WandelenRotterdam

Heijplaat was een oase voor arbeiders

Heijplaat, ontworpen door Amsterdamse School-architect Jan Baanders, was speciaal aangelegd voor de werknemers van de Rotterdamse Droogdok Maatschappij (RDM),Beeld Arie Kievit

Het Quarantaineterrein alleen al prikkelt juist nu de nieuwsgierigheid. Een bezoek aan havendorp Heijplaat, Rotterdam, in een nieuwe, tweewekelijkse reeks architectuurwandelingen.

Wat doe je als directeur van een afgelegen scheepswerf die zo moeilijk te bereiken is, dat het niet lukt voldoende arbeiders te vinden? Nou, dan laat je bij de werf een mooie groene woonwijk bouwen. Krijg dat nu nog maar eens voor elkaar, maar ruim honderd jaar geleden kon dat gewoon in Rotterdam. Op de Heijplaat, een landtong tussen de Eem- en Waalhaven, werd een ‘tuindorp’ uit de grond gestampt. In 1917 stonden er 311 huizen, een school, winkel, ‘bad- en ­waschinrichting’ en een zaal voor feesten en ­samenkomsten. Wat later kregen de gereformeerden, hervormden en katholieken ook nog een eigen kerk.

Als je nu rondloopt ‘op Heijplaat’ snap je waarom arbeiders tot uit Brabant en Zeeland toe, zich lieten verleiden om te gaan werken bij de RDM-werf, voluit Rotterdamse Droogdok Maatschappij. Als een groene oase van rust ontvouwt zich tuindorp Heijplaat aan het eind van de enige toegangsweg, die loopt door een landschap van havenkranen, opslagloodsen en zeecontainers. Directeur Marius Gerard de Gelder, de eerste directeur van de in 1902 opgerichte RDM, was een vooruitstrevende ondernemer, ook op sociaal gebied. Zijn werknemers gunde hij niet alleen een huis met tuin, maar ook een pensioenregeling en vrije zaterdagmiddag. Maar wie ergens anders ging werken, moest wel binnen zes weken verhuizen uit Heijplaat.

De Blauwe Poort waardoor de RDM-arbeiders naar hun werk gingen.Beeld Arie Kievit

Op een stille zondagmorgen parkeren we bij de voormalige RDM-werf, het beginpunt van een (architectuur)wandeling. Rotterdam staat bekend om zijn spraakmakende architectuur, maar om de drukte van de stad te mijden in deze coronatijd gaan we op zoek naar de meer verborgen pareltjes. De keuze valt op Heijplaat, omdat een rondje door dit havendorp goed te combineren is met een bezoek aan het Quarantaineterrein, dat alleen al vanwege de naam prikkelt om juist nu ontdekt te worden.

De glorie van de RDM, waar in de hoogtijdagen zevenduizend mensen werkten, straalt nog steeds af van de gebouwen van de werf, die na een eerder faillissement in 1996 definitief ten onder ging. Honderden schepen zijn er gebouwd, waaronder de legendarische Nieuw Amsterdam (1938) en SS Rotterdam (1958), vlaggeschepen van de Holland Amerika Lijn. Net als de arbeiders destijds lopen we het RDM-terrein op door de Blauwe Poort. Verschil moest er zijn, daarom was er naast de ingang voor de ‘blauwe boorden’ een aparte toegangspoort voor directie en kantoorpersoneel, de ‘witte boorden’. Na de ondergang van de werf liet het Havenbedrijf Rotterdam de leegstaande gebouwen renoveren. RDM – de letters staan voor Research, Design en Manufacturing – is nu een centrum van creatieve en innovatieve bedrijven en technische mbo- en hbo-opleidingen. In de onderzeebootloods worden tentoonstellingen gehouden. Als je door de gebrandschilderde ramen gluurt van de oude directievertrekken, die verhuurd worden voor congressen, zie je een glimp van de fraaie art deco-inrichting.

Zigzaggend door de aangrenzende woon­straten, genoemd naar schepen die op de werf zijn gebouwd, valt op hoeveel variatie architect Jan Baanders wist aan te brengen op de smalle, lange bouwstroken waar alle woningen even groot moesten zijn. Als architect van de Amsterdamse School voorzag hij gevels van sierlijke decoraties en patronen door ze te bekleden met hout of door bakstenen te laten uitspringen. Aan de verschillende kapconstructies en mooie erkers zie je af met hoeveel liefde en vakmanschap de huizen zijn ontworpen, tot en met de tuinmuurtjes. Het tuindorpgevoel is er nog op veel plekken, maar het sterkst in de Letostraat met zijn witgepleisterde huizen. Ook in het dorp moest er verschil zijn: de witte boorden woonden aan het ‘gouden randje’ in grotere, deels vrijstaande huizen.

Getuige het muziekpaviljoen werd er ‘op Heijplaat’ niet alleen gewerkt.Beeld Arie Kievit

Op Heijplaat, beschermd stadsgezicht, wonen amper nog mensen die gewerkt hebben bij de RDM. Met de teloorgang verdwenen ook de bakker en het verenigingsleven. De kerken verloren hun functie: twee zijn verbouwd, de derde is afgebrand. Met de komst van nieuwe bedrijvigheid en studenten keerde de levendigheid terug. Sinds kort is er weer een supermarkt, vertelt Aad Dorst (1956) die met echtgenote Elly Engelen (1955) aan het ‘gouden randje’ woont. Hun (overleden) vaders werkten hun hele leven op de werf, als ‘blauwe boorden’. Dorst: “Het is niet meer het dorp van onze jeugd, maar het dorpsgevoel is bewaard gebleven, net als de rust. Dat vind je nergens in Rotterdam.”

Nog intenser is de stilte op het Quarantaineterrein, op de naastgelegen landtong. In 1934 werd het aangelegd voor de opvang van zeelieden die besmet waren met een tro­pische ziekte. Het weelderig begroeide ­complex met onder meer een lijkenhuisje, isolatie- en ontsmettingsgebouw, zieken­barakken, zusterhuis en chloorhuisje is ­vrijwel intact. Ook de ligusterhagen, die deel uitmaakten van het strakke geometrische tuinontwerp, staan er nog. Zieke zeelui zijn er nooit opgevangen, door de opkomst van penicilline en de opening van het Haven­ziekenhuis in Rotterdam. Wel bivakkeerden in 1938 en ’39 Joodse vluchtelingen uit ­Oostenrijk en Duitsland in de bakstenen gebouwen. Na de oorlog verbleven er mensen met tyfus en met pokken besmette militairen uit Nederland-Indië. Van 1953 tot 1981 werden er bejaarde psychiatrische patiënten verzorgd.

Sindsdien is deze groene wildernis een vrijplaats voor kunstenaars. Het Havenbedrijf wil het Q-terrein, een rijksmonument, opknappen en de gebouwen verhuren voor creatieve beroepen. Ook zijn er plannen voor een hotel en congresruimte. Als je helemaal doorloopt op het overwoekerde pad naar de Nieuwe Maas, stuit je op nog een verborgen idylle: het enige natuurlijke zandstrand van Rotterdam, met uitzicht op het silhouet van de stad. Er zijn slechtere plekken denkbaar om in quarantaine te gaan.

Rondje Heijplaat

Heijplaat en het Quarantaineterrein zijn het beste lopend te ontdekken. Voor deze tocht maakten we gebruik van de wandelroute ‘Rondje Heijplaat’ van het Havenbedrijf Rotterdam (zie port­ofrotterdam.com).

Een wandeling alleen door Heijplaat is 3 km. De route van 4,5 km of 6,2 km brengt je ook naar het Quarantaine­terrein en tot het einde van de ­Heijplaatweg, een uitzichtpunt op de Nieuwe Maas en Rotterdam. Vanwege corona is het in oude luister herstelde café-restaurant Courzand – de voormalige feestzaal – gesloten. Voor proviand onderweg is er de buurtsuper aan de Victorieuxstraat.

Openbaar vervoer naar Heijplaat: RET-buslijn 68 vanaf bus/metrostation Rotterdam-Zuidplein. Vanuit het centrum van Rotterdam is de waterbus (lijn 18) aantrekke­lijker en sneller: ­opstappen bij de Erasmusbrug en een kwartier later sta je op de kade bij de RDM. De fiets mag mee aan boord. Onderweg zijn er twee stops: op ­Katendrecht en in de Sint Jobshaven. 

Lees ook:

Utrecht doet ’s nachts haast middeleeuws aan

Nu we niet met z’n allen naar dezelfde mooiste natuurgebieden moeten gaan, doen onze wandelende schrijvers het anders. Johan Nebbeling liep door slapend Utrecht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden