Rechtszaak Wilders

Met Wilders zitten ook politiek, ambtenaren en OM in het verdachtenbankje

Geert Wilders in de beveiligde gerechtsbunker op Schiphol, tijdens het hoger beroep dinsdag. Achter hem zijn advocaat Geert-Jan Knoops. Beeld EPA

Het proces tegen Geert Wilders gaat vooralsnog door. Wat zijn de gevolgen voor het vertrouwen in de rechtsstaat?

Geert Wilders zat dinsdag bij de voortzetting van het hoger beroep in zijn rechtszaak niet alleen in het verdachtenbankje. Met hem zaten daar de politiek, het OM en de ambtenarij. Verdacht gemaakt in de beeldvorming door de stroom van uitgelekte nota’s en e-mails uit 2014, het jaar dat de beslissing viel of Wilders vervolgd moest worden voor zijn omstreden ‘minder-Marokkanen-uitspraak’.

Voor advocaat Geert-Jan Knoops is er na de laatste onthullingen al helemaal geen twijfel meer. Hoge ambtenaren hebben zich er actief mee bemoeid en het OM geadviseerd over de aanpak van Wilders vanwege zijn ‘kwaadaardige uitlating’ – in de woorden van een van hen. Dan doet het er niet meer toe wat toenmalig minister Opstelten van justitie precies wist, aldus de advocaat van Wilders.

Er is volgens Knoops sprake van politieke sturing en inhoudelijke bemoeienis met een individueel proces. “Hier kan Poetin nog iets van leren”, zei Wilders zelf in zijn slottoespraak tegen het hof.

Advocaat-generaal Gerard Sta noemde het in de rechtbank ‘verbazend’ dat hoge ambtenaren zo praten over de inhoud van een strafzaak. Ondanks deze persoonlijke uitlating hield hij tegenover het hof vol: het OM besliste onafhankelijk over de vervolging (zie kader).

Valsheid in geschrifte

De vraag is of de aanklager hiermee de onthullingen kleiner maakt dan ze zijn. Tegen hem en twee collega’s heeft Wilders inmiddels aangifte gedaan van valsheid in geschrifte, omdat zij enige afstemming tussen het OM en het ministerie altijd hebben ontkend. Het hof voegde deze aangiftes dinsdag bij het procesdossier, op verzoek van Wilders.

Minister Grapperhaus van justitie maakte de e-mails dinsdag openbaar, nadat een groot deel al op straat lag via ‘RTL Nieuws’. Ook al gaat het om intern mailverkeer, het beeld dat oprijst is van tweeën één: of de ambtenaren hielden zich recht onder Opsteltens neus uitvoerig ­bezig met de details van deze zo ­gevoelige zaak tegen een parlementariër; óf Opstelten was op de hoogte.

In beide gevallen spreekt er een soort wantrouwen uit, alsof het OM zelf dergelijke argumentatie niet kan bedenken. Al met al een beeld dat het vertrouwen van burgers in de rechtsstaat en de politiek schaadt.

Justitie vaker in verlegenheid gebracht

Grapperhaus zal mogelijk deze week al spitsroeden moeten lopen in de Tweede Kamer. Het kabinet heeft altijd volgehouden dat van politieke bemoeienis geen sprake is geweest. En het is niet de eerste keer dat Justitie in verlegenheid wordt gebracht door informatie die niet via de koninklijke weg – op verzoek van de volksvertegenwoordiging – naar buiten komt.

Zo speelt dus in het hoger beroep van de zaak-Wilders opnieuw de procesgang en Justitie zelf een hoofdrol. Net als bij de eerste rechtszaak tegen Wilders in 2011, waarbij in de beeldvorming de rechterlijke macht in het verdachtenbankje belandde. Net als toen raakt de kern van de strafzaak ondergesneeuwd: is Wilders schuldig aan groepsbelediging en aanzet tot discriminatie en haat, zoals de rechter in eerste aanleg vaststelde?

Mocht het hof besluiten dat het OM haar recht op vervolging heeft verspeeld, dan zal niemand het antwoord hierop weten. Dat is een gemis, maar voor het vertrouwen in de rechtsstaat zou zo’n geconstateerde inbreuk op de scheiding der machten nog schadelijker zijn. Het hof doet hierover uiterlijk 11 oktober uitspraak.

Wanneer besloot het OM over de vervolging van Geert Wilders?

Over het antwoord op deze vraag bestaat onenigheid tussen het ministerie en de verdediging van Wilders. Verwarrend is dat in de uitgelekte emails (die dateren van eind sept/okt) wordt gesproken over een ‘voorgenomen vervolgingsbeslissing’. Volgens het ministerie was dat besluit praktisch al op 10 september 2014 genomen. De definitieve beslissing (die in december naar buiten kwam) was volgens het OM een formaliteit, zoals bij de meeste zaken, omdat in de tussentijd de verdachte op de hoogte wordt gesteld. Maar volgens advocaat Knoops bewijzen de uitgelekte emails juist dat de ambtenaren meenden nog invloed op het OM te kunnen uitoefenen na 10 september.

Wie beslist over vervolging?

Vanwege de scheiding der machten hoort een minister van justitie zich in een rechtsstaat niet te bemoeien met wie er al dan niet wordt vervolgd. De minister is wel politiek verantwoordelijk voor het Openbaar Ministerie, maar dat beslist onafhankelijk.

Er zijn een paar uitzonderingen. De minister mag het OM een aanwijzing geven iemand toch te vervolgen, maar pas na overleg met de procureurs-generaal. Hij moet hierover de rechter informeren. Ook kan hij opdracht geven een verdachte niet te vervolgen, maar daarover moet hij de Tweede Kamer meteen informeren. In de zaak-Wilders heeft Opstelten beide destijds niet gedaan.

Lees ook: 

In Den Haag groeit de onrust over het proces tegen Wilders

Advocaat Geert-Jan Knoops bepleit dat de rechtszaak tegen PVV-leider Geert Wilders alsnog gestaakt moet worden. Onthullingen van ‘RTL Nieuws’ geven de verdediging voldoende zuurstof voor een nieuwe poging om het Openbaar Ministerie (OM) onderuit te halen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden