BoekrecensieLa Florida

De geschiedenis van kolo­nisatie kan niet ongedaan worden gemaakt

Laila Lalami beschrijft de ontdekkingsreis door de ogen van een opmerkzame bediende.

De meeslepende historische roman ‘La Florida’ van de Marokkaans-Amerikaanse Laila Lalami begint als een groep Spanjaarden in 1528 aan land komt in Noord-Amerika. Met het hardop voorlezen op het strand van een proclamatie, gericht aan de (niet aanwezige) indianen, claimt Pánfilo de Narváez de westkust van de huidige staat Florida voor Karel V en Spanje. Narváez moet daar een kolonie stichten, maar het lot beslist anders. Acht jaar nadat de helft van de expeditie, Narváez met 300 man, in het binnenland verdwijnt, bereiken de enige vier overlevenden na veel omzwervingen Mexico-Stad.

De geschiedenis van de kolo­nisatie kan niet ongedaan worden gemaakt, weet Lalami, maar het maakt uit hoe en door wie het verhaal verteld wordt. Lalami (Rabat, 1968) kiest bij deze even gelaagde als spannende roman, die in 2018 op de longlist voor de Booker Prize stond, voor het perspectief van de minst bekende van de vier overlevenden. Estebanico (‘Kleine Stefan’) kwam uit Marokko, ging als slaaf van zijn adellijke meester mee naar de Nieuwe Wereld en werd hiermee de eerste Afrikaanse ontdekkingsreiziger in Noord-Amerika.

Dit alles maakt Lalami’s verteller tot een mooi ambigu personage: geen conquistador, geen kolonist, maar een man die onvrijwillig deelneemt aan een tocht waarbij voor hem niets te winnen valt. Al heeft hij wel, zoals hij zelf zegt, het voorrecht om ‘op de plek te staan waar het ene rijk ten onder ging en het andere tot bloei kwam’.

Florida blijkt één groot moeras te zijn

In het eerste deel van het boek wisselt Estebanico zijn ­verslag van de rampspoedige expeditie af met herinneringen aan zijn jeugd in de Marokkaanse kustplaats Azemmour. Daar is hij nog Mustafa, zoon van de notaris. Hij wordt koopman, waarbij hij ook een enkele keer slaven verhandelt, maar later, in moeilijke tijden, besluit hij zichzelf als slaaf te verkopen aan de Portugezen om zijn moeder, broers en zus van de ­hongerdood te redden. Hij wordt gedoopt, krijgt een nieuwe naam, wordt doorverkocht aan een Spaanse edelman, en belandt in Sevilla en uiteindelijk in de Nieuwe Wereld.

Florida blijkt één groot moeras te zijn, maar expeditieleider Narváez, het hoofd op hol gebracht door fantasieën over goudschatten, splitst de groep op en stuurt de schepen verder langs de kust, in de veronderstelling dat ze al bijna bij het reeds gekoloniseerde Mexico zijn (dat in werkelijkheid 2500 kilometer verder ligt). Zelf trekt hij met zijn soldaten over land naar het noorden. Estebanico is getuige van de wreed­heden die Narváez begaat als hij indianen laat aftuigen en hun dorpen in brand steekt, maar rijkdom vinden de Spanjaarden niet. Als ze beseffen dat ze verdwaald zijn, bouwen ze vlotten om daarmee langs de kust naar Mexico te varen. In een storm voor de kust van Texas stranden ze, waarna ze langzaam ten prooi vallen aan honger en ziekte.

Vanaf hier verandert een hartverscheurend maar spannend reisverhaal in iets interessanters. De laatste overlevenden worden als slaven gevangen­genomen door indianen, weten te ontsnappen, en worden opgenomen door andere, vriendelijkere stammen. Ze leren hun taal en treden, gebruikmakend van hun uitheemse voorkomen en rudimentaire geneeskundige kennis, op als rondreizende medicijnmannen of sjamanen. Ook hier laat Lalami zien dat het vertellen van verhalen verbonden is met macht. Estebanico oogst veel waardering bij zijn gehoor met het verslag van zijn belevenissen, en hij komt bij zijn genezingen een heel eind met ‘precies het juiste verhaal en een beetje vertoon’.

Laila Lalami

Ondertussen merkt Estebanico dat hun Europese overheersingsdrang wegvalt en plaatsmaakt voor nieuwsgierigheid en waardering voor het continent en zijn bevolking. Hij ontmoet een vrouw die anders is dan de rest van haar stam, wat een band schept: romantiek bloeit op in de woestijn.

Met oog voor detail weet Lalami de grootsheid en schoonheid van de natuur en de culturen van de Nieuwe Wereld op te roepen, van de rivieren en moerassen van Florida tot de droge bergen en de nomadenvolken van Texas en het noorden van Mexico. Hoewel de meeste personages iets schetsmatigs houden, groeit haar hoofdpersoon gaandeweg uit tot een opmerkzame waarnemer van zowel de natuur als de mens. Net als Petina Gappahs onlangs verschenen ‘Vanuit het duister, stralend licht’ stelt ‘La Florida’ de vraag hoe de bedienden een ontdekkingsreis beleefden, en biedt het zowel avonturen als nieuwe perspectieven.

Laila Lalami
La Florida
Vert. Lucie van Rooijen, Inger Limburg. Nieuw Amsterdam; 236 blz.€ 22,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden