AnalyseStroperig

Hoe wetgeving vastloopt in grote pretenties en wantrouwen

null Beeld Idris van Heffen
Beeld Idris van Heffen

De politiek worstelt met haar belangrijkste taak: het maken van deugdelijke wetten. Waarom worden deadlines maar zelden gehaald en dreigt voor zoveel wetten uitstel?

Niels Markus

Het pensioendebat krijgt trekken van een voetbalwedstrijd waarin de thuisploeg – de coalitie – tot diep in de tweede helft zorgeloos met 4-0 voor stond. Maar bij ingang van de extra tijd staat het pardoes 4-4, en ligt alles weer open.

De brede steun voor de pensioenwet is de afgelopen weken afgebrokkeld, door een Tweede Kamer die om uiterste zorgvuldigheid vraagt, en een kabinet dat snelheid wil. En dat terwijl juist rond de pensioenen zo hard aan breed draagvlak was gewerkt. Vakbonden en een ruime Kamermeerderheid steunden het pensioenakkoord, en in talloze debatten werd de wetswijziging afgelopen tijd consciëntieus besproken.

Maar in het zicht van de eindstreep krijgt de Kamer koudwatervrees. Krijgt iedereen straks wel een goed pensioen, ook bij forse economische tegenwind? Dodelijk voor het vertrouwen in de wet is dat die tijdens het debat werd vergeleken met de toeslagenaffaire, het schandaal dat de politiek zo’n trauma bezorgde.

Het parlement schiet zo tekort in zijn belangrijkste taak: wetgeving

De pensioenstrubbelingen staan niet op zichzelf. Tal van grote beleidsvoornemens raken vertraagd of dreigen uitgesteld te worden. De afgelopen week eindelijk gepresenteerde asielwet miste verschillende deadlines, vooral door een dwarse VVD-fractie. Deze week ook erkende energieminister Rob Jetten dat zijn prijsplafond ‘met stoom en kokend water’ door het parlement moet, nadat er allerlei uitzonderingen aan waren toegevoegd. De Omgevingswet, net zo’n megawet als de pensioenen, wordt keer op keer uitgesteld. En rond klimaat en stikstof krijgt het kabinet maar geen vaart achter de torenhoge ambities. Het parlement schiet zo tekort in zijn belangrijkste taak: het maken van deugdelijke wetgeving.

Emeritus hoogleraar en voormalig PvdA-senator Joop van den Berg ziet vaak “ontzettend hoge pretenties” bij de overheid. “Alles moet in één grote constructie, waarmee het kabinet het zichzelf ontzettend moeilijk maakt.” De pensioenen, de Omgevingswet en het klimaatbeleid zijn kolossale operaties, waarbinnen het haast onmogelijk is géén fouten te maken.

Niet dat de overheid vroeger geen reuzentaken op zich nam: in een mum van tijd werd een gasnet uitgerold, en in de jaren negentig een vinexaanpak voor huisvesting. Wat destijds nog ontbrak, was een ict-component. Vaak loopt beleid juist daar vast. De Omgevingswet is keer op keer uitgesteld vanwege het massieve digitale stelsel waarin overheden zo’n beetje alles moeten kunnen regelen.

Opvallen in de media

Van den Berg ziet een worstelende overheid, die zichzelf opnieuw probeert uit te vinden, maar niet weet waar te beginnen. Het kabinet wil ruimtelijke ordeningsbeleid nieuw leven inblazen, invloed uitoefenen op de energieprijzen én een hervorming van de landbouw, en het trok hiervoor recordbedragen uit. Maar geld blijkt niet zaligmakend: het ontbreekt aan een sterke rijksoverheid die het geld op de goede plaatsen terecht laat komen. Zulke expertise, zoals een ministerie van VROM die had, is door verschillende kabinetten sinds de jaren negentig afgestoten. Van den Berg: “De overheid heeft geen mensen meer in huis die de goede vragen kunnen stellen.”

Dat geldt ook voor de Tweede Kamer. Door versplintering kunnen partijen niet langer één Kamerlid vrijmaken voor een complex onderwerp als pensioenen. Leden van de 21 Kamerfracties zijn steeds vaker generalisten die zich bezighouden met een waaier van onderwerpen. Tegelijkertijd moeten ze opvallen in de media, om zich te verzekeren van een nieuwe plek op de kieslijst. Daardoor krijgt een wat minder sexy onderwerp als de Omgevingswet misschien niet de aandacht die het verdient.

Besluitvorming wordt ondertussen overschaduwd door wantrouwen. De toeslagenaffaire en problemen bij uitvoeringsorganisaties konden jarenlang doorsmeulen zonder dat de Kamer het doorhad. Daardoor kreeg het vertrouwen van de Kamer in het kabinet en in zichzelf een knauw. Noem de pensioenwet ‘een nieuwe toeslagenaffaire’, en menig Kamerlid verstart: wie stemt er in met een wet die wordt vergeleken met het ‘ongekende onrecht’ van dat schandaal?

Het chagrijn van de moeizame formatie is nog dagelijks tastbaar

Volgens Van den Berg helpt het dan ook niet dat de hoofdrolspelers van Rutte III, dat viel over de toeslagenaffaire, ook in het nieuwe kabinet zitten. Het chagrijn van de moeizame formatie is in Den Haag nog dagelijks tastbaar. “Het vermoeden is toch dat het kabinet het einde niet gaat halen. Dan ga je als oppositie niet al te constructief zitten wezen.” De deelnemers aan het impopulaire verstandshuwelijk Rutte IV proberen ondertussen hun partij wat kleur op de wangen te geven voor de achterban. Zoals de VVD zich recent profileerde op het asielbeleid.

SGP-fractievoorzitter Kees van der Staaij ziet ook hoe Den Haag uiterst stroef opereert. De nestor van de Tweede Kamer vindt het goed dat de politiek na de recente affaires kritisch naar zichzelf en naar grote wetgevingsoperaties kijkt. “De samenleving bleek toch niet zo maakbaar als we dachten.” Tegelijkertijd zit er ook een lelijke kant aan, zegt hij. “Het is altijd veilig om tegen wetten en voornemens te stemmen. Want als het misgaat, dan kun je de partijen die wél voorstemden de schuld geven en zeggen: ‘zie je wel, ik zei het toch’.”

Lees ook:

Steun voor de pensioenwet brokkelt verder af in de Tweede Kamer

Het is een ronduit bizarre uitkomst: na ruim 55 uur intensief wetgevingsoverleg weet minister Carola Schouten (pensioen) zich alleen nog verzekerd van steun van de coalitie voor de Wet toekomst pensioenen.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden