasserzeile 31. Daar zijn foto’s en voorwerpen te zien uit de bezittingen van de schrijver en zijn vriendenkring. De werk- en de woonkamer zijn ingericht zoals ­tijdens zijn leven. Ook biedt het museum onderdak aan de bibliotheek en het archief van de Storm Society. Openingstijden: april-oktober, di. tot vrij. 14-17 uur, za. 11-17 uur; november-maart, di., do., en za. 14-17 uur. storm-gesellschaft.de

Gezelligheid is ook te vinden in vissersstad Husum, met zijn 23.000 inwoners de ­hoofdplaats van Nordfriesland. De haven, de terrassen, de straatjes en steegjes, het is­ ­allemaal op de schaal van dit gebied. En ook hier weer een lekker Noordzeebriesje.

Maar wie afreist naar dit hoekje Duitsland zal dat toch vooral doen vanwege de rust, de vogelreservaten, de vele dijken, de rustige polderwegen, de kwelders en Waddeneilanden. De fiets lijkt het aan­gewezen vervoermiddel, vanaf het station in Husum, in een goeddeels vlak maar meer landinwaarts wat heuvelachtiger landschap.

Al zal de vakantieganger het mogelijk net zo vergaan als de Groningse platte­landsjongeren, hemelsbreed tweehonderd kilometer naar het zuidwesten. ’s Ochtends naar school, ’s middags naar huis: altijd wind tegen.

Lees ook:

Veelzijdige architectuur op Rügen: betonnen schwung en een kolossaal nazi-mausoleum

Duitsland herdacht in 2019 100 jaar Bauhaus. Maar deze sobere, functionele bouwstijl wist het noordelijke Rügen nooit te bereiken. Daarom stond het Architectuurjaar 2019 in het teken van de eigen eilandarchitectuur.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden