Werkgroep Kamerreglement

Vooral de parlementaire cultuur moet op de schop als de Tweede Kamer de werkdruk wil beperken

SGP-fractievoorzitter Kees van der Staaij.Beeld ANP

Problemen rond de werkdruk in de Tweede Kamer laten zich niet altijd oplossen met strengere regels, vindt een werkgroep onder leiding van SGP’er Kees van der Staaij. Vooral de parlementaire cultuur moet veranderen.

Hans van Mierlo had begin jaren zeventig een inventief idee: de Kamervoorzitter moest, vond het toenmalige D66-Kamerlid, een dodemansknop kunnen indrukken. Daarmee zou een luik onder het spreekgestoelte openen om langdradige Kamerleden met een liftje naar de kelder af te voeren.

De manier waarop de Tweede Kamer functioneert, is al decennia voer voor discussie. Debatten kunnen eindeloos duren, moties vliegen onophoudelijk door de vergaderzaal, de agenda’s stromen vol aanvragen voor debatten, die niet zelden pas een jaar later worden gevoerd. Het is Kamervoorzitter Khadija Arib een doorn in het oog. Begin juli sprak ze de andere 149 Kamerleden toe: “We maken onszelf en elkaar gek”.

Het afgelopen jaar heeft een werkgroep van negen Kamerleden onderzocht of er iets aan die gekte kan worden gedaan. De vergaderregels waren toe aan ‘groot onderhoud’, aldus Kees van der Staaij, de voorzitter van die werkgroep. De laatste keer dat het ‘Reglement van orde’ onder handen is genomen, was in 1994.

Kamerleden willen het liefst in de plenaire zaal werken

De afgelopen 25 jaar heeft het aantal ingediende moties en aangevraagde debatten een vlucht genomen. Van der Staaij heeft een verklaring voor die toegenomen drukte, zei hij woensdag bij de presentatie van de voorstellen van de werkgroep. De Kamerleden concentreren zich steeds meer op de grote, plenaire zaal. “De buitenwereld kent die blauwe stoelen van tv.” In die arena, waar de camera’s op zijn gericht, willen Kamerleden hun werk doen. Daar dienen ze een stortvloed aan moties in, stemmen ze meerdere keren per week en vragen ze het ene na het andere debat aan.

Een oplossing is om de commissievergaderingen interessanter te maken, denkt de werkgroep. In die kleinere zalen moeten Kamerleden ook brieven van de regering kunnen vragen en debatten agenderen. Een vergadering in de kleine zaal heet nu nog ‘algemeen overleg’ en zou beter ‘commissiedebat’ kunnen heten.

Er is de werkgroep veel aan gelegen om de druk op de plenaire zaal te verlichten. Daarom vindt Van der Staaij dat aangevraagde debatten niet meer eindeloos in de lucht moeten blijven hangen, zonder daadwerkelijk plaats te vinden. Na twaalf weken komen niet ingeplande debatten in principe te vervallen. Een ‘valluik’ à la Van Mierlo gaat Van der Staaij wat te ver. Hij voelt meer voor een ‘valbijl’ voor debataanvragen.

De werkgroep wil niet tornen aan de parlementaire rechten van Kamerleden. Ze moeten moties kunnen blijven indienen. “Desnoods twintig in een debat”, zegt Van der Staaij. De oplossing ligt wat hem betreft niet in strengere regelgeving, maar in de parlementaire cultuur. “Dit moet een onderwerp in alle fracties zijn. Is zoveel moties indienen nou echt verstandig?”

Ook de zogenoemde dertigledendebatten verandert niets. Een Kamerlid dat geen meerderheid vindt voor een bepaald debat, kan dat alsnog op de agenda krijgen als hij de steun van dertig Kamerleden krijgt. Het leidt tot een eindeloze rij debataanvragen. In het verleden zijn voorstellen gedaan om die drempel te verhogen naar vijftig Kamerleden. Van der Staaij voelt hier niets voor. “De werkgroep wenst ten principale geen afbreuk te doen aan het recht van minderheden om een plenair debat te kunnen agenderen.”

Overdaad aan moties

Een grote bron van irritatie, binnen en buiten de Kamer, is de stortvloed aan moties die jaarlijks passeert. 2018 was een absoluut recordjaar met 4141 stuks. De werkgroep noemt het ‘een overdaad’ en is bezorgd omdat dit parlementaire wapen botter en botter wordt. Ook op dit punt zijn Van der Staaij en zijn collega’s bang dat het aan banden leggen van moties ‘de rechten van individuele Kamerleden teveel aantast’.

De werkgroep heeft ook onderzocht hoe het wekelijkse vragenuur, op dinsdagmiddag tussen 14.00 en 15.00 uur en rechtstreeks uitgezonden op tv, interessanter kan worden. Het moet levendiger, vindt ook Van der Staaij. Er lag ooit een voorstel bij de Kamer om voortaan standaard de premier te laten debatteren met de fractievoorzitters. Het is wat de werkgroep betreft niet nodig om hiertoe over te gaan. In de praktijk nemen Rutte en de fractieleiders al geregeld deel aan het vragenuur, een goede ontwikkeling, aldus Van der Staaij. Hij zoekt de oplossing voor het te vaak matte en statische vragenuur in technische wijzigingen. Kamerleden en bewindslieden moeten losser kunnen debatteren, zonder al te strakke regels.

Kamervoorzitter Arib zei woensdag bij de presentatie dat het Reglement van orde een zeer waardevol boekje is. Tijdens debatten is het haar gids. Ze was bang, zei ze, dat Van der Staaij met zijn voorstellen ‘alles formeel wilde vastleggen’. “Ons bestaansrecht zit vooral ook in de ongeschreven regels. Als Kamervoorzitter wil ik bewegingsvrijheid hebben.”

Belangrijkste voorstellen van de werkgroep-Van der Staaij:

- Niet ingeplande debatten komen na twaalf weken te vervallen. Eventueel kan een aanvraag met twee keer twaalf weken worden verlengd.
- Het mondelinge vragenuur moet dynamischer. Bewindslieden en Kamerleden krijgen meer vrijheid in het debat.
- Commissievergaderingen moeten belangrijker worden om de plenaire agenda te ontlasten. Debataanvragen en verzoeken om brieven van de regering te ontvangen, moeten meer via de commissie verlopen en minder via de plenaire zaal. De onduidelijke term ‘algemeen overleg’ verandert in ‘commissiedebat’.
- Moties kunnen niet eindeloos meer worden aangehouden. Er moet over worden gestemd in de lopende zittingstermijn van de Kamer, anders vervalt de motie.
- Nog maar een keer per week vindt in de plenaire zaal een regeling van werkzaamheden plaats, het moment voor Kamerleden om debatten aan te vragen. Nu kan dat nog drie keer per week.
- Er komt, naast de reguliere stemming op dinsdagmiddag, een vast stemmoment voor moties.

Lees ook:

De vraag is hoe rigoureus Kees van der Staaij de ontspoorde Kamer wil aanpakken

Er is een stortvloed aan moties en debatten in de Tweede Kamer. Maar gaat de commissie Van der Staaij met baanbrekende voorstellen komen? De commissie bestaat uit negen Kamerleden van negen fracties. Een bekende politieke wet: hoe meer partijen tot overeenstemming moeten komen, hoe wateriger het compromis.

De Tweede Kamer zal nog verder marginaliseren

Van de commissie-Van der Staaij vallen geen voorstellen te verwachten die de positie van de Kamer ten opzichte van de uitvoerende macht verbeteren. De Kamer zit namelijk gevangen in een prisoner’s dilemma, stelt politiek columnist Lex Oomkes.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden