Boekrecensie De Nachtstemmer

De nieuwe Maarten ‘t Hart is een echte Maarten 't Hart

Schrijer Maarten 't Hart Beeld ANP

Het is een echte Maarten 't Hart, ‘De nachtstemmer’, met onwaarschijnlijke, maar levendige personages en liefde in een Zuid-Hollands stadje.

Ik heb altijd meer gehouden van de essayist Maarten ’t Hart met zijn ongezouten meningen, dan van de romancier Maarten ’t Hart die zijn hoofdpersonen vaak met diezelfde opmerkelijke levensinstelling uitmonstert. Om een of andere reden komen zulke uitgesproken romanpersonages niet helemaal waarschijnlijk over. Ook Gabriel Pottjewijd, in ’t Harts jongste roman ‘De nachtstemmer’, verschenen om zijn vijfenzeventigste verjaardag luister bij te zetten, is er zo een. De orgelstemmer uit Heiligerlee moet een Garrels-orgel gaan stemmen in een Zuid-Hollands stadje (waarin men Maassluis vermoedt), alwaar hij een ravissante Braziliaanse schone ontmoet, die hem ernstig van de wijs brengt. Hij lijkt sprekend op ’t Hart zelf.

Pottjewijd is een uitgesproken nerd, saai en niet sexy, zoals de op pianiste Martha Argerich gelijkende vamp Gracinha niet nalaat op te merken, maar hij is goed voor haar zwijgzame dochter Lanna, die hem assisteert met het orgelstemmen, en zo komen de twee toch nader tot elkaar. Gaby, zoals hij zichzelf laat noemen, mag dan een eenvoudige orgelstemmer zijn met een mulodiploma, zijn gedachtenwereld is er niet minder om. Bij alles wat hij doet schieten hem psalmen of zelfs liederen van Johannes de Heer te binnen, hij weet het ene na het andere citaat uit de wereldliteratuur voort te brengen, als hij een kat hoort janken doet dat hem uit een passage uit Strawinsky’s ‘Apollon Musagete’ denken, slaapt hij slecht dan zingt de aria ‘O sleep why don’t you leave’ uit de opera Semele van Händel (zoals ’t Hart niet nalaat het precies te benoemen) door zijn hoofd. Voorts is hij een bijbelvaste godloochenaar, geheel in de trant van ’t Hart zelf. Hij is kortom een sociaal-culturele witte raaf.

Maarten 't Hart Beeld Gerard Wessel

Ooit vroeg een criticus zich naar aanleiding van Vestdijks ‘Het genadeschot’ af of een buschauffeur zoals Vestdijks protagonist, wel zoveel culturele bagage kon hebben. Het lijkt wel of Maarten ’t Hart op die retorische vraag omtrent sociaal-culturele clichés antwoordt met een krachtig: jazeker!

Vol verborgen statements

Ook het contrast tussen de hoog ontwikkelde nerd Pottjewijd en de Xantippe-achtiger Gracinha is formidabel, alsof de schrijver ermee wil zeggen: ook saaie mannen kunnen kribbige schoonheidskoninginnen versieren. Kortom, ‘De nachtstemmer’ is een roman vol verborgen statements die het verhaal niet altijd ten goede komen. Ook het feit dat de hoofdpersonen met hun Bordewijkachtige namen (Boetekees, IJzerhard Paalvast), op Pottjewijd zelf na, bijna allemaal met zware accenten spreken, drukt zwaar op het verhaal.

Maar ‘De nachtstemmer’ is met al die dik aangezette contrasten ook een sfeer­volle roman over een kleingeestige, achterdochtige gemeenschap, twee mensen die ondanks enorme verschillen tot elkaar komen, een bijzondere liefdesroman. De scène waarin de orgelstemmer door een onbekende vijand in de Maas wordt geduwd is, ondanks de vreemde, wijdlopige discussies van toeschouwers aan de kant, onvergetelijk. Ook de in principe saaie momenten waarop Pottjewijd met de merkwaardige autistische Lanna orgels aan het stemmen is, zijn mooi.

’t Hart is op z’n best als zijn personages als het ware uit de wereld van alledag worden geduwd en met zichzelf bezig zijn. Dan komt in zekere zin zijn ware aard boven, melancholisch en ingetogen, zoals in deze alinea over straatlantaarns: “Waar een straatlantaarn gloeide, leek het water versmolten met de nevelfloers eromheen. Veel straatlantaarns gloeiden er overigens niet. Er was duidelijk op bezuinigd. En het leek wel alsof men de straatlantaarns van vroeger simpelweg had omgebouwd. Ach, zo mooi als het destijds, met die gaslantaarns geweest moest zijn. Dat was toch de ware werkelijkheid geweest, zulk ootmoedig, weifelend licht, zo behoedzaam uitgestrooid over de vochtig glanzende steentjes van het plaveisel.” ‘Ootmoedig licht’, hier spreekt de dichter ’t Hart.

De roman begint in mineur met de dood van Pottjewijds vrouw bij het historische treinongeluk in Winsum van 1980, maar eindigt in majeur met een nieuwe liefde. Onderweg komt de lezer nog thrillerachtige passages tegen omtrent die onbekende vijand van Pottjewijd die hem dood wenst. De ontknoping daarvan, met het psalmenboek van J. Worp als wapen, is er een die alleen ’t Hart kan verzinnen. ‘De nachtstemmer’ is kortom een even onevenwichtige als levendige roman, vol onwaarschijnlijkheden die je maar moet verteren maar ook vol poëzie en spanning en leesplezier. 

Oordeel: Uit balans en onrealistisch, toch levendig en spannend. 

Maarten ‘t Hart, 
De nachtstemmer,
Arbeiderspers, 320 blz. € 21,99

Lees ook: 

Maarten ‘t Hart is een stille man

‘Als mensen opmerken dat ze me stil vinden in de groep, verwijs ik ze altijd door naar Maarten ’t Hart’.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden