Reizen Verenigde Staten

Een roadtrip dwars door de VS: langs rode bergen, hete zoutvelden en hippiedorpen

Beeld Getty Images

In vier weken dwars door de Verenigde Staten, met de auto van Los Angeles naar New York. Een reis langs rode bergen, hete zoutvelden en hippiedorpen. Een filmisch feest der herkenning.

De weg slingert door het droge onherbergzame woestijnlandschap van de Mojavewoestijn. De benzinetank is vol en de kofferbak ligt bezaaid met flessen water. De hitte is intens. De thermometer stokt pas bij 118 Fahrenheit, bijna 48 Celsius. Die ochtend zijn we weggereden uit Los Angeles, na vier dagen Venice Beach. Een fijn, relaxt begin van de reis. Met een puber op stap betekent vanzelfsprekend ook een bezoek aan Universal Studios, de Walk of Fame in Hollywood en cheesecake bij The Cheesecake Factory. We rijden kilometers om door de drukke avondspits van L.A. om zo dicht mogelijk bij de beroemde witte Hollywoodletters te komen. Het kost uren, maar het wordt een belangrijk ‘Insta-moment’ en levert een blije dochter op.

De bergen kleuren rood bij de ondergaande zon, wij duiken het motelzwembad in

We slapen vannacht in Shoshone aan de rand van Death Valley, een woestijnachtig dal dat deel uitmaakt van het grote Bekken in de Mojavewoestijn. Het is een van de heetste plekken op aarde. Rond een uur of zes ’s avonds arriveren we in het dorp, dat uit niet veel meer bestaat dan een motel, een benzinepomp, een restaurant en een kruidenierswinkel. Terwijl de bergen rood kleuren bij de ondergaande zon, nemen wij een duik in het motelzwembad. Verkoelend is het niet, met een watertemperatuur die zo’n beetje gelijk is aan die van de lucht, maar het decor vergoedt alles. 

Om zeven uur ’s ochtends rijden we nationaal park Death Valley binnen. De eerste paar uur komen ons welgeteld twee tegenliggers tegemoet. De weg voert langs rotsen in allerlei kleurschakeringen, om verder te gaan door valleien van zand en lage struiken. Dan doemen de zoutvelden op en weten we dat we het laagste punt van Noord-Amerika naderen, badwater op 85,5 meter onder zeeniveau.

Venice Beach Beeld Annemieke Diekman

De thermometer is alweer flink opgelopen, maar we lopen toch even in de intense hitte naar de rand van de zoutvelden. Terwijl we daar staan, raken we overweldigd door de schoonheid van dit woestijngebied. Vanaf de bank thuis was Death Valley slechts de doorgangsroute naar Las Vegas. Volkomen onterecht blijkt nu. Na een kort bezoek aan Las Vegas, waar alle clichés worden bewaarheid, inclusief oude dametjes met handtassen vol fiches achter de fruitautomaat, rijden we naar de North Rim van de Grand Canyon. Een stuk moeilijker te bereiken dan de South Rim, waar volop accommodatie is, je met een helikopter de canyon in kunt en waar dus bijna alle toeristen neerstrijken, jaarlijks zo’n zes miljoen. Aan de noordkant slechts een berghotel uit begin vorige eeuw, waar wij logeren.

De volgende dag kijken we met een handjevol anderen uit over de imponerende canyon, waar heel diep beneden de Colorado valt te ontwaren.

We voelen ons nietig tussen de miljoenen jaren oude bergen 

Vandaag laven wij ons aan nog meer natuurschoon en lopen met een gids door de Lower Antilope Canyon, een zeer smalle kloof met rotsformaties in kleuren die uiteenlopen van basaltgrijs tot diep aarderood. Zelfs de dochter raakt er niet over uit gepraat en bestempelt dit natuurverschijnsel alvast tot het mooiste van de hele vakantie.

We naderen Utah, land van de rode bergen. Na een regenachtig bliksembezoek aan nationaal park Bryce Canyon rijden we dieper de ruige natuur van Utah in over smalle, vrijwel verlaten wegen. We voelen ons nietige wezens tussen deze miljoenen jaren oude machtige rode bergen die vlak voor onze bestemming Boulder verrassend veranderen in een lichtgele kleur.

Dan is het tijd voor Monument Valley, waar de staten Utah, Arizona, Colorado en New Mexico bij elkaar komen. Op de klanken van Ennio Morricone hobbelen we offroad tussen de ‘monumenten’ door. De zon zakt en zorgt voor een adembenemend schouwspel, terwijl elk moment ‘Harmonica’ (Charles Bronson in Once Upon a Time in the West) de hoek om kan komen.

Death Valley Beeld Colourbox

Terwijl ‘Born to Be Wild’ uit de boxen schalt, rijden we via de oude stalen boogbrug over de Rio Grande het volgende filmdecor in. Dat van ‘Easy Rider’ in Taos, in het noorden van New Mexico. We verblijven drie dagen in dit hippie-chique dorp met zijn prettige laissez-faire sfeer. ’s Avonds kijken we vanuit de hottub achter onze casita naar de met sterren bezaaide hemel.

De dagen die volgen over de Interstate-40 zijn landschappelijk niet de interessantste, wel krijgen we een beter beeld van doorsnee Amerika. Kleine dorpjes met maar liefst zeven kerken én een casino langs de doorgaande weg, afgewisseld met de bekende strips vol winkels en fastfoodketens. Op de parkeerplaats van de Walmart treffen we een gezin dat leeft in de achterbak van hun pick-up. We zien verwaarloosde trailerparken, maar ook welvarende boeren. Grappig is het verkeersbord ‘Be aware: hitchhikers might be escaped inmates’, dat doet denken aan een scène uit ‘O Brother, Where Art Thou?’ van the Coen Brothers.

Eten onderweg

Goed eten is niet altijd makkelijk tijdens deze reis. Toch valt er tussen de vele fastfoodketens best wat te vinden. In Boulder, in een uithoek van Utah, kun je bij de Hell’s Backbone Grill geweldig dineren. Twee voormalige raft-gidsen in de Grand Canyon koken hier de sterren van de hemel op basis van lokale producten. We proeven elk sirloin (elandsteak), salade met geroosterde perziken en bloemetjes uit eigen tuin en boterzachte in citroensap en karnemelk gegaarde kippenborst. Ook The Drunken Oyster (Cajun seafood) in Amarillo, Texas en Gus in Memphis (‘best fried chicken of the country’) zijn een omweg waard.

In Memphis draait alles om de muziek

In Memphis draait alles om de muziek. Elvis Presley, vroeger thuis het idool van mijn oudste broer, heb ik veel gedraaid. Nu op driekwart van de reis, is Elvis’ afspeellijst zo vaak voorbijgekomen dat ook de dochter nieuwsgierig wordt naar deze muziekheld uit de jaren zestig. We dompelen ons onder in Graceland, waar we op strak georganiseerde Amerikaanse wijze doorheen worden geleid en bezoeken Sun Studio, de bakermat van de rock-’n-roll. Hier nam Elvis in 1953 op eigen kosten de single ‘My Happiness’ op ter ere van zijn moeders verjaardag, waarna studio-eigenaar Sam Philips – op zoek naar een blanke blueszanger – hem via secretaresse Marion Keisker, ontdekte.

Het graf van Elvis op Graceland. Beeld AFP

Na Memphis wordt het allengs groener. Via de Great Smokey mountains bereiken we de Blue Ridge mountains, ja van het nummer Country Roads van John Denver. Man en dochter vliegen hier in een parcours van lange, snelle zip lines over de blauwe bergen. Verder blijkt het de streek van de kleine lokale bierbrouwerijen, waarvan we er een in het dorpje Murphy met succes uitproberen.

Dan is daar Washington. Naast de interessante monumenten – goed per fiets te doen – een stad met veel groen, leuke horeca, mooie oude huizen (Georgetown) en gezellige wijken waar de criminaliteit nog niet zo lang geleden is vertrokken, maar die in rap tempo worden opgeknapt, zoals Adam’s Morgan.

Dan lonkt New York. Mooi om na al die mijlen dwars door dit immense land de bekende skyline te zien opdoemen. Via de Hollandtunnel, gebouwd in 1927 en bekleed met ouderwetse witte tegeltjes, duiken we diep onder de Hudson. Als we er weer uitrijden staan we midden op Manhattan. 

Reisreportages vanuit bijzondere bestemmingen, boeiende steden en verre streken, met reistips. U vindt ze op trouw.nl/reizen of op deze kaart. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden