Jongens gaan naar bed op de slaapzaal van Malvern College, in Worcestershire, Engeland. Beeld Hollandse Hoogte

Boekrecensie Stephen Fry

Gedreven door testosteron, rotzooien de kostschooljongens wat aan

Stephen Fry schrijft een geestig, poëtisch en zeer Brits memoir over zijn leven op kostschool.

Wat is de essentie van kunst? In zijn autobiografische ‘Een jongensleven’ beschrijft Stephen Fry op onnavolgbare wijze de plotselinge, aardverschuivende revelatie die hij hier op 14- jarige leeftijd over krijgt. Met een schok ziet hij voor de eerste maal de Absolute Schoonheid. Hierna zal zijn wereld nooit meer dezelfde zijn.

Een kunstenaar, schrijft hij, laat je op een nieuwe manier kijken. “Matisse bijvoorbeeld laat je iets aan een appel zien wat je nooit eerder was opgevallen, maar wat je voortaan in elke appel zult herkennen. Zo zou ik vanaf dat moment voor altijd in staat zijn schoonheid, ware schoonheid, te zien in vertrouwde dingen in mijn omgeving.”

Maar het object van schoonheid dat hem op een heldere septemberdag op Uppingham kostschool van zijn sokken blaast is geen schilderij. Geen Shakespeare, geen Beethoven. Het is de eerste aanblik van de 13-jarige eersteklasser Matthew Osborne. Fry’s eerste liefde. Van Osborne’s achterhoofd, het boordje van zijn jasje en “de V van visgraatsgewijs ingeplante haartjes die daarboven langs het holletje van zijn nekspieren groeien.”

Auteur Stephen Fry Beeld EPA

Er zijn weinig schrijvers die dergelijke ervaringen zo gedetailleerd, lyrisch en vol overgave, kunnen beschrijven zonder te vervallen in een zekere pathos die op den duur gaat vervelen. Fry niet.

Woord voor woord blijft hij ruim 400 bladzijden lang juist boeien en prikkelen. Zijn manier van schrijven heeft iets verslavends. Je wilt maar blijven doorlezen.

Verteller pur sang

De Britse acteur, journalist, dichter, comedian, tv-presentator en filmregisseur Stephen Fry is dan ook een verteller pur sang. ‘Een jongensleven’, oorspronkelijk gepubliceerd in 1997 onder de mysterieuze titel ‘Moab is my Washpot’ was in Engeland een groot succes. In de nieuwe editie legt Fry overigens de betekenis van de titel uit, die voortkomt uit een psalmtekst.

De vraag blijft waarom het twintig jaar heeft geduurd eer er een Nederlandse vertaling is gekomen. Durfde niemand het aan? Dat laatste is voorstelbaar. Want ‘Moab is my Washpot’ is een zeer Brits boek. Fry deelt hierin zijn herinneringen aan de grofweg eerste 20 jaar van zijn leven. Het overgrote deel hiervan speelde zich af op de chique boarding schools die hij vanaf zijn zevende levensjaar, zoals normaal in die tijd, bezocht. De rituelen, mores en tradities op deze scholen zijn uitermate Brits. Je leerde er Shakespeare, Yeats en cricket.

Maar het gaat natuurlijk vooral om de taal. Fry’s volstrekt originele, rijke, soms gekke woordkeuze, en zijn hier onlosmakelijk mee verbonden humor, die Britser dan Brits is.

Wie bekend is met Fry’s werk kan niet anders dan de echo van zijn Engelse woorden in de Nederlandse vertaling horen doorklinken. En dat kan wel eens wringen.

Voor een fan die Fry’s zo typische stemgeluid en bassende, upper middle class intonatie, zoals bekend uit Blackadder of Fry and Laurie, in zijn hoofd hoort klinken zal het even slikken zijn om bijvoorbeeld te lezen over ‘mijn wasbekken’ in plaats van ‘my washpot.’ Dit ondanks dat de vertaling ontegenzeggelijk goed is.

Maar, oké, dat is de vorm. En ook al zijn vorm en inhoud bij een boek als deze moeilijk te scheiden, toch kan niet worden ontkend dat de inhoud van dit boek in iedere taal formidabel is.

Slapstick en poëzie

Passend bij Fry’s enorme veelzijdigheid, eruditie en zijn even scherpe als sensitieve geest wisselt hij leerzame en hilarische stukken af met intieme ontboezemingen, slapstick met poëzie. Soms richt hij zich opeens direct tot de lezer. Andere keren zoomt hij juist helemaal uit om een meer abstracte bespiegeling te geven die je aan het denken zet. Bijvoorbeeld over de maatschappelijke omgang met mannelijke homoseksualiteit. Want waarom gaan argumenten tegen homoseksualiteit altijd gepaard met verwijzingen naar bijvoorbeeld sodomie? Dit terwijl heteroseksualiteit nooit gelijk wordt geschakeld aan slechts seksuele handelingen. Interessant in dit opzicht is overigens (ook) de seksuele omgang van de kostschooljongens met elkaar. Gedreven door testosteron maar zonder toegang tot meisjes wordt er flink wat af gerotzooid. Maar wie openlijk gay is, wordt toch raar aangekeken.

In psychologisch opzicht is aan ‘Een jongensleven’ ook veel te beleven. Fry is openhartig en soms schrijnend eerlijk in hoe hij zijn jonge zelf en zijn eigen, soms deviante, ontwikkeling bekijkt. Hij vervalt nooit in makkelijke psychologische verklaringen die hem zouden vrijpleiten van zijn eigen vroegere wandaden. Zoals zijn dievenbestaan. Snoepjes gappen eindigde bij Fry met diefstal van creditcards en de jeugdgevangenis.

Maar waar Fry ook over schrijft, hij is een kunstenaar. Want wie ‘Een jongensleven’ dichtslaat heeft zo’n geweldige, kleurrijke reis gemaakt dat de wereld nooit meer quite the same zal zijn.

Stephen Fry
Een jongensleven
Vert. Henny Corver. Thomas Rap; 448 blz. € 22,99

Lees ook: 

Een goede ondertitel van Stephen Fry’s ‘Mythos’ zou ‘Familieperikelen’ zijn

Stephen Fry beschrijft de levens van Griekse goden als de perikelen van een dysfunctionele familie, vindt Abdelkader Benali.

‘Helden’ van Stephen Fry: een fascinerende maar ouderwetse hervertelling van de Griekse mythen

Stephen Fry zwelgt in lekkere verhalen over al die stoere, soms malle Griekse goden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden