Brexit

Zonder ‘good chaps’ heeft de Britse democratie een probleem

Premier Boris Johnson in het Lagerhuis. Beeld UK Parliament/Jessica Taylor via REUTERS

‘Politieke chaos’ was de afgelopen dagen veel te lezen als het om Groot-Brittannië en de brexit ging. De oude politieke regels blijken onwerkbaar voor een van de belangrijkste besluiten ooit.

De één noemt de Britse grondwet een ‘toevallig bijeengeraapt setje regels en gebruiken’, de ander ­beschrijft ‘een berg van aannames en conventies’. Dat op dit moment niemand kan voorspellen hoe het politiek verder moet met de brexit, ligt volgens velen aan een jarenlange misplaatste trots op een systeem dat volstrekt uit de tijd is – een systeem dat gebaseerd was op goede wil.

“De Britse politiek is gebaseerd op de aanwezigheid van wat wij noemen ‘good chaps’, mannen die het beste voorhebben met iedereen”, zegt Pippa Catterall, professor in politieke geschiedenis aan de universiteit van Westminster in Londen. “Niemand heeft ooit ­bedacht dat er een moment zou komen dat die er even niet zouden zijn, en dat we dan een premier zouden hebben die naar eigen goeddunken het parlement zou gaan schorsen vlak voor een belangrijk moment.”

“Dus nee”, zegt Catterall, “ik heb niet de indruk dat de democratie in het Verenigd Koninkrijk in goeden doen is.” Natuurlijk kun je zeggen dat dat zo lijkt, want de afgelopen dagen bleek plotseling dat een premier die eerst niet te stuiten leek toch geremd kon worden. Dan werkt in zekere zin de democratie in optima forma. Maar vergeet niet dat er politici uit de Conservatieve partij zijn gegooid omdat ze het niet met hem eens waren, dat Johnson blijft dreigen om democratisch genomen besluiten te negeren en dat iedereen blijft vrezen dat hij tóch doorgaat met een no-dealbrexit, op welke manier dan ook. Want dat kan namelijk. Alles kan hier.”

Als er iets is wat het land leerde uit de huidige politieke crisis, is het dat de Britse democratie in erbarmelijke staat verkeert. Dat is voor veel Britten een nogal schokkende gedachte, want ze zijn opgevoed met het idee dat juist de Britse democratie de beste ter wereld is.

Patrick Dunleavy, hoogleraar politieke wetenschappen en overheidsbeleid aan de London School of Economics, heeft een citaat uit zijn hoofd geleerd. Het toont aan, zegt hij, hoe anders de mensen dertig jaar geleden tegen de Britse democratie aankeken. Het is van Ian Gilmour, een in Nederland volstrekt vergeten conservatieve minister van defensie uit 1977. Dat Nederland geen idee heeft wie de man is, maakt niets uit. Het gaat erom dat iedereen destijds zo dacht.

Lekker veel trucs

Hier kom ze, die gedachte van veertig jaar terug: “Het Britse tweepartijen-systeem en zijn ongeschreven grondwet zijn in mijn ogen de hoogste vorm van politieke ontwikkeling. ”

Oppositieleider Jeremy Corbyn. Beeld AFP

Daar moet je nu nog eens mee proberen aan te komen. De ongeschreven grondwet wordt misschien alleen nog maar bewonderd door Dominic Cummings, de omstreden adviseur van Boris Johnson. Hij maakt namelijk lekker veel politieke trucs mogelijk.

Maar verder is het de Britten plotseling wel duidelijk dat hun democratisch systeem misschien zijn beste tijd gehad heeft. Het is een warboel, waarin elkaar bestrijdende partijen allemaal claimen namens ‘het volk’ te spreken. Was het niet dat de Britten op dit moment wel wat anders aan hun hoofd hebben, dan was het misschien tijd voor vernieuwing.

Dunleavy: “Het idee was destijds: het is flexibel en het kan makkelijk meedeinen met nieuwe eisen in een nieuwe tijd. Nu zegt niemand dat meer. Het is duidelijk dat het ook uitgehold kan worden.”

Denk niet dat de huidige crisis ­begon bij Johnson. Eigenlijk is hij ­begonnen bij May, zegt Dunleavy. Die probeerde iedere mogelijkheid om haar deal door het parlement te krijgen. Ze knipte hem op, stuurde delen ervan, onder het mom dat het alleen ‘technische zaken’ waren, meteen door naar de koningin, bracht ijskoud twee keer dezelfde wet in stemming, zelfs bijna een derde keer.

Geen afspiegeling

Het was May die door een rechter moest worden gedwongen om een akkoord met Europa voor te leggen aan het parlement. Niet voor niets werd ook over haar gezegd dat ze minachting voor het parlement toonde.

Maar nu, onder Johnson, is het nog erger. “Nu is er een regering zonder meerderheid en een premier die niemand koos, die alle mogelijke gaatjes gebruikt om zijn versie van de wil van het volk door te drukken.”

Van de democratie is weinig over, meent ook Vernon Bogdador, de 76-jarige professor in geschiedenis en politicologie aan het Kings College in Londen. Hij schreef afgelopen zomer al een artikel over de mogelijkheden die de oppositie nog had om een no-deal tegen te houden. Wat hij schreef, is precies wat deze week gebeurd is, namelijk dat parlement een wet heeft bedacht die een no-dealbrexit voorlopig voorkomt.

Bogdador heeft al heel lang kritiek op het Britse systeem. In februari ­verscheen van hem het boek:

‘Beyond brexit, towards a british constitution’. Vanwege het districtenstelsel is het parlement niet echt een afspiegeling van de bevolking, dat is één. En dat de grondwet niet meer is dan een verzameling gebruiken, regeltjes en gewoontes, zint hem ook bepaald niet.

De laatste jaren ziet hij het van kwaad tot erger gaan. Neem het referendum uit 2016, waarin het volk werd gevraagd of het binnen of buiten de ­Europese Unie wilde staan. “Er zijn geen regels voor wanneer er referenda moeten komen, hoe vaak, wat erin wordt gevraagd en of de uitkomst bindend of adviserend is”, zegt hij.

Hij ziet nog meer problemen. De voorzitter, om maar iets te noemen. “Die zou neutraal moeten zijn”. Maar van de huidige voorzitter John Bercow is inmiddels wel heel duidelijk dat hij het liefst geen brexit wil. “Laat je dat voortbestaan, dan wordt het in de toekomst mogelijk om voorzitters te selecteren op hun voorkeuren.”

Bogdador heeft ook nogal wat kritiek op het huidige parlement. Want het kan dan wel uiterst verontwaardigd zijn over de vijf weken lange schorsing die Boris Johnson wil opleggen, zo precies voor de cruciale brexit-datum van 31 oktober, maar wat deed het parlement de afgelopen drie jaar zelf?

“De MP’s zeggen nu dat ze cruciale dagen missen in september en oktober, maar ze hadden drie jaar de tijd om en alternatief te bedenken. Ze deden het niet. Nu hebben ze, door te stellen dat er geen no-dealbrexit mag komen, de mogelijkheid geopend om brexit eeuwig uit te stellen. Geen enkele toekomstige deal zal ze bekoren, maar er mag ook geen no-deal komen.

Voorzitter van het Lagerhuis, John Bercow. Beeld AFP

Het is hun eigen schuld. Hadden ze maar niet zo lukraak moeten instemmen met een referendum, zonder zich te bedenken dat het misschien een idee zou zijn om te vragen om een grotere meerderheid dan vijftig procent als het gaat om zulke fundamentele keuzes als in of uit de EU.

Extreme opvattingen

En dan nog iets: die twee partijen, waar iedereen vroeger zo trots op was: ­Labour en de Conservatives. Hij noemt ze ‘geradicaliseerd’, althans als het gaat om de manier waarop ze hun leiders kiezen. “Vroeger hadden de conservatieven miljoenen leden en was het duidelijk dat die ongeveer een middenweg bewandelende. De 160.000 conservatieve leden die er nu nog zijn, hebben veel extremer opvattingen dan het conservatieve electoraat. Zij zijn verantwoordelijk voor de keus Johnson. Aan de ­andere kant, bij ­Labour, kwam Corbyn boven­drijven nadat er was besloten dat ­iedereen die een klein bedrag betaalde, stemrecht kreeg over de volgende partijleider. Een grote groep linkse ­enthousiastelingen heeft toen Corbyn naar voren ­geschoven.”

Het wordt tijd, zegt Bogdador, dat er een gedachte op gang komt over hoe het wel moet. Dat ook de Britten, net als de meeste andere landen, op schrift stellen welke waarden ze belangrijk vinden, wat de regering wel en niet mag doen, welke rol de koningin precies heeft.

Daar kan historisch politicoloog Pippa Catterall ­alleen maar mee instemmen. Zij wijst ook nog op het Hogerhuis, waarvan de leden niet eens gekozen zijn, maar benoemd, grotendeels door de koningin en voor het leven. Ook aan dat aristocratische gebruik zou een einde moeten komen.

Catterall ziet in de ­afkalvende macht van het parlement aanwijzingen dat het Verenigd Koninkrijk verandert in wat zij noemt een ‘Frankenstaat’- een monsterstaat die alleen in woord lijkt op een democratie. “De term is oorspronkelijk uitgevonden door ­Karen Scheppele om het Hongarije van Orbán te beschrijven, maar de definitie lijkt ook op ons land van toepassing: een staat waarin het lijkt of de ­regering het spel speelt volgens de regels, maar waar intussen alle mogelijkheden worden aangegrepen om haar zin door te drijven.”

Lees ook: 

Kan Boris Johnson zijn zin nog krijgen?

Het Lagerhuis wint de eerste slagen in de strijd met premier Boris Johnson. Toch is het geenszins zeker dat een no-dealbrexit nu echt is voorkomen. Al heeft Johnson minder opties, hij hééft opties.

Parlementariërs hebben gesproken: een no-dealbrexit mag er niet komen.

Ze is niet eens blij, de 48-jarige Rikke Osterlund. Straks blijkt het toch niet te lukken, zegt ze. Straks weet Boris Johnson nog een manier om het parlement te dwarsbomen. Maar toch: De remainers juichen zacht, wachtend op de tegenzet van Boris Johnson

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden