WandelenHaagse architectuur

De architectuur van de macht gaf de stad een nieuw aanzien

De skyline van Den Haag in 2019, gezien vanaf het Plein.  Van links naar rechts zijn onder meer te zien de Zurichtoren (Algemene Bestuursdienst), Hoftoren (Onderwijs), De Resident (Volksgezondheid, Sociale Zaken) en de JuBi-torens (Justitie, Binnenlandse Zaken). Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz
De skyline van Den Haag in 2019, gezien vanaf het Plein. Van links naar rechts zijn onder meer te zien de Zurichtoren (Algemene Bestuursdienst), Hoftoren (Onderwijs), De Resident (Volksgezondheid, Sociale Zaken) en de JuBi-torens (Justitie, Binnenlandse Zaken).Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz

Tot in de jaren negentig mocht in Den Haag niet hoger dan 70 meter worden gebouwd. Daarna gaven vooral de ministeries de stad een nieuw silhouet. Een wandeling langs de ‘Haagse tieten’ en andere torens van de macht.

Het Binnenhof in Den Haag met de Ridderzaal en het Torentje aan de Hofvijver, waar premier Mark Rutte zijn werkkamer heeft, kennen we wel. Met de verkiezingen in zicht willen we ook weleens zien hoe de andere ministers erbij zitten. In wat voor gebouwen werken ze en wat stralen die uit?

Na verhuizingen, stoelendansen met overheidsgebouwen en verbouwingen zitten de meeste ministeries sinds enkele jaren dichtbij elkaar in het centrum, op een oppervlak van een paar vierkante kilometer. Qua afstand is het een korte route, maar onze gids Marcel Teunissen slaat in zijn enthousiasme ook zijpaden in naar andere gebouwen ‘van de macht’ en weet zo veel te vertellen, dat er zo drie uur voorbij vliegen. Teunissen is architectuurhistoricus en een ‘echte Hagenees’. Hij schreef boeken over de architectuur(geschiedenis) van zijn stad, is docent aan de TU Delft en architectuurgids.

Dominante gebouwen

We beginnen bij station Den Haag Centraal. Daar rijgen de ministeries zich meteen al aaneen. Met de rug naar het station somt Teunissen ze op. In het gebouw links zat het oude ministerie van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieu (Vrom), nu zetelen daar Buitenlandse Zaken en Infrastructuur en Waterstaat. Daarachter doemen de nieuwe ‘JuBi-torens’ op van Justitie en Veiligheid en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Wat meer naar rechts staan de Hoftoren, het domein van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, en gebouw De Resident, dat wordt gedeeld door Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Sociale Zaken en Werkgelegenheid. We gaan ze nog van dichtbij bekijken, maar de moderniteit spat eraf met als uitschieter de twee puntdaken op De Resident, in de volksmond de ‘Haagse tieten’. Hoge, dominante gebouwen zijn het, bepalend voor het silhouet van Den Haag. Je moet meteen denken aan die hoge bomen in de spreekwoordelijke wind.

null Beeld
Beeld

De tijd dat ministeries traditionalistische bouwwerken waren met klassieke zuilen en beeldengroepen, ligt ver achter ons. In de jaren zeventig van de afgelopen eeuw ging het roer om. Moderniteit en transparantie – veel glas – werden de nieuwe criteria. Hoogbouw mocht toen nog niet in de Hofstad, vertelt Teunissen. De hoogtegrens lag tot in de jaren negentig bij 70 meter en daar hadden architecten het soms moeilijk mee.

Even een zijpaadje: aan de ‘achterkant’ van het station zie je in de verte de over de Utrechtsebaan gebouwde Malietoren (1995), de zetel van werkgeversorganisatie VNO-NCW. Benthem Crouwel Architecten had een toren ontworpen van 114 meter, maar boze buurtbewoners beriepen zich met succes op de hoogtelimiet. De architecten ‘knipten’ daarop een stuk van de toren, inclusief het geplande hotel, wat de enigszins plompe maar ook intrigerende vorm verklaart.

Skyline

Niet veel later werd de hoogtelimiet alsnog doorbroken, onder meer met het gebouw Castalia met de twee opvallende puntdaken van 114 meter voor het ministerie van VWS. Het is een ontwerp van de Amerikaan Michael Graves. Met het puntvormige silhouet van een reusachtig dubbel ‘Hollands huis’ kreeg Den Haag voor het eerst een skyline van betekenis. Castalia is gebouwd op het gestripte 70 meter hoge Transitorium-gebouw uit 1967. Het is verbonden met een lager gebouw (Helicon) van drie 57 meter hoge, trapvormige baksteen schijven, een ontwerp van Sjoerd Soeters, dat een tramlijn overkluist. Sinds de komst van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in 2016 wordt dit complex De Resident genoemd.

De Hoge Raad der Nederlanden  Beeld ROBIN UTRECHT
De Hoge Raad der NederlandenBeeld ROBIN UTRECHT

Tussen Castalia en Helicon lag aanvankelijk een wat donker plein, maar de architecten van Cepezed maakten daar in 2016 een atrium. Het is een aanrader om er doorheen te wandelen, omdat je daar goed zicht hebt op de architectuur van Graves aan de ene kant en van Soeters aan de andere kant: buitengevels werden binnengevels ter hoogte van het atrium. Waar steeds een rij ramen geblindeerd lijkt, lopen de vloeren van het voormalige Transitorium-gebouw. Graves koos voor deze oplossing, weet Teunissen, omdat de ramen anders te poppenhuisachtig zouden worden. Sjoerd Soeters liet een opmerkelijk visitekaartje achter in de kopgevels boven de trampoort: de contouren in aluminium van het Chrysler Building (in het echt 319 meter hoog) in New York. Met dit statement wrijft de architect er nog eens in dat hij ook een wolkenkrabber had willen bouwen, maar zich aan banden zag gelegd door de beperkte hoogte van woongebouw de Zwarte Madonna, dat in 2008 werd ­gesloopt om plaats te maken voor de JuBi-­torens en woongebouw De Kroon.

De Duitse architect Hans Kollhoff mocht dat dus wel met de aan de Turfmarkt verbonden rode en witte JuBi-torens (2013). Hij liet zich voor de 146,5 m hoge torens – de hoogste van Den Haag – inspireren door de eerste wolkenkrabbers in Chicago en de art deco. Iets minder hoog is de Hoftoren van 142 meter en aangrenzende laagbouw van 53 meter rond een hof, een ontwerp van Kohn Pedersen Fox Associates uit New York. Vanwege het openkrullende hoogste deel wordt de toren ook wel vulpen, patatzak en skischans genoemd.

Hoogstandjes

Architectonisch het meest interessant is toch wel het oude Vrom-gebouw, dat in 1992 niet alleen een van de eerste atriumgebouwen van Nederland was, maar ook een duurzaam icoon en toonbeeld van compact bouwen. Architect Jan Hoogstad had dan ook grote moeite met de verbouwing onder leiding van architect Ellen van Loon van Oma, waartoe tien jaar geleden werd besloten, al schaarde hij zich later achter haar ontwerp.

Nog zo’n architectonisch hoogstandje is het ministerie van financiën aan het Korte Voorhout. Het brutalistische bastion met ­gevels van onbehandeld beton van rijksbouwmeester Jo Vegter kreeg echter veel kritiek bij de oplevering in 1976. In 2008 maakte het architectenduo Meyer en Van Schooten er een verrassend open gebouw van met glazen gevels en kleurrijke details. De afgesloten grote binnentuin van Mien Ruys werd een openbaar plein. Aan de overkant van de straat staat ook een pareltje van bouwkunst: het lichtvoetige gebouw van de Hoge Raad (2016) van architect Kees Kaan. Het past in een wandeling langs de architectuur van de trias politica, waarvan de rechterlijke macht een van de drie pijlers is.

Het Haagse stadhuis heeft de bijnaam 'IJspaleis'.  Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz
Het Haagse stadhuis heeft de bijnaam 'IJspaleis'.Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz

En dan op naar het Binnenhof met de Eerste en Tweede Kamer en een deel van de Raad van State. Het ligt aan het Plein, een symbolische plek voor de macht van het ­(demonstrerende) volk, maar nu is het er ­coronastil. Ooit was dit plein de moes- en siertuin bij het kasteel dat de Hollandse graven in de dertiende eeuw op het Binnenhof bouwden. Het enige ministerie dat nog altijd op het Binnenhof zit is dat van algemene zaken.

Via het ministerie van defensie, waarvan het oudste deel al 200 jaar zetelt aan het Plein, en het perscentrum Nieuwspoort lopen we door de Bagijnestraat naar het blinkend witte stadhuis van Richard Meier. Dat wil Teunissen als besluit nog graag in deze wandeling ‘smokkelen’. Het symboliseert de macht van de lokale politiek die dit dure ontwerp verkoos, maar ook in zekere mate de onmacht: het kostte twee wethouders de kop en stortte de stad in een financieel moeras. Maar voor Teunissen en met hem vele Hagenaars was het van meet af aan hun huiskamer. En natuurlijk kreeg het ook een bijnaam: het IJspaleis.

Meer plekken van de macht zien?

• De ‘Apenrots’ (1985), Bezuidenhoutseweg 67. Het voormalige ministerie van buitenlandse zaken dankt zijn bijnaam aan de rotsachtige vorm en de naam van de architect, Dick Apon. Na jarenlang bakkeleien ziet het ernaar uit dat de Eerste en Tweede Kamer erin trekken tijdens de renovatie van het Binnenhof.

• Het voormalige ­ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid (1991), ­Anna van Hannoverstraat 4, wordt bedreigd met sloop. Het complex met zestien geschakelde achthoekige kantoortorens wordt ­gezien als het structuralistische hoogtepunt in het werk van architect Herman Hertzberger.

De route

Station Den Haag Centraal is het begin- en eindpunt van deze wandeling. Over een afstand van drie tot vier kilometer staan hier vrijwel alle belangrijke gebouwen van de trias politica. De ministeries van economische zaken en klimaat en van landbouw, natuur en voedselkwaliteit (Bezuidenhoutseweg 73) lagen buiten ­onze route.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden