Gevangenen in een Sovjet-goelag, 1945.  Beeld Getty Images
Gevangenen in een Sovjet-goelag, 1945.Beeld Getty Images

BoekrecensieMemoir

Menselijkheid en morele waardigheid in een goelag: een betekenisvol memoir

Nuchter en precies tekende de Poolse filosoof Barbara Skarga haar ervaringen in het strafkamp op.

Gerdien Verschoor

Wat kan ze voor nieuws vertellen, wie kan ze waarvan overtuigen? Die vragen stelt de Poolse Barbara Skarga zich aan het begin van Na de ­bevrijding. Moet dit boek wel geschreven worden? Ja, dat moet, en ze neemt de pen op, al schrijft ze met verdriet en komen door het schrijven over de goelag haar nachtmerries terug. Dan moet ze haar manuscript opbergen, soms een jaar lang. Maar iedere keer vat ze toch de moed weer op: herinneren is een plicht. Want ‘er zijn nu eenmaal dingen die niet enkel het bewaren waard zijn. Men zou er zo luid over moeten schreeuwen dat iedereen het geschreeuw kan horen.’

En schreeuwen doet ze, al heeft ze soms ook een nuchtere, afstandelijke toon en schrijft ze ingetogen en precies.

200.000 Polen naar het oosten gedeporteerd

Barbara Skarga (1919-2009) werd in Warschau geboren in de protestantse landadel. Voor de oorlog studeerde ze telecommunicatie en later filosofie in Vilnius, een studie die ze moest afbreken toen de Tweede Wereldoorlog begon. Ze sluit zich als koerierster aan bij het Poolse binnenlandse leger Armia Krajowa, de voornaamste verzetsbeweging in bezet Polen.

In september 1944 wordt ze door het Rode Leger gearresteerd en beschuldigd van fascisme en hoogverraad. Ze zit vast in de beruchte Lukiskésgevangenis in Vilnius en wordt vanaf 1946 meer dan acht jaar geïnterneerd in verschillende goelags. Daar werkt ze in een ziekenhuis, in een steenfabriek, aan een spoorlijn. Ze deelt het lot van honderdduizenden landgenoten; naar schatting zijn er in de jaren 1944-1946 minstens 200.000 Polen naar het oosten gedeporteerd.

Als Skarga haar straf van tien jaar heeft uitgezeten, mag ze de goelag verlaten. Ze wordt tewerkgesteld op een kolchoz bij Petropavlovsk in het uiterste oosten van de Sovjet-Unie. In december 1955, bijna twee jaar na de dood van Stalin, krijgt ze eindelijk toestemming om naar Polen terug te keren. Daar voltooit ze haar studie filosofie en ontwikkelt zich tot een van Polens meest vooraanstaande filosofen.

Een terugkerend thema in haar geschriften is verdediging van de menselijke waardigheid. ‘Liefde voor het intensieve denken’, dat is volgens Skarga de kortste definitie van filosofie. Van die liefde getuigt Na de bevrijding.

Ja, zelfs de liefde

Skarga groepeerde haar aantekeningen rond thema’s als het dagelijks leven, het hospitaal, het werk, de liefde. Ja, zelfs de liefde! Ook Skarga kende haar coup de foudre in het kamp, waarvan ze ons in enkele woorden deelgenoot maakt.

In meanderende vertellingen, die een fascinerende mengeling vormen van memoir, essay, filosofische reflectie en historische ­verhandeling, beschrijft ze de omstandigheden, de honger, het vuil, de kamphiërarchie, de dwangarbeid, het geweld en de absurditeiten.

Een aantal van haar medegevangenen krijgt een eigen verhaal: de mezzosopraan Maryna A. die af en toe de ‘zone’ mocht verlaten om in het plaatselijke theater de sterren van de hemel te zingen; de als meisje geboren Sofia alias Sergej die als een man in het vrouwenkamp woonde; de stervende Janek, de ‘kleine, vergeten soldaat van het AK’.

Aangrijpend is Skarga’s vrouwelijk perspectief: het stoppen met menstrueren of juist de schrik van wel menstrueren zonder katoenen lappen, het borduren van ‘liefdeszakjes’ voor mannelijke gevangenen, de saaie kampkleding met een enkele naald en draad vermaken tot ‘haute couture’. Maar ook de angst voor de verkrachtingen en de noodzaak een kampechtgenoot te nemen om beschermd te zijn waren onderdeel van het kampleven van de vrouwen.

Welke literaire vorm Skarga ook kiest voor haar vertellingen, zelf blijft ze toeschouwer. Het gaat haar niet om haar eigen lot maar om iets groters: ze wil ons inzicht geven in het Sovjet-systeem waarbinnen de misdaden die ze beschrijft plaatsvinden. In het kamp is geen ‘weegschaal van de woorden’, is de kern van haar boek. Woorden hebben de kracht om de dingen te veranderen en daarom zijn medegevangenen vertrokken en niet gestorven, dient een heropvoedingswerkkamp voor het onder dwang uitvoeren van de meest nutteloze werkzaamheden, zijn de machthebbers de goede herders. Iedere Sovjet-gevangene woont in een universum dat door leugens is geschapen.

Gevangenisziekte

Daar tegenover stelt Skarga haar eigen wereld van menselijkheid en morele waardigheid. Ze blijft onder alle omstandigheden zoeken naar wat haar morele kracht kan voeden, zodat ze niet ten prooi valt aan wat ze de gevangenisziekte noemt: het verlies van het ‘ik’.

Werk diende ter vernedering, dus zij koesterde haar werk als iets waardevols en daarmee werd het een vorm van protest. ‘Misschien stond die baksteen ons toe om een restje menselijke waardigheid te behouden?’

Ook spot, humor en ironie zijn haar kracht, een toon die in het hele boek te voelen is, ‘omdat spot soms scherper ziet en duidelijker tekent dan bittere ernst’. Tegelijkertijd beschrijft ze stil en ernstig die zeldzame momenten dat ze in de verte een stad ziet, een landschap, de schoonheid van de sterrennacht. Onder alle omstandigheden weet Skarga zich te verbinden met iets dat groter is dan zijzelf en ook dat maakt dit boek zo bijzonder en waardevol.

Eind 1955, na een reis van elf dagen, arriveert trein 517 in Medyka, een stadje op de grens van de Sovjet-Unie en Polen. Aan boord meer dan vierhonderd Poolse repatrianten uit de goelag, onder wie Barbara Skarga.

Bij datzelfde Medyka zagen we dit voorjaar duizenden Oekraïense vluchtelingen oversteken naar Polen. De parallellen van Na de bevrijding met het heden zijn glashelder, benadrukt de Belgisch-Poolse filosofe Alicja Gescinska in haar voorwoord. De Russische retoriek over de noodzaak om het buurland te bevrijden van fascisten, mensen die op treinen oostwaarts worden gezet, honger als wapen, deportaties die evacuaties worden genoemd, schijnverkiezingen.

Maar ook zonder die actualiteit is Na de bevrijding een betekenisvolle memoir met een krachtige boodschap: hoe mens te blijven in verschrikkelijke omstandigheden.

null Beeld

Barbara Skarga
Na de bevrijding
Aantekeningen over de goelag, 1944-1956
Vert. Steven Lepez
De Bezige Bij; 432 blz. € 34,99

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden