Europa

Juncker en Tusk: twee romantici, overmand door gebeurtenissen

Beeld EPA

Na vijf veelbewogen jaren vertrekken Jean-Claude Juncker en Donald Tusk dit weekeinde als voorzitters van respectievelijk de Europese Commissie en de Europese Raad. Hoe hebben ze het gedaan?

Het was een lange nacht, dus Donald is moe.” We schrijven 29 juni 2018, de zoveelste slopende Europese top over migratie is afgelopen en Jean-Claude Juncker steekt tijdens de persconferentie weer eens de draak met de naast hem staande Donald Tusk. Die geeft geen krimp.

Als iemand moe wordt van nachtelijke vergaderingen is het EU-commissievoorzitter Juncker zelf wel. Hij heeft er een bloedhekel aan. Tegelijk houdt de Luxemburger ervan om een beetje te dollen met de fysiek veel fittere Tusk. De Poolse voorzitter van de Europese Raad van regeringsleiders loopt wel­eens een halve marathon. Juncker heeft soms moeite om een paar traptreden te beklimmen.

Je zou het niet zeggen, maar ze schelen qua leeftijd niet eens zo veel: Juncker wordt op 9 december 65 jaar, Tusk is 62. Allebei zwaaien ze dit weekeinde af, na vijf tropenjaren aan de top van de Europese Unie. Ze dragen hun hoofdpijndossiers over aan respectievelijk ­Ursula von der Leyen (61) en Charles Michel (43). Dat ze op dezelfde dag de deur achter zich dicht trekken, was niet de bedoeling. Von der Leyen had al op ­1 november moeten beginnen, maar had haar team niet op tijd rond.

Wankel evenwicht 

Hoe verschillend ze ook zijn, Juncker en Tusk hielden elkaar al die jaren vast in een soort wankel evenwicht. “We waren tweelingbroers”, zei Juncker op 22 oktober in het Europees Parlement in Straatsburg. “Zelfs tweelingbroers kunnen het soms met elkaar oneens zijn. Maar we hadden de intelligentie om onze onenigheden te verbergen.”

Wat ze gemeen hebben, is dat ze zich allebei overmand zullen voelen door alle ongewenste gebeurtenissen in het tijdvak 2014-2019. ‘Events, dear boy, events’, zoals de Britse oud-premier Harold Macmillan schijnt te hebben geantwoord op de vraag van een journalist wat hij het meeste vreesde.

Juncker en Tusk hadden in 2014, toen het ergste eurocrisisleed geleden leek, de wellicht naïeve hoop kunnen koesteren dat ze aan opbouwwerkzaamheden konden beginnen. Maar het was meteen alle hens aan dek met de bijna-grexit, de migratiecrisis en de brexit. Vooral dat laatste dossier, dat ze noodgedwongen als een open boek achterlaten, dreef beiden tot wanhoop.

“Het heeft me pijn gedaan dat ik zo’n groot deel van mijn mandaat bezig was met deconstructie, terwijl ik de ­Europese Unie alleen maar vooruit wilde helpen, niet achteruit”, zei Juncker op 24 oktober in een toespraak voor denktank European Policy Centre in Brussel.

Ook Tusk kwam vaak het stoom uit de oren, soms bijna zichtbaar. Toppunt was zijn uitspraak op 6 februari van dit jaar, toen hij een ‘speciale plek in de hel’ reserveerde voor ‘degenen die de brexit hebben gepromoot zonder zelfs maar een schets van een plan hoe dat veilig ten uitvoer te brengen’.

In hun afscheidstoespraken blikte zowel de Luxemburger als de Pool tevredener terug op die andere ‘exit’, dat wil zeggen, de exit die in 2015 juist voorkomen werd: een vertrek van Griekenland uit de eurozone. Het ‘succes’ van die niet-grexit is de voorbije weken door beiden geclaimd. In geen enkele afscheidsrede viel de naam van Jeroen Dijsselbloem, ook al knapte die destijds als voorzitter van de eurogroep het vuile werk op en verzette hij zich op het moment suprême fel tegen het voorstel van de almachtige Duitse minister Schäuble over een ‘tijdelijke’ grexit. Als daarover in de eurogroep overeenstemming was bereikt, hadden Juncker en Tusk minder armslag gehad om hun invloed te laten gelden.

Waardigheid

“Wij hebben Griekenland zijn waardigheid teruggegeven”, aldus Juncker op 22 oktober. De commissievoorzitter vertelde hoe hij zich teweer had gesteld tegen de regeringsleiders die hem vroegen zich er niet mee te bemoeien omdat Griekenland hun pakkie-an zou zijn. “Maar het EU-verdrag zegt dat de Europese Commissie verantwoordelijk is voor het algemeen belang van de Unie.” Dus deed ook Juncker er alles aan om de eurozone intact te houden.

Tijdens de eurocrisis, die uitbrak onder Junckers voorganger José Manuel Barroso en Tusks voorganger Herman Van Rompuy, trok die laatste op cruciale momenten de kar. De Belgische oud-premier overvleugelde daarbij de Portugese commissievoorzitter. In de Griekse crisis gebeurde het omgekeerde: Tusk kreeg zelfs het verwijt dat hij de zaak een beetje op z’n beloop liet, terwijl Juncker hemel en aarde bewoog.

Voor de hand liggende verklaring is dat Tusk, als Pool, minder passie voor de euro kon opbrengen dan Van Rompuy en Juncker. Hij gaf dat op 14 november ook toe in zijn rede voor het Europacollege in Brugge. “Ik heb nooit gepretendeerd een expert te zijn in de eenheidsmunt of het bankwezen, zoals Herman dat is. Ik bezag de Griekse crisis eerder vanuit politiek en geostrategisch oogpunt dan in financiële termen. Daarom heb ik alles in het werk gesteld om het gevaar van een grexit af te wenden. Als typische vertegenwoordiger van de ‘noordelijke school’ vond ik altijd dat je niet meer mag uitgeven dan je hebt. Ondanks deze overtuiging heb ik de Grieken beschermd tegen de té harde, soms orthodoxe aanpak van de Duitsers en de Nederlanders.”

Beslissende nacht

Ook riep hij in Brugge die ene crisisnacht in herinnering waarin Griekenland slechts enkele millimeters van een grexit was verwijderd. “Tijdens die beslissende nacht van 12 juli 2015, toen de Duitse bondskanselier Merkel en de Griekse premier Tsipras op het punt stonden om de handdoek in de ring te werpen, om vier uur ’s ochtends, sloot ik de deur en liet ik hun weten: ‘Het spijt me, maar ik laat jullie deze zaal niet verlaten totdat jullie een akkoord hebben’. Vier uur later kondigde ik aan: ‘aGreekment’. De eurozone was gered.”

Ruim vier jaar later kunnen we stellen dat Tusks poging om ‘grexit’ in het EU-woordenboek te vervangen door zijn vondst ‘agreekment’ jammerlijk is mislukt. Niet alleen tijdens de Griekse crisis was Tusk aanvankelijk te passief, zoals zijn criticasters stellen. Ook rond de ­migratiecrisis van 2015/2016 en de marathontop van eind juni/begin juli dit jaar over de topbenoemingen bij de EU-instanties klonk het verwijt dat Tusk de macht over het stuur kwijt was.

Die zomertop verliep chaotisch, vooral door verdeeldheid onder de regeringsleiders van de centrum-rechtse Europese Volkspartij (waarvan Tusk vorige week tot voorzitter werd benoemd). Uiteindelijk greep sociaal-democraat Frans Timmermans in die rommelige stoelendans naast het voorzitterschap van de commissie. Met een niet-EVP’er als raadsvoorzitter was dat misschien anders gelopen.

Juncker en Tusk mogen dan veel grexit- en brexit-leed met elkaar hebben gedeeld, soms stonden ze ook lijnrecht tegenover elkaar. Vooral tijdens de migratiecrisis botsten hun visies. Juncker dacht, zoals het een commissievoorzitter betaamt, het meest in pan-Europese oplossingen: eerlijke verdeling van asielzoekers, via de verplichte landenquota, betere samenwerking bij het beheren van de buitengrenzen. Solidariteit, kortom.

Schietschijf

Tusk had het zwaarder: die moest de zeer uiteenlopende meningen en belangen van ‘zijn’ 28 regeringsleiders, van Angela Merkel tot en met Viktor Orbán, in pragmatische en tegelijk unaniem gedeelde oplossingen zien te gieten. Dat lukte al die jaren voor geen meter, de EU-Turkije-deal uit 2016 uitgezonderd. Tusks raad werd daarmee een dankbare schietschijf voor Junckers commissie.

Ook over Rusland liepen hun standpunten uiteen. Ondanks de vijandelijkheden van Moskou vond Juncker toenadering van de EU tot Rusland in het belang van heel Europa. “Poetin is mijn vriend” en “We moeten van de Russen houden”, zei hij in april vorig jaar in een groot interview met Trouw.

Tusk, opgegroeid onder een Russische invloedssfeer, zal liever zijn tong afbijten dan zulke dingen zeggen. Hij constateerde hoe president Poetin er alles aan deed om de EU het leven zuur te maken. “Ik moest iedereen er bijna wekelijks aan herinneren dat Rusland niet onze ‘strategische partner’ is, maar ons ‘strategische probleem’”, zei Tusk in Brugge. “Ze noemden mij zelfs ‘monomaan’ omdat ik zoveel met dit thema bezig was. Maar uiteindelijk wierp dat vruchten af. We hebben mijn hele ambtstermijn lang onze eenheid gehandhaafd, ook wat sancties betreft.”

Eenheid, ‘unity’, dat was Tusks ‘opdracht, bijna een obsessie’. Op zijn kantoor hangt een zelf gefabriceerde affiche met de tekst ‘It’s the unity, stupid’. “Ik zal dat laten hangen, je weet maar nooit”, knipoogde hij tijdens zijn Brugge-toespraak naar opvolger Michel.

De EU wist die eenheid te bewaren tegenover Rusland en, op ongedachte wijze, ook tegenover het Verenigd Koninkrijk. Vaak leek Londen in de brexit-onderhandelingen te gokken op last-minute-concessies van Brussel of onderlinge verdeeldheid bij de lidstaten. Dat daarvan nooit sprake was, kunnen Juncker en Tusk tot hun grootste prestaties rekenen.

Dieptepunt

Op andere thema’s sloeg de EU onder hun toeziend oog een veel schameler figuur, met migratie als dieptepunt. Het Europese asiel- en migratiebeleid is al een hele tijd kapot, en een effectieve reparatie is niet in zicht. Of de kans daarop onder Von der Leyen en Michel groter wordt, is de vraag. Knappe voorzitter die een einde weet te maken aan de onderlinge verdeeldheid over dit gevoelige onderwerp.

Ten slotte: de economie. In de nadagen van de eurocrisis zette de commissie-Juncker zwaar in op het herstel daarvan: het motto ‘groei, banen en investeringen’ werd een bijna heilige Drievuldigheid.

Juncker liet de afgelopen maanden geen gelegenheid onbenut om op het welslagen van dat beleid te wijzen. De Europese economie staat er florissanter voor dan in 2014. De werkgelegenheid bevindt zich op recordhoogte, economische groei houdt nu al 25 kwartalen aan.

“Het Juncker-investeringsfonds heette nog Juncker-fonds toen iedereen dacht dat het zou mislukken”, aldus de scheidend commissievoorzitter. “Toen het een succes werd, veranderde het van naam.”

Het is een Juncker-grapje met een ondertoon van rancune, zoals Juncker-grapjes dat wel vaker zijn. De voorzitter van de Europese Commissie dient traditioneel als pispaal van zowel burgers als nationale politici. Juncker nam extra risico’s door zijn team bij aanvang als ‘politieke commissie’ neer te zetten.

Onder anderen premier Mark Rutte vond dat maar niks en zei een keer dat Juncker niets meer of minder was dan ‘de hoogste ambtenaar’ van de EU. Vorig jaar zei Juncker daarover tegenover deze krant: “Het grappige is dat premiers die een politieke commissie niet goed vinden, inclusief Mark, ons altijd meteen bellen als ze thuis een politiek probleem hebben.”

Je hoorde het vaker in Brussel: onderschat die man nooit. “Juncker is een groot staatsman, hij is me zeer dierbaar”, zei oud-secretaris-generaal Alexander Italianer van de Europese Commissie op 12 november tegen NRC Handelsblad. “Als politicus uit een klein land is zijn instelling altijd geweest: ik heb niets te verliezen. Zo benaderde hij Chinese, Amerikaanse en Russische leiders. Hij vertelde ze de waarheid en dat dwingt respect af.”

‘Ik ben Europa’

Een zowel persoonlijk als professioneel hoogtepunt beleefde Juncker op 25 juli vorig jaar in Washington, waar hij president Donald – ‘de EU is een vijand’ – Trump mild wist te stemmen

en liet afzien van een escalatie in de handelsoorlog. ‘Ik ben Europa’, zo zou hij hebben gezegd tegen Trump, die ­liever zaken doet met regeringsleiders als Angela Merkel en Emmanuel Macron. Maar ook zij hebben het Europese handelsbeleid nu eenmaal uitbesteed aan de Europese Commissie. “Om daar te zitten in het Oval Office, als Luxemburger, en de president van de Verenigde Staten te vertellen dat hij mij serieus moet nemen – nooit eerder vertoond”, zei hij daar vorige maand over.

Dat ook Tusk zelden om de hete brij heen draaide, zullen ze in Londen beamen. De Pool geldt als groot anglofiel en fan van de Beatles, vooral van John ‘Imagine’ Lennon. En hij sprak meer dan eens over de mogelijkheid dat de Britten hun vergissing inzien en de brexit inslikken. “De EU is gebouwd op dromen die onbereikbaar leken”, zei hij in juni 2017. “Dus wie weet? You may say I’m a dreamer, but I am not the only one.

Juncker en Tusk verlaten Brussel door twee zeer verschillende deuren. Maar romantici waren ze allebei.

Lees ook:
Jean-Claude Juncker: Poetin is mijn vriend

Voorzitter Jean-Claude Juncker van de Europese Commissie kreeg in april vorig jaar het laatste woord in de Trouw-interviewserie waarin veertien niet-Europeanen hun visie gaven op Europa en de EU. ‘Wij Europeanen denken soms dat we de baas van de wereld zijn.’

Twijfels over onzichtbare topman Tusk

Poolse ‘EU-president’ stond tijdens de migratiecrisis in de schaduw van commissievoorzitter Juncker

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden