BoekrecensieHeather Christle

Een traan is niet zomaar een traan

Heather Christle verdiept zich in de herkomst van haar vele huilbuien

Eerst dacht ze te zijn begonnen aan een proza­gedicht. Daarna werd het een essay. En toen was daar een boek. ‘Het boek der tranen’ is een verslag van Heather Christle’s persoonlijke zoektocht naar het verhaal achter haar ontelbare huilbuien.

De Amerikaanse dichteres is de auteur van meerdere dichtbundels en begeeft zich nu voor het eerst op het pad van de non-fictie – al doet dat stempel haar boek tekort. Het werkje bestaat uit een verzameling bondige teksten, soms maar enkele regels lang, een groot aantal met een aforistisch karakter: kleine kunststukjes die door Christle geraffineerd aaneen zijn gevlochten. Ze hinkelt van gedachte naar gedachte, van de ene vondst naar de andere.

Een traan is niet zomaar een traan, leert Christle uit wat ze noemt ‘mijn huilbibliotheek’: haar stapel literaire en academische titels over het thema huilen. Er is het vocht dat altijd aanwezig is en de ogen nat en gezond houdt. Dan zijn er de irritatietranen, die opwellen als bijvoorbeeld een vliegje in het oog komt. En de derde categorie is de psychogene traan, geplengd wanneer de emoties het van ons overnemen. Met die laatste soort is iets opmerkelijks aan de hand. Ze bevatten meer eiwit, wat de traan dikker maakt en waardoor hij eerder door anderen wordt opgemerkt.

Er is in ‘Het boek der tranen’ een aardige bijrol weggelegd voor Nederlanders. Zo haalt Christle een paar keer de Tilburgse ‘huilprofessor’ Ad Vingerhoets aan. Hij stelde vast dat de veronderstelling dat huilen oplucht slechts voor de helft tot twee derde van de mensheid geldt. Angstige of depressieve mensen komen zelden positiever uit een huilbui. Christle hoort bij de laatste groep en zinkt alleen maar verder weg zodra de tranen beginnen te stromen.

Performancekunstenaar Bas Jan Ader is een andere landgenoot die een paar keer opduikt. In zijn korte film ‘I’m too sad to tell you’ zit hij ruim drie minuten onbedaarlijk voor de camera te snikken. Stop je het beeld, dan valt amper vast te stellen of hij weent of lacht. En zo is het bij iedereen, ontdekt Christle.

Politieke tranen

Wij hadden vorig jaar Thierry Baudet die tijdens een verkiezingsdebat Mark Rutte vroeg naar het moment waarop de premier voor het laatst had gehuild. Diezelfde vraag werd drie jaar daarvoor aan Donald Trump gesteld. “Nee, ik ben geen grote huiler. Ik ben meer een doener”, was Trumps antwoord. Het commentaar van Christle: “Byzantijnse medici schreven dat je een weerwolf kunt herkennen aan zijn traneloosheid”.

Het is niet de enige keer dat Christle haar engagement laat zien. Vooral met de tranen van witte vrouwen is het oppassen, stelt ze. “Omdat het in de strijd gooien ervan dikwijls geweld heeft veroorzaakt jegens mensen van kleur.” Die tranen kunnen zowel echt zijn of verbeeld. Veertig pagina’s verder komt ze met het ijzingwekkende voorbeeld van de Afro-Amerikaan John Crawford die in 2014 in een Walmart een speelgoedgeweer uit de schappen haalde, waarna hij door de politie werd doodgeschoten, omdat hij het nepwapen op een blanke vrouw zou hebben gericht (wat bovendien onwaar bleek te zijn).

Christle is openhartig. Over hoe een ex haar ooit dumpte op een parkeerplaats, waarna ze in haar auto een potje onbedaarlijk griende, over het verdriet na de zelfmoord van een vriend, over haar lang geleden afgebroken zwangerschap, over de geboorte en het gejammer van dochter Harriet, en vooral over haar eeuwig terugkerende depressies, waarin de tranenvloed onuitputtelijk lijkt. In wanhoop schetst ze hoe ze met een ui in de hand achter haar aanrecht staat. “Het gaat me niet lukken de reeks handelingen die koken wordt genoemd uit te voeren. […] Suïcidale gedachten werpen een kunstmatig of laboratoriumachtig licht.” En dan volgt de zin uit het boek die het meest blijft hangen: “De alinea wordt een kliniek”.

Werkt het schrijven therapeutisch? Misschien een heel klein beetje, want even verderop is de mist wat opgetrokken. Met ironie stipt ze een fenomeen uit Japan aan. Daar kun je – echt waar – een knappe man inhuren om je tranen weg te vegen. “Op sommige dagen lijkt blijdschap een man die ik inhuur tegen een tarief dat ik niet meer kan betalen.”

OordeelKunststukjes over zakdoeken die niet aan te slepen zijn.

Heather Christle
Het boek der tranen
Vert. Koen Boelens en Helen Zwaan. Atlas Contact; 190 blz.€ 19,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden