BoekrecensieRoman

Man wordt rat en dat vraagt wat inschikkelijkheid

Zoon van Letse immigranten vertelt vanuit de gevangenis zijn verhaal, dat begint in Amsterdam.

Het is alweer even geleden, maar velen zullen zich Pieter Waterdrinker nog wel herinneren als de bevlogen spraakwaterval met de bourgondische uitstraling in het VPRO-programma ‘Zomergasten’. De boodschap van zijn verhaal was dat wij meer moeite moesten doen om Rusland te begrijpen, maar hij bracht die boodschap met honderd zijpaden, even boeiend als verwarrend. Waterdrinker is een verteller die alles met alles weet te verbinden, of hij nou spreekt of schrijft. In 2018 brak hij verrassend door bij het grote publiek met ‘Tsjaikovskistraat 40’, een verzameling ­autobiografische schetsen over zijn leven in Rusland met vrouw en drie katten, hoewel het natuurlijk over meer ging, want als je Waterdrinker leest krijg je de héle Waterdrinker: een swingend en bomvol verhaal. Van de Hollandse kaalheid houdt hij niet: “Klein, geserreerd, met nooit een woord te veel. Wát een literatuur”, schrijft hij sarcastisch in ‘Tsjaikovskistraat 40’.

Dat is niet anders in zijn nieuwe, lijvige roman ‘De rat van Amsterdam’. Ook hier gaat hij meteen vol op het orgel: “God beware ons voor de romannetjes! Voor het maandverbandproza, het eliteproza, het boerenzonen- en dochterproza, het feministenproza …” enzovoort. Tja, bij Waterdrinker is minder minder en meer meer. De patatzak op het omslag is niet alleen een beeld van ons Hollandse ‘bloembollenkoninkrijk’ waar Waterdrinker graag tegen ­tekeergaat, maar het vat ook de overtuiging van de schrijver samen: vet en overdadig mág.

De rat van Amsterdam is Ruben Katz, zoon van Letse ­immigranten. Vanuit de gevangenis vertelt hij zijn verhaal, dat begint met de verhuizing van het gezin Katz uit Riga naar Nederland, en ruim dertig jaar later eindigt met een noodlottig ongeval op het dichtgevroren Baikalmeer in Siberië. Ruben schrijft in zijn cel alles op in Hema-schriftjes. Zijn breed uitwaaierende verhaal kent grofweg drie episoden: Rubens middelbareschooltijd in Amsterdam, de tijd dat hij werkt voor de Nationale Armenloterij, en zijn avonturen met het ‘Siberisch Front’, een bont gezelschap Europeanen dat door Rusland reist, doordrongen van het vreemde idee dat Rusland de ideale bondgenoot is in de strijd tegen China. Als rode draad door de drie episoden loopt Rubens obsessieve liefde voor Phaedra, oud-klasgenoot en dochter van de steenrijke directeur van Nationale Armenloterij – een niet mis te verstane persiflage op de Postcodeloterij.

De loterij is niets anders dan een rattenhol

De eerste episode is de meest geslaagde van de roman. ­Water­drinker zet de problemen van het immigrantengezin scherp en invoelbaar neer. Moeder komt de dood van haar dochtertje niet te boven, vader is germanist maar moet met laagbetaalde baantjes genoegen nemen en Ruben zelf is een puisterige hunkeraar, intelligent en eenzaam. In het tweede deel wordt hij een rat – een metamorfose die zich wanneer hij dat maar wenst ook fysiek voltrekt en die wel wat vraagt van de inschikkelijkheid van de lezer.

Die hele loterij is niets anders dan een rattenhol, een geldmachine voor de stinkend rijke bazen. De schrijver hamert het er goed in: de kampioenen van de liefdadigheid zijn stuk voor stuk ordinaire zakkenvullers. Ruben is een echte Waterdrinker-protagonist: een handige laagvlieger, een opportunist, een meeloper uit lijfsbehoud. Hij speelt het spel mee zonder er ooit bij te horen. Waterdrinkers stijl is zwierig en overdadig, op een aantrekkelijk, toegankelijke manier. Zijn toon is licht, soms bijtend satirisch.

Van vergelijkingen zoals ‘mozzarellableke lijf’ en ‘bakstenen koelte’ moet je houden, maar origineel en beeldend zijn ze wel. Soms gaat het mis: bij ‘een orgie van poezen’ kan ik me niet veel voorstellen en verderop zijn er ook nog orgieën van cadeautjes, zeep-­flacons en seksspeeltjes. In het deel dat zich in Rusland ­afspeelt, sloeg bij mij de verveling toe. De uitweidingen werden mij te willekeurig. De verwikkelingen rond de stoet ‘idealisten’ die zich elke reisdag opnieuw klem zuipen vond ik vrij saai, tot het verhaal ineens venijnig snel naar de voltooiing rept, in een goedgeschreven scène waarin je de Siberische vrieskou op je huid voelt.

Het probleem is: je voelt die kou wel, maar de pijn van de personages niet. Dat Ruben Katz na de sterke jeugdscènes als personage eerder oppervlakkiger dan gelaagder wordt, is een tekortkoming van deze roman, die als inktzwarte tragikomedie desondanks bewondering afdwingt. Waterdrinker blinkt uit in de cynische tirades tegen een onwelriekende wereld. Maar als hij zijn wereld alleen nog maar bevolkt met ratten en idioten, geloof je het tenslotte wel.

Oordeel: Bomvol verhaal blinkt uit in cynische tirades

Pieter Waterdrinker
De rat van Amsterdam
Nijgh & Van Ditmar; 590 blz. € 26,99

Lees ook:

Pieter Waterdrinker was een waterval; aan Abbring om hem in te dammen

Een rasverteller of een kletskous, schrijver Pieter Waterdrinker was beide in ‘Zomergasten’ gisteravond. Presentator Janine Abbring moest werken om hem bij het onderwerp te houden, maar soms ging er een wereld open.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden