Transparantie

Tweede Kamer: Nieuwe openheid van regering gaat niet ver genoeg

Kajsa Ollongren in de Tweede Kamer. Beeld ANP
Kajsa Ollongren in de Tweede Kamer.Beeld ANP

De Tweede Kamer is nog niet tevreden over de nieuwe openheid van het kabinet. Zo wil de Kamer meer inspraak in de beoordeling welke stukken toch geheim moeten blijven.

Het was de harde les van het toeslagenschandaal. Het kabinet moet de Tweede Kamer beter en sneller informeren. Als die daarom vraagt, maar ook ongevraagd. Het kabinet beloofde beterschap, maar de Kamer wil mede bepalen of stukken terecht of onterecht geheim blijven, bijvoorbeeld met een speciale commissie, zo bleek maandag tijdens een debat over deze nieuwe spelregels in de democratische rechtsstaat. SP-Kamerlid Renske Leijten diende daarvoor een motie in. Het zal erom spannen of die dinsdag wordt aangenomen.

De nieuwe spelregels draaien om een strengere uitleg van artikel 68 uit de Grondwet. Die schrijft voor dat ministers en staatssecretarissen de Kamer informatie moet geven en antwoord op vragen. Te vaak gebeurde dat in het recente verleden niet, onvolledig of te laat. Er zijn wel uitzonderingen op deze regel. Volgens de Grondwet mag de regering stukken geheim houden als ‘het belang van de staat’ in het geding is. Tot voor kort interpreteerde de regering dit zo breed, dat alle stukken met ‘persoonlijke beleidsopvattingen’ van ambtenaren ook geheim mochten blijven. Dit stond bekend als de Rutte-doctrine.

Volgens Ollongren is dat nu verleden tijd. Voortaan stuurt de regering uit zichzelf ‘beslisnota’s’ naar de Kamer, waarin alle argumenten en overwegingen over een bepaalde kwestie staan. De Kamer kan bovendien altijd zelf stukken opvragen. De SP en ook D66 vinden daarentegen het lijstje uitzonderingen nog lang. Ollongren heeft dertien punten vastgesteld die onder ‘het belang van de staat’ vallen. Daarop staan bijvoorbeeld ‘lopende onderhandelingen’ of ‘belang van controle, inspectie en toezicht’. In het toeslagenschandaal kreeg de Kamer bepaalde informatie niet omdat die ‘toezichtsvertrouwelijk’ zou zijn. Dit argument blijkt dus nog steeds geldig.

Een einde aan woordspelletjes

D66-Kamerlid Joost Sneller vroeg aandacht voor informatie waarvan de Kamer niet wéét dat het bestaat. Zoals de misleiding over de pulsvisserij door ambtenaren van Landbouw, richting de Europese Commissie. Dit kwam pas na een beroep op de Wob (Wet open­baar­heid van be­stuur) van de NOS naar boven.

Kamerleden én minister erkennen dat veel zal afhangen van de houding van ministeries in de praktijk. Ollongren beloofde een ‘ruimhartige’ houding en ‘een einde aan de woordspelletjes’. Dit als antwoord op de vraag van Leijten: “Gaan we nu stoppen met ‘u vroeg naar een memo, maar het was een notitie of vice versa?’” Ollongren zei wel dat de ‘informatiehuishouding’ van de overheid nog niet op orde is. Met andere woorden: niet alles is even snel terug te vinden. “Dat blijft een groot probleem.”

Voor rechtstreeks contact tussen ambtenaren en Kamerleden zijn nieuwe regels opgesteld. Sinds de ‘oekaze van Kok’ uit 1994 was dit verboden voor individuele Kamerleden, nu mag het via een ‘contactpersoon’. Ollongren moest beloven dat dit niet de zoveelste woordvoerder op een ministerie wordt.

PvdA-Kamerlid Khadija Arib kreeg grote bijval voor het voorstel een jaarlijks debat over de Staat van de Rechtsstaat te houden. De Eerste Kamer heeft al zo’n fundamenteel debat.

Lees ook:

Gaat de Rutte-doctrine echt bij het grofvuil? Kamer buigt zich over nieuwe regels van Ollongren

Met de hand op het hart beloofde het kabinet begin dit jaar meer openheid aan de Kamer. De bom van het toeslagenschandaal was net in het gezicht van Rutte III ontploft. Wat is er een halfjaar later waargemaakt van die belofte?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden