null Beeld Gettyimages
Beeld Gettyimages

BoekrecensieRoman

Emily St. John Mandel schreef een kalme, rustgevende pandemie-roman, waarin nog veel meer gebeurt

De Canadese schrijver Emily St. John Mandel weet het diep-menselijke en het onvoorstelbare te combineren, en laveert wederom kundig op het snijvlak tussen echt en onecht.

Joris Belgers

Plots, vijf jaar na verschijning van haar doorbraakroman, stroomde de inbox van de Canadese schrijfster Emily St. John Mandel vol met persverzoeken. Niet dat ze nu zo heel veel meer verstand had van dodelijke pandemieën dan elke willekeurige andere schrijver, maar Mandel (1979) is nu eenmaal de auteur van Station Elf. Hierin luidt, na aanvankelijke kuchjes en wat keelpijn, een hyperbesmettelijke varkensgriep het einde van de beschaving in. Corona stuwde haar boekverkoop tot nieuwe hoogtes, terwijl Mandel zelf zich verbaasd afvroeg ‘wie met enig gezond verstand Station Elf zou willen lezen in het midden van een pandemie’.

Want zo’n beetje de hele aardbevolking sterft in de pandemie van Mandel. Misschien school, in die onzekere begindagen van de pandemie, de hoop en houvast van het boek er wel in dat de post-apocalyptische wereld van Mandel niet eens zo’n dystopische was. Integendeel.

Precies zo’n ongrijpbare mix van beklemming en luchtigheid

Mandels nieuwe roman, het zojuist in vertaling verschenen Zee van rust, heeft precies zo’n ongrijpbare mix van beklemming en luchtigheid. Het is niet haar eerste pandemie-roman, maar meer dan in het overrompelende Station Elf zijn in het compactere, maar minstens zo ambitieuze Zee van rust de banaliteiten verwerkt van twee jaar coronapandemie.

De zenuwachtige blik op voorbijgangers van een van de hoofdpersonen in het boek; het ongemakkelijk passeren op straat; het terugvallen op huiselijkheid; het dwangmatig handen wassen en douchen voordat ze haar dochtertje omarmt.

Toch is Zee van rust niet alléén een pandemie-roman. Het is net als Mandels twee voorgaande romans een caleidoscopisch breiwerk aan kleinere verhalen, met in één ervan een ontluikende pandemie op de achtergrond.

Op Station Elf volgde in 2020 Het glazen ­hotel, losjes gebaseerd op de kredietcrisis en de miljardenfraude van Bernie Madoff en diens piramideschema. Zee van rust is hierop een soort vervolg, maar ook weer niet.

Het verhaal is een tijdreis die meerdere eeuwen omspant: in het begin volgen we de lethargische Edwin St. John St. Andrew, lid van een adellijke Britse familie, die in 1912 wordt verbannen naar Canada. Vervolgens springen we naar 2020, waar Mirella Kessler, die we nog kennen uit Het glazen hotel, op zoek is naar haar verdwenen vriendin – de hoofdpersoon uit dat boek.

Een maanbewonder gaat op boektournee op aarde

Dan op naar het jaar 2203 en de succesauteur Olive Llewelynn, die woont op de maan, maar op boektournee is op aarde, vlak voor het uitbreken van een vernietigende pandemie. Het jaar 2401 vormt het uiteinde van het boek, waarin tijdreizen is uitgevonden, en Gaspary Roberts in dienst komt als speurder voor het Tijdinstituut. Vanaf daar reist de lezer weer terug in de tijd, in de voetsporen van Roberts, op zoek naar de oplossing van een raadsel, dat het beste valt te omschrijven zoals het boek dat doet, als de anomalie.

Mandel toont zich in Zee van rust wederom een ongrijpbare auteur die soepeltjes verschillende genres mengt. Dit is deels een historische roman, deels een metafysisch soort sciencefiction, deels detective noir, geschreven in een modern-realistische stijl, waarin ze daarnaast ook een alledaagse moeder-dochterrelatie weet te vangen of de onthechting van het rondreizend bestaan als, in dit geval, een beroemde schrijfster. Eentje die meerdere overeenkomsten vertoont met de echte Mandel, zoals bijvoorbeeld het schrijven van een pandemie-roman vlak voordat een pandemie de wereld daadwerkelijk in zijn greep krijgt.

Onthechting is sowieso een terugkerend thema in de boeken van Mandel. Het zit hem in haar kalme, rustgevende schrijfstijl, maar ook in de verwijzingen naar schepen en scheepvaart, een herkenbaar motief in haar werk.

In Zee van rust trekt Mandel die fascinatie door naar toekomstige luchtschepen, die heen en weer pendelen tussen aarde en de maankolonies: ‘Als ik in de luchtschipter­minal viool stond te spelen, leek het soms alsof de luchtschepen naar boven vielen, met omgekeerde zwaartekracht. Ze liepen vol met hun vracht van wezenloos kijkende forensen en vielen dan naar de hemel.’

Stukjes onechte wereld in de echte wereld

Verder schuilen onthechting en eenzaamheid in de hotelkamers waarin personages verblijven, of de vliegveldterminal, achtergronden die vaak terugkeren in het werk van Mandel. Stukjes onechte wereld in de echte wereld. In Zee van rust wordt ook meermaals de simulatiethese opgeworpen door de vraag te stellen of we niet allemaal in een simulatie leven, en of dat erg zou zijn.

Uiteindelijk bouwt deze tijdreisroman op tot een escheriaans spiegelpaleis van een roman, gevouwen rond mens, tijd en ruimte. Maar hoewel Zee van rust in aanvliegroute zo ambitieuzer en veelomvattender is dan de eerdere romans voelt de schaal van deze nieuwe roman kleiner en ook rechtlijniger. De post-apocalyptische wereld in Station Elf en het instortende kaartenhuis van Het ­glazen hotel bieden allebei een imposanter ­decor.

Onveranderd is de manier waarop Mandel het diep-menselijke weet te combineren met het onvoorstelbare, het echte met het onechte, en vooral hoe ze de raakvlakken daartussen verwoordt en in beeld brengt.

null Beeld

Emily St. John Mandel
Zee van Rust
(Sea of Tranquility)
vert. Lucie Schaap
Atlas Contact;
256 blz. €22,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden