Jaren van oorlog door kinderogen

Ooggetuigen vertellen nog onverwachte verschrikkingen over de Tweede Wereldoorlog in het nieuwe boek van Sytze van der Zee.

Als de buurman een kippenhok timmert, wil hij kippen houden. Een land dat zich zo bewapent, wil die wapens ook gebruiken.” Mia Lelivelt uit Lichtenvoorde was een jaar of 10 toen een van haar Duitse ooms haar vader halverwege de jaren dertig waarschuwde: Hitler was uit op oorlog en ‘er zal nog eens een tijd komen dat wij Duitsers ons zullen schamen’. Een paar jaar later zaten vader en dochter Lelivelt tot over hun oren in het verzet. Hij werd in 1944 verraden en gefusilleerd. Zij overleefde.

Lelivelt is een van de tachtig mensen die journalist en auteur Sytze van der Zee interviewde over hun herinneringen aan de Tweede We­reldoorlog. Mannen en vrouwen die de eerste Wehrmachtsoldaten zagen binnenmarcheren, van de ene op de andere dag hun vader of moeder verloren, in een uniform van de NSB-Jeugdstorm over straat paradeerden, of verzetswerk deden. In ‘Wij overleefden’ bundelde Van der Zee de gesprekken.

Sytze van der Zee, auteur en oud-journalist. Beeld Hollandse Hoogte / Kick Smeets

Het zijn de kinderen en jongeren van toen: 80- en 90-plussers, een enkeling meer dan een eeuw oud. ‘Wij overleefden’ geeft een perspectief op oorlog en bezetting vanuit een jeugd waarin je snel volwassen werd, maar ook kind wilde zijn. Zoals het Rotterdammertje Herman Romer van 9, dat in de ondergelopen kelders van door bommen weggevaagde huizen stekelbaarsjes ving.

Het grootste deel gaat over de tweede helft van de bezetting. Mogelijk omdat een deel van de geïnterviewden in de eerste jaren te jong was om zich er veel van te herinneren. Of omdat de gebeurtenissen in die laatste oorlogsjaren er bij de meesten meer inhakten – schaarste, terreur, hongerwinter. Van der Zee: “Bij een oorlogskind staan alle zintuigen voortdurend op scherp. Wie een zwaar bombardement heeft meegemaakt, de deportatie naar een concentratiekamp, weet voor zichzelf dat hij of zij dit nooit meer zal vergeten.”

Dat is ook direct het antwoord van de schrijver aan diegenen die zullen zeggen dat het geheugen onbetrouwbaar is. Wie weet nog wat hij vorige maand op die en die dag deed? Hoe betrouwbaar is dan de herinnering aan wat meer dan zeven decennia geleden is gebeurd? “Ik geloof dat het ervan afhangt wat iemand heeft meegemaakt”, aldus Van der Zee. “Bepalend voor oral history is hoe dramatisch een gebeurtenis voor de persoon zelf is.”

Het dagelijks leven in oorlogstijd

“Terwijl ik toch zo het een en ander over de oorlog heb gelezen en ook geschreven, leverden de gesprekken voor mij inzichten op waarvan ik geen weet had”, schrijft Van der Zee in zijn inleiding. “Het bleek soms veel erger dan ik had gedacht.” Wat ook bijblijft: hoe leven of dood maar al te vaak een kwestie was van stom toeval, domme pech, of puur geluk. Een moeder uit Haarlem kreeg in 1943 een voltreffer, omdat ze het tafelkleed in de tuin uitklopte. Een oma ontkwam aan de vuurzee, omdat haar dochter vroeg nog even te blijven voor ze op huis aanging.

Sommigen blikken terug op de dilemma’s waarmee ze te maken kregen. Nog geen 20 was Frits Kroese toen hij betrokken raakte bij een verzetsgroep die meerdere keren de spoorlijn Zwolle-Amersfoort saboteerde. De Duitsers vervoerden tanks en munitie over dit traject en waarschuwden: de eerstvolgende keer dat de rails weer zouden worden opgeblazen, ging het dichtstbijzijnde huis in vlammen op en werden de bewoners gedood. Stoppen was geen optie, zo bepaalde de groep na twee dagen vergaderen. In plaats daarvan keken ze naar de plek waar de spoorlijn onklaar werd gemaakt: niet bij de woning van een stel met vier jonge kinderen, maar nabij het huis van een 85-jarige man en zijn 83-jarige vrouw. Kroese: “Ik dacht dat de Duitsers hen hadden doodgeschoten. De oorlog is nu eenmaal wreed. Je had de keus tussen slecht en heel slecht.”

Doordringend laat ‘Wij overleefden’ zien hoe een oorlog ingrijpt in het dagelijks leven van doodgewone mensen. Vanuit kinderogen wordt nog duidelijker hoe absurd een oorlog is. Toen in Leeuwarden de eerste bordjes ‘Verboden voor Joden’ verschenen, kwam er ook een te hangen aan de protestantse Koepelkerk. “Mag Jezus er nu ook niet meer in?” vroeg een jongen aan de dominee. Prompt werd het bordje weggehaald.

Sytze van der Zee
Wij overleefden. De laatste ooggetuigen van de Duitse bezetting
Prometheus; 464 blz. € 22,50

Lees ook: 

Het verraad heeft een gezicht

Het verraad van Joden door Joden in de Tweede Wereldoorlog is een netelig onderwerp. De journalist Sytze van der Zee gaat er gewetensvol mee om.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden