null Beeld

BoekrecensieTuinbrieven

Hoe mooi dat blauw van de druifjes naast het geel-groen van de wolfsmelk!

Yolanda Entius, schrijver én tuinier, las de levendige briefwisseling tussen de Engelse beroepstuiniers Beth Chatto en Christopher Lloyd. De kantlijn staat nu vol gekrabbeld met plantennamen.

Een bloeiende vriendschap, zo luidt de titel van de in 1999 vertaalde briefwisseling tussen Beth Chatto en Christopher Lloyd. Dit voorjaar is het opnieuw (fraai!) uitgegeven door Noordboek. Op de binnenkant van de flappen staan de getekende plattegronden van de beroemde tuinen van de auteurs: de grind- en moerastuinen van Chatto en Great Dixter van Lloyd. Ik moet bekennen dat ik die nog nooit echt gezien heb, maar kreeg alleen al door die tekeningen enorme zin erheen te gaan. Maar ja: corona. En maar ja: de eigen tuin.

De eerste klusjes dienen zich aan. Nog even en er is zelfs geen tijd meer om te ­lezen. Eigenlijk moet je zo’n boek, net als dit Tijdgeest-themanummer trouwens, uitbrengen in de winter, als wij, bij gebrek aan het echte werk buiten, ons binnen bij de kachel moeten behelpen met plannen maken en wat voorpret. Een fijn boek helpt daarbij: dat van Penelope Lively bijvoorbeeld (niet alleen van het geweldige Moon Tiger, maar ook van Het leven in de tuin) of Pia Pera (Ik heb het de tuin nog niet verteld) of, van eigen bodem, een van de graag geziene gasten van Christopher Lloyd: Romke van de Kaa. Aan een illuster rijtje boeken voegde hij vorig jaar een nieuwe titel toe: De onderwereld van de tuin. Over de micromaffia van mollen, regenwormen, bacteriën en mycorrhiza (mooi be­zongen ook in Merlin Sheldrakes Verweven leven).

Geestig en bemoedigend

De eerste tuinboeken die ik tot mij nam waren van de hand van Van de Kaa. Ik vond (en vind) ze even geestig als bemoedigend. Hij leert je dat het in de tuin maar zelden gaat zoals gepland, wat je er overigens niet van moet weerhouden te blijven nadenken en kennis te vergaren, door te dóén, te mislukken (op niveau) én te lezen dus. Er is maar één nadeel aan tuinliteratuur: je wordt er begerig van. Na lezing heb je een waslijst aan bollen, vaste planten, heesters en zelfs bomen die je, eerst in de kantlijn en later op een boodschappenlijstje, hebt verzameld. Een hoeveelheid waarvoor je nooit plaats gaat hebben in je tuin, zelfs niet als die huge is.

Ook de kantlijn van Een bloeiende vriendschap staat nu volgekrabbeld met planten­namen. Kniphofia ‘Little Maid’, ik hou niet van vuurpijlen (fakkellelies), maar door Chatto wil ik ze nu toch, die gele dan. Narcissus asturiensis, want ‘die bloeit heel vroeg’. Ranunculus acris ‘Stevenii’, voor de ‘natuurlijke tuin’. Toevallig allemaal geel – het zal het paasgevoel zijn – en niet toevallig: allemaal planten waar Chatto van houdt. Ik heb meer affiniteit met haar stijl van tuinieren dan met die van Lloyd. Meer dan hij zoekt zij naar planten die bij de omstandigheden passen, en ze maakt, zeker in de moestuin, nauwelijks gebruik van bestrijdingsmiddelen. Het is een van de onderwerpen waarover Chatto en Lloyd elkaar onderhuids bestrijden. Als Chatto in een brief gewag maakt van een mislukte oogst, kun je er gif op innemen dat Lloyd zijn gelijk gaat halen. En ja hoor: ‘Je vertelde dat je tweede zaaisel erwten aan meeldauw ten onder is gegaan. Volgens mijn ervaring gebeurt dat altijd. Dit jaar hebben we tegen meeldauw gespoten en kregen een uitstekende oogst.’ Geestig.

Beth Chatto en Christopher lloyd Beeld
Beth Chatto en Christopher lloydBeeld

Ook het gekibbel over hoe arbeidsintensief Chatto’s grindtuin zou zijn – Chatto: niet, Lloyd: behoorlijk – is vermakelijk, en de wijze waarop ze tegen elkaar opbieden. Vooral omdat dat wordt ontkend. Lloyd vraagt zich af waarom mensen het leven als een competitie zien. ‘Begrijpelijk als je jong bent, maar daarna…’ Kort daarvoor heeft hij een kleurencombinatie van Chatto quasi subtiel bekritiseerd als wat braaf, om twee regels later een vergelijkbaar palet in de tuin van een ander af te maken met ‘een en al mauve en paars en onbenulligheid’.

Ze zijn Engels, laten we het daar maar op houden. Speaking of which: wie denkt dat het in Engeland altijd regent, is mistaken. Chatto en Lloyd maken zich geregeld zorgen over de droge zomers en houden de millimeters regen die is gevallen bij tot op de decimalen. ‘Geloof jij in het broeikaseffect?’, vraagt Lloyd. Hijzelf is sceptisch, maar dat was eind vorige eeuw; toen werd ook nog volop gebruik RoundUp (glyfosaat) gebruikt, zelfs door Chatto om van wat lullig gras af te komen. Times are changing en gelukkig maar.

Tuinieren op de vierkante centimeter

‘De kern van genieten is verandering’, schrijft Chatto. Ik hoef maar een blik te werpen op de bakken achter mijn raam om te weten dat dat waar is. In vierkante met­selbakken imiteer ik driehoog achter een moeras en een grindtuin – een ideetje van Van de Kaa (uit zijn boek Verwilderen) voor wie zich moet behelpen met tuinieren op de vierkante centimeter. In mijn moeras heeft dikkig gras zich ontpopt als het loof van kievietsbloemen. Gisteren nog lagen de knoppen als bleke ‘slangenkoppen’ (Chatto) op de aarde. Vandaag hebben ze zich opgericht en krijgen al wat kleur. O, hoe mooi zal dat mauve-rood het doen bij het blauw van de druifjes van de rotstuin in de bak ernaast. En die combineren nu al zo fraai met het geel-groen van de wolfsmelk, maar dat is tijdelijk.

Gisteren aangeschaft staan ze in potjes te wachten op transport. Euphorbia stond niet eens op mijn lijstje, maar toen ik deze variëteit tegenkwam op een wandeling door het veengebied van Ankeveen en Kortenhoef, in de boomgaard van Krijn Spaan, kon ik het niet laten. Euphorbia robbiae, was dat niet een van de favorieten van Chatto? Een verstandig mens geeft bij de kweker niet toe aan de neiging tot impulsaankopen – Krijn zegt ook altijd: geef ze de ruimte – maar ik geef ook mijn hebberige ik de ruimte voor één zo’n aankoop. Eén zonde, deze dus.

Waar ik hem zet, weet ik nog niet, of ja: in de droge schaduw, maar van welke muur of boom? De linde, de walnoot of de moerbei? O, wat verlang ik ernaar mijn werkterrein te verleggen van de computer naar de aarde, en van hier naar daar waar ruimte zat is. Nog een weekje en dan is het zover. Als u in het paasweekend, waarin u dit niet leest omdat u te druk bent met de tuin, of (God verhoede!) staat te dringen bij het tuincentrum (Ga liever naar de kweker!), zit ik op mijn knieën met mijn wolfsmelk onder een kerselaar of peer.

null Beeld
Beeld

Beth Chattto & Christopher Lloyd
Een bloeiende vriendschap
Noordboek; 304 blz. € 20

Lees ook:

Hoe de tuin een vriend kan zijn

Twee prachtboeken, van Penelope Lively en van Pia Pera, over de tuin als vriend.

Van kijken naar planten leer je meer dan erover lezen.

Wat lees je graag voor jezelf, vroegen we aan onze critici. Deze week verklaart Yolanda Entius haar liefde voor tuinboeken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden