Rob Jetten in zijn kantoor aan het Binnenhof.

InterviewRob Jetten

Rob Jetten: ‘Waarom wordt mijn geaardheid er altijd bij gehaald?’

Rob Jetten in zijn kantoor aan het Binnenhof.Beeld Werry Crone

Hij zou van de partij van ‘dood en verderf’ zijn, vanwege de D66-standpunten over abortus en euthanasie. Maar ook van de moslim- en buitenlanderknuffelaars. Zelf vraagt Rob Jetten zich af: waarom wordt zijn geaardheid er toch altijd bij gehaald? 

“Als mensen zich voorstellen, gaat het snel over werk”, zegt Rob Jetten (33) in zijn kantoor aan het Binnenhof, een paar weken voor de verkiezingen, waar D66 de tweede partij werd. “Ik stel me liever voor als Rob, die met zijn vriend Sjoerd in een dorpje bij Nijmegen woont. Die doordeweeks in Den Haag werkt, maar ook een sterke band heeft met het bourgondische, familiale Brabant uit zijn jeugd.”

Tegenstanders plakken echter andere labels op de vicefractievoorzitter en zijn partij. “Haters noemen D66 de partij van dood en verderf, vanwege onze standpunten over abortus en euthanasie. En nu Sigrid Kaag onze lijsttrekker is, zijn we moslim- en buitenlanderknuffelaars, die de Nederlanders bij het grofvuil zetten. Klimaatdrammer heb ik inmiddels wel omarmd als geuzennaam.”

U wordt ook vaak getypeerd als de homoseksuele fractievoorzitter. Wat vindt u daarvan?

“Mijn coming-out was niet makkelijk, maar ook niet dramatisch. Het is daarna nooit een issue geweest tijdens mijn studie, op werk of onder vrienden. Toen ik in 2018 fractievoorzitter werd, besefte ik dat er een hele wereld is buiten mijn bubbel, die daar wel mee zit. Toen ben ik mijn geaardheid meer gaan benadrukken. Ik krijg sindsdien veel berichten van jonge én oude mensen die in de kast zitten, en steun putten uit het feit dat ik als homoman in de Tweede Kamer zit en er openlijk over spreek.”

U heeft een vrij braaf imago: huisje, boompje, beestje. Denkt u daar bewust over na?

“Ik was pas 29 toen ik in de Kamer kwam, dus ik probeerde me aan te passen aan de norm: grijs pak, saaie das. Maar hoe langer ik hier rondloop, hoe zekerder ik ben van mezelf en mijn plek op de apenrots. Dus draag ik soms een legergroen pak – en dat vinden ze hier in Den Haag heel spannend. Kijk, ik ken de gayscene goed, hou van feestjes en festivals. Maar ik ga in het weekend ook graag met mijn vriend en hond het bos in, dat is ook wie ik ben. Dat mogen mensen burgerlijk vinden.”

Toch krijgt u veel homofobe berichten, die u deelde in een filmpje. Was de maat vol?

“Ik heb gelukkig een dikke huid, anders is dit werk niet vol te houden. Het is wel apart dat mijn geaardheid er altijd bij wordt gehaald, ook als het over klimaat of integratie gaat. Prima als je het niet met onze plannen eens bent, maar waarom steeds die homofobie? Toen ik dat filmpje deelde, kreeg ik kritiek omdat ik alleen witte mensen had geciteerd. Maar 90 procent van die berichten kómt van witte Nederlanders. Homohaat kent vele vormen. Stelletjes durven niet hand in hand te lopen in wijken waar veel migranten wonen. Dat is niet acceptabel, maar Wilders komt alleen op voor homo’s als hij moslims kan bashen. De anti-homoverklaringen op christelijke scholen zijn net zo verwerpelijk. Je moet wel alle facetten van homofobie benoemen.”

Rob Jetten: 'Ik heb gelukkig een dikke huid'. Beeld Werry Crone
Rob Jetten: 'Ik heb gelukkig een dikke huid'.Beeld Werry Crone

Hoe kijkt u naar de opkomst van nationalisme onder witte homo’s, clubjes zoals De Roze Leeuw?

“Ik vind het fascinerend. Identiteiten hebben vele lagen en kleuren. Je kunt als man op mannen vallen en er radicaal-rechtse sympathieën op nahouden. Een deel van de lhbti-gemeenschap voelt zich onveilig en heeft het idee dat dat door migranten komt, of de islam, en dat Nederland onder druk staat. Maar waarom stem je dan op een partij die lhbti-rechten niet wil verankeren in de Grondwet? De PVV en FvD stemmen stelselmatig tegen voorstellen om homohaat en transfobie harder aan te pakken.”

Voor jonge lhbti’ers bent u een rolmodel, maar tegenstanders van jullie klimaatdoelen zien u juist als de belichaming van het kwaad. Vijf boeren van Farmers Defence Force zochten u zelfs thuis op. Hoe voelt het om zo persoonlijk te worden gepakt op uw politieke idealen?

“Ik zat met corona thuis en het was tien uur ’s avonds, dus ik probeerde via een gesprek de boel te de-escaleren. Maar ondertussen dacht ik wel: dit is sick. Zo’n directe confrontatie is intimiderend. We begeven ons op een glijdende schaal, omdat de politicus steeds meer als persoon wordt gezien. Ik probeer mijn vriend hierbuiten te houden, maar hij krijgt soms ook onverwachts mensen aan de deur, of opent rare post. Ik vraag veel van hem, omdat mijn werk zijn vrijheid beperkt. We hebben daar vaak over gesproken, maar we zijn samen al zover gekomen, dus er is eigenlijk geen weg terug.”

U gaat vaak met jongeren in gesprek over ongelijkheid. Hoe stoppen we de polarisatie?

“Mensen voelen zich snel persoonlijk aangesproken als het over racisme gaat. Maar ik ben geen racist, zeggen ze dan. Het lukt vaak niet om dat te ontstijgen en veel mensen kunnen zich niet verdiepen in de pijn van anderen. Maar in de progressieve kerk, als ik het even zo mag noemen, zijn we elkaar ook te veel aan het bestrijden. Dan zegt iemand in een overwegend links debat één verkeerd woord en wordt dan gelijk aangevallen. Dan denk ik: jongens, alsjeblieft. Laten we ons samen richten op die grote groep die we nog niet meekrijgen, dáár moeten we stappen zetten.”

D66 moest onlangs erkennen dat er een onveilige werksituatie is geweest voor meerdere vrouwelijke medewerkers, blijkt uit een rapport van onderzoeksbureau Bing, al was er geen bewijs van grensoverschrijdend gedrag. Ook binnen uw eigen partij kan het dus beter.

“Elk incident is er één te veel, dus ik ben blij dat we onafhankelijk onderzoek hebben laten doen door een extern bureau, dat aantoonde dat er geen structureel machtsmisbruik is geweest in al die jaren. Ik weet dat ik vanaf het moment dat ik fractievoorzitter ben, een veilige werkomgeving voorop heb gesteld.

Inclusiviteit gaat niet alleen over wie je op de kandidatenlijst zet, maar ook om een cultuur te creëren waarin verschillende invalshoeken en ervaringen bespreekbaar zijn. Inclusiviteit en diversiteit blijven een leerproces, maar anno 2021 kan dat proces niet snel genoeg gaan.”

Rob Jetten (1987) studeerde bestuurskunde aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Voor zijn politieke carrière werkte hij bij ProRail. Sinds 2017 zit hij in de Tweede Kamer voor D66. Van 2018 tot 2021 was hij fractievoorzitter, momenteel is hij vicefractievoorzitter. Hij gaat zich als volksvertegenwoordiger de komende periode richten op medisch-ethische thema’s.

Lees ook:

Hou eens op met dat hokjesdenken

Het is moeilijk een coherent zelfbeeld te vormen als je overal een beetje bij hoort, schrijft Haroon Ali – half-Nederlands, half-Pakistaans, ex-moslim én homo. En het verhitte identiteitsdebat maakt het zo beladen.

Natacha Harlequin: Ik wil altijd dat mensen naar me blijven luisteren

Soms vragen mensen zich af of advocaat ­Natacha Harlequin zich wel in het racismedebat mag mengen, omdat ze zelf te weinig last zou hebben gehad van ­discriminatie. Of omdat ze te mild is. Haar eigen toverwoord is empathie.

Sunny Bergman: Eén onhandige opmerking maakt je niet gelijk een slecht mens

Geef nu gewoon maar toe dat we allemaal vooroordelen over elkaar hebben, zegt activist, feminist en documentairemaker Sunny Bergman. Juist dan ontstaat ruimte voor gesprek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden