null Beeld

BoekrecensieFilosofie

Kunst en porno gaan prima samen - graag zelfs

Petra Van Brabandt en Hans Maes
Kunst of pornografie? Een filosofische verkenning
ASP; 206 blz. € 21,95
★★★★

De schrijvers

Hans Maes is directeur van het Aesthetics Research Centre van de Universiteit van Kent, waar hij kunstfilosofie doceert. Hij publiceerde eerder Wat is sexy? (2019). Petra Van Brabandt is filosoof en docent cultuurkritiek aan Sint-Lucas Antwerpen.

De problematiek

Vaak zijn mensen geschokt als ze geconfronteerd worden met seks in kunstwerken. Denk aan de naakte jonge meisjes van Egon Schiele of aan Paul McCarty’s Kabouter met anale plug in Rotterdam. ‘Kan kunst iets zijn dat ons seksueel opwindt?’, vragen de auteurs zich af. Kunstfilosofen als Jerrold Levinson en Roger Scruton menen dat kunst en pornografie elkaar uitsluiten, maar Maes en Van Brabandt argumenteren dat kunst en pornografie verzoenbaar zijn.

De voorgeschiedenis

Veel filosofen maken een onderscheid tussen kunst en porno, op basis van vier criteria: (1) de inhoud (kunst is suggestief, pornografische beelden zijn expliciet), (2) de morele waarde (porno vernedert en objectiveert vrouwen, kunst niet), (3) de artistieke kwaliteit (kunst is verrassend, porno is voorspelbaar) en (4) de beoogde reacties (kunst is gericht op contemplatie, porno op lust).

De kritieken

Vraag is of kunstwerken - zoals afgebeeld in het boek - per definitie moreel hoogstaand zijn. Zo is het genre van het vrouwelijk naakt problematisch. Dergelijke kunstwerken roepen de ‘mannelijke blik’ (male gaze) op: ze nodigen de kijker uit om de positie van de heteroseksuele man in te nemen. Zo worden vrouwen liggend voorgesteld (Delacroix’ Odalisque liggend op een divan). Of ze worden naakt afgebeeld naast aangeklede mannen (Manets Déjeuner sur l’herbe). Tal van kunstwerken beelden seksueel geweld uit, zoals Susanna en de ouderlingen van Tintoretto. Omdat Susanna als mooi wordt afgebeeld, ervaart de kijker het geweld van de bespiedende ouderlingen als onproblematisch, terwijl het beeld ons net uitnodigt de positie van de geweldenaar in te nemen. Nog een andere methode is om vrouwen zonder hoofd af te beelden en op de genitale zone in te zoomen, zoals in L’Origine du monde van Courbet.

De eigen stellingen

De auteurs argumenteren dat de afbakening tussen kunst en porno op basis van de genoemde criteria onmogelijk is. Ze pakken ook de invloedrijke theorie van Jerrold Levinson aan. Die betoogt dat kunst een reactie oproept die aandacht heeft voor de vorm en het medium (een esthetische ervaring, die opaak blijft), terwijl porno een reactie oproept die geen aandacht kan hebben voor het medium (een ervaring van opwinding, die volledig transparant is). Maes en Van Brabandt repliceren dat beide reacties mogelijk zijn op verschillende momenten, bij verschillende publieken of op verschillende delen van het kunstwerk. De auteurs hanteren zelf de clustertheorie, die aangeeft welke kenmerken toelaten iets te identificeren als kunst: ‘behoren tot een algemeen erkend artistiek medium’, ‘opvallende esthetische eigenschappen hebben’, ‘ontsproten zijn aan de creatieve verbeelding’, ‘met kunde gemaakt zijn’, ‘een complexe betekenis hebben’ en ‘ons emotioneel beroeren’. Merkwaardig genoeg zijn veel van die kenmerken ook van toepassing op porno, aldus de auteurs.

De voorbeelden

Wie wil aantonen dat kunst en porno elkaar niet uitsluiten, moet op zoek naar pornografische kunstwerken. De auteurs kennen er nogal wat, al blijft het overgrote deel van de pornografische kunst schatplichtig aan de misogyne kunsthistorische traditie van het vrouwelijk naakt. Toch zijn er ook voorbeelden van een ander soort kunst-porno. Je Tu Il Elle van Chantal Akerman, bijvoorbeeld. Of Between the waves van Tejal Shah, een werk dat veraf blijft van het ‘willen bezitten’ van een seksueel object. De auteurs vinden dat art-house films meer zouden moeten experimenteren met porno: ‘seks is te belangrijk om over te laten aan de seksindustrie’.

Redenen om dit boek te lezen

De auteurs bekritiseren zonder aarzeling toonaangevende esthetische theorieën. Ook hebben ze een uitgesproken kijk op het genre van het vrouwelijk naakt in de westerse kunst. Als alternatief tonen ze pornografische kunstwerken die meer emancipatorisch functioneren. Het boek is overigens merkwaardig coherent voor een werk van twee auteurs.

Redenen om dit boek niet te lezen

Het boek werkt net iets te veel met definities die dan weer bekritiseerd en ontkracht worden om soepel te lezen. Een storend schoonheidsfoutje is dat sommige kunstwerken onder hun originele titel vermeld worden en andere ‘in vertaling’. Zo spreken de auteurs over Ingres’ La grande odalisque, maar over Courbets De oorsprong van de wereld, terwijl het laatste kunstwerk bekender is onder zijn Franse titel.

Lees ook:

Musea, laat zien die viezigheid

Kunsthistorica en Trouwmedewerkster Joke de Wolf keerde zich in 2018 tegen de trend om ‘aanstootgevende’ werken uit museale collecties te weren. ‘Musea zijn er om alle kunst te tonen, óók seksueel grensoverschrijdende. Laat het morele oordeel over aan het publiek.’

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden