Verhoren toeslagenaffaire

Top Belastingdienst wijst naar Sociale Zaken in toeslagenaffaire. ‘We voelden ons onmachtig’

De parlementaire ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag onderzoekt hoe ouders in grote problemen terecht konden komen en onterecht als fraudeurs werden bestempeld.  Beeld ANP
De parlementaire ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag onderzoekt hoe ouders in grote problemen terecht konden komen en onterecht als fraudeurs werden bestempeld.Beeld ANP

Het ministerie van sociale zaken gaf keer op keer geen toestemming aan de Belastingdienst om minder rigide om te gaan met het terugbetalen van de Kinderopvangtoeslag.

“Wij voelden ons met handen en voeten gebonden, onmachtig”, zegt directeur Toeslagen Gerard Blankestijn. “En er zijn heel veel fouten gemaakt.”

Twee voormalige topambtenaren van de Belastingdienst laten er op de derde dag van de ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag geen misverstand over bestaan. Zíj hadden heel graag minder hardvochtig willen optreden. Maar de ambtelijke top van Sociale Zaken antwoordde steeds heel helder: ‘Dit is bewust beleid, en het moet zo worden uitgevoerd’.

Die uitvoering kwam hierop neer: zodra een ouder volgens de Belastingdienst onjuiste of onvolledige informatie had verstrekt, een handtekening te weinig had gegeven of te weinig eigen bijdrage had betaald voor de kinderopvang, moest de gehele toeslag over dat jaar worden terugbetaald.

Drie jaarsalarissen terugbetalen

Voormalig directeur-generaal Peter Veld (2010-2016) vond dit beleid ‘buitengewoon rigide’ en veel te ver gaan. “Je realiseert je goed dat ouders hierdoor in grote problemen komen, soms moesten ze tot drie jaarsalarissen terugbetalen.” Hij heeft twee keer vergeefs geprobeerd via de eigen staatssecretaris en rechtstreeks bij het ministerie van sociale zaken toestemming te krijgen voor een koerswijziging. Dan zou de dienst Toeslagen wel proportioneel, zoals bijvoorbeeld slechts een deel van de toeslag, kunnen terugvorderen. “De staatssecretarissen Weekers en daarna Wiebes waren het met ons eens. Maar het strandde bij Sociale Zaken”, zegt Veld.

De Belastingdienst kon geen kant op, aldus voormalig directeur Toeslagen Gerard Blankestijn (2010-2018), ook omdat de Raad van State steeds eenzelfde uitspraak deed. “Er was geen beweging in te krijgen.” Maar de dienst Toeslagen wijzigde na 2017 het beleid niet. Toen gaf de Raad van State aan dat het stopzetten van de toeslagen niet had gemogen, en kwam de Nationale Ombudsman met een uiterst kritisch rapport over de uitwerking van het hardvochtige terugvorderingsbeleid bij Toeslagen. Ook de eigen juridisch vaktechnisch coördinator, Sandra Palmen, adviseerde het invorderingsbeleid 180 graden te wijzigen. Volgens Blankestijn is besloten alleen bij die ene casus de toeslag proportioneel terug te vorderen, maar dat is niet gebeurd. Hij kon geen antwoord geven op de vraag waarom deze nieuwe uitspraak niet is aangegrepen om het uitvoeringsbeleid bij Toeslagen te wijzigen.

De goeden gingen lijden onder de kwaden, dat wist de Belastingdienst

Dat de ouders niet te horen kregen waarom de toeslag werd gestopt en teruggevorderd, er geen antwoord kwam op hun brieven en telefoontjes, en later bij de rechter ook niet alle stukken in de dossiers aanwezig bleken te zijn, kan Blankestijn niet toelichten. “Dat kan ik niet verklaren. Dat moeten fouten zijn geweest.” Wel weet de ex-directeur Toeslagen waarom de dienst in hoger beroep is gegaan. “De uitspraak had een grote impact, en wij wilden zeker weten dat dit bestendige jurisprudentie werd”, aldus Blankestijn.

Dat ouders in grote financiële en sociale problemen zijn gekomen omdat de Belastingdienst na de Bulgarenfraude een beleid ging voeren waarbij ‘de goeden onder de kwaden’ zouden gaan lijden, wist volgens directeur-generaal Peter Veld iedereen binnen de Belastingdienst. En voormalig staatssecretaris Weekers heeft dit de Tweede Kamer ook gemeld. Toch is het effect dramatisch geweest. “Het is beschamend dat het zo is gegaan”, geeft de voormalig directeur-generaal Peter Veld van de Belastingdienst toe. “Mijn reflectie is, dat ik niet heb gezien dat het zo ging en een volgende keer een tussenevaluatie zal vragen”, zegt hij terugkijkend. Blankestijn vindt het ‘heel erg’ dat er zo’n groot leed is toegebracht aan de toeslagen-ouders.

‘Een slotdebat en dan is het afgerond’

De derde topambtenaar die werd gehoord was Agaath Cleyndert. Zij nam in 2018 de functie van Blankestijn bij Toeslagen over. “Deze zaak kent alleen maar verliezers”, zegt ze. Cleyndert ziet drie plekken waar het uit de hand is gelopen: “Bij de uitvoering is een ernstig doorgeschoten aanpak geweest, de wetgeving was bijzonder stevig en de jurisprudentie bevestigde steeds weer deze lijn.” Bij haar aantreden in 2018 was ze niet voorbereid op de escalatie van toeslag-problemen bij de dienst. “In de overdracht kreeg ik te horen dat er nog een slotdebat kwam en het dan afgerond zou zijn.”

Het liep anders. Cleyndert kreeg al snel te maken met alle zaken waarbij ook opzet en grove schuld werd verweten, zoals bij het Eindhovense gastouderbureau. Daar waren bij een paar honderd ouders de toeslagen stopgezet.

Het explosieve memo van Sandra Palmen dat een paar weken geleden weer boven water kwam en waarin stond dat alle ouders gecompenseerd moesten worden, ontving Cleyndert zelf in juni 2019. Maar Cleyndert beschouwde het memo ook als niet zo belangrijk. “Ik heb dat niet zo gezien”, erkende ze.

Op het memo lag een zogeheten beslisnotitie. Commissielid Renske Leijten las voor wat er in stond. Een lid van het managementteam had geschreven: “Laten we de strijdbijl begraven”, wat betekende dat de hardvochtige uitvoering gestopt moest worden. Het memo noch de beslisnotitie kwamen zomer 2019 terecht in een factsheet van de toeslagenaffaire, dat de dienst voor de Tweede Kamer maakte. Waarom niet, kan Cleyndert niet verklaren. “Het stond eerst wel in de factsheet, en toen is het verdwenen. Er werkten zo’n 20 man aan de factsheet. Ergens in de voorbereidingen is het eruit gehaald en ik kan niet achterhalen wie dat heeft gedaan. Dat zou ik dan een rechercheteam moeten laten uitzoeken, maar dat heb ik niet gedaan.”

De parlementaire onder­vragingscommissie Kinderopvangtoeslag verhoort deze en volgende week ambtenaren en (oud-)politici, betrokken bij wat de Toeslagenaffaire is gaan heten. Lees hier het dossier en een reconstructie van wat er gebeurd is.

Verhoren donderdag

Na drie dagen met ambtenaren van de Belastingdienst, is het donderdag de beurt aan medewerkers van Sociale Zaken. Dat ministerie is verantwoordelijk voor het beleid en de wetgeving met betrekking tot kinderopvangtoeslag. Waarom werden voorstellen om minder hardvochtig terug te vorderen bij kleine fouten of te weinig betaalde eigen bijdragen door ouders, door SZW consequent afgewezen? En wat hebben de ambtenaren van SZW daarover besproken met toenmalig minister Lodewijk Asscher? Achtereenvolgens hoort de ondervragingscommissie voormalig directeur-generaal Werk Marcelis Boereboom, huidig directeur Kinderopvang Maaike van Tuyll en huidig secretaris-generaal Loes Mulder.

Lees ook:

Verhoren dag 2: De afdeling Toeslagen zette de ambtenaar die ‘stop!’ riep op een zijspoor

Het was een vernietigend advies dat ze in 2017 schreef als juridisch ambtenaar bij de afdeling Toeslagen van de Belastingdienst. Bij het abrupt stopzetten en terugeisen van de kinderopvangtoeslag van ruim driehonderd ouders zat de dienst op alle punten fout.

Verhoren dag 1: ‘Je verwacht excuses, een bosje bloemen. Maar niets van dat alles.’

Hans Blokpoel heeft als voormalig algemeen directeur van de Belastingdienst “heel veel buikpijn” hoe hardvochtig de terugvordering van de kinderopvangtoeslag heeft uitgepakt voor de gedupeerde ouders. Toch heeft hij naar eigen zeggen zelf in deze affaire nauwelijks een rol gespeeld.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden