Sigrid Kaag in 2014.

VoorpublicatieSigrid Kaag

Hoe VN-diplomaat Sigrid Kaag president Assad politiek wist te isoleren

Sigrid Kaag in 2014.Beeld Brunopress

Diplomatie is een zakelijk vak, vond Sigrid Kaag altijd. Die houding nam ze later mee naar de politiek. Idealisme en pragmatisme gaan hand in hand. Hoe Kaag een lading chemische wapens Syrië uit kreeg.

Wilma Kieskamp

Het kwam in Nederland in 2013 als een verrassing: een Nederlandse vrouw ging de missie leiden om de chemische wapens weg te halen uit Syrië. Sigrid Kaag heette ze – een volslagen onbekende in eigen land. Googelen van haar naam leverde weinig op. Nog geen eenkoloms nieuwsbericht was er ooit over haar verschenen in kranten.

Ook de internationale pers keek wat sceptisch toen ze op het hoofdkwartier van de Verenigde Naties in New York werd gepresenteerd door VN-baas Ban Ki Moon. Wie wás die vrouw?

null Beeld

Woensdag 11 mei verschijnt het boek Sigrid Kaag, de schaduwpremier, geschreven door Trouw-verslaggever Wilma Kieskamp (Uitgeverij Prometheus). Het portretteert de politicus en D66-leider Kaag via het verhaal van de jeugd in Zeist, de jaren in Palestijns Jeruzalem tot en met het lijsttrekkerschap en het huidige vicepremierschap en beschrijft hoe Kaag als politicus het morele kompas en ‘waarden’ centraal stelt en tegelijk zeer pragmatisch te werk gaat.

Kaags rol in Syrië kwam ook voor haarzelf als een verrassing. Jarenlang had ze gewerkt bij vooral de humanitaire poot van de VN, onder andere bij Unicef. Ervaring voor de klus in Syrië leek ze op het eerste gezicht te ontberen: geen ervaring met chemische wapens, noch met ontwapening. Dat ze desondanks naar voren werd geschoven had een andere reden.

Een vrouw moest het gaan doen

In de top van de VN was bedacht: een vrouw moest de missie gaan leiden. Dat moest het breekijzer worden. En precies Sigrid Kaag moest dat zijn.

De benoeming door de VN-Veiligheidsraad tot ‘speciale coördinator’ – die uiteindelijk zou leiden tot de latere overstap naar de politiek – dankte Kaag aan een reputatie die ze in New York had verworven, van een VN-idealist die de waarden van de VN op een voetstuk heeft staan en die tegelijk zeer praktisch is. Er was nog iets waar de VN blij mee waren. Kaag kende via Unicef de weg in Syrië en had als een van de weinige westerse diplomaten Asma Assad ontmoet, de vrouw van de Syrische president. Het kon nog van pas komen.

Hoe Sigrid Kaag die missie leidde zegt achteraf veel over het soort diplomaat dat ze was. En minstens zoveel over het soort politicus dat ze later zou worden.

In oktober 2013 begon de klok te tikken voor een historische missie. De Verenigde Naties en de OPCW, de organisatie voor het verbod op chemische wapens, begonnen een poging te wagen de chemische wapens te ‘verwijderen’ uit Syrië. Maandenlang had de internationale gemeenschap machteloos toegekeken hoe president Assad zijn eigen bevolking bestookte met gifgas. Hartverscheurende beelden gingen de wereld over, van kinderen die stierven door verstikking.

De opdracht was simpel maar lastig uit te voeren. Er was een deadline: 30 juni 2014. President Assad had op papier zijn medewerking beloofd. Maar verder? Het VN-team van Kaag moest zelf de chemische wapenvoorraden en -installaties in het binnenland van Syrië onklaar gaan maken en het gifgas afvoeren over land, dwars door oorlogsgebied waar het Syrische leger slaags was met streng-islamitische rebellen, om daarna het gif op schepen te laden en op zee te vernietigen. Het was nooit eerder gedaan.

Sigrid Kaag in gesprek met de De Syrische minister van buitenlandse zaken tijdens haar missie in 2013. Van haar ontmoeting met Assad is geen beeldmateriaal. Beeld EPA
Sigrid Kaag in gesprek met de De Syrische minister van buitenlandse zaken tijdens haar missie in 2013. Van haar ontmoeting met Assad is geen beeldmateriaal.Beeld EPA

Haar kinderen om haar hals

In oktober 2013 arriveert Kaag in een belegerd Damascus, om te midden van breedgeschouderde beveiligers te verdwijnen door de deur van het hotel dat het hoofdkwartier wordt van de missie en waar ze negen maanden min of meer opgesloten zal zitten. Het is te gevaarlijk voor de VN’ers om naar buiten te gaan.

Ze heeft een stille boodschap bij zich. Om haar nek hangt aan een koordje een grote zilveren hanger. In een cirkel staan de vier namen van haar kinderen gegraveerd, in Arabische letters: Janna. Makram. Adam. Inas. Ze zal ze tijdens het werk in Syrië maar heel weinig kunnen zien. De kinderen, van wie de oudste net klaar is met de middelbare school, zijn voor het grootste deel van de tijd toevertrouwd aan de zorg van hun vader.

De ketting om haar nek gebruikt ze later ook tijdens onderhandelingen, als ze tegen onwillige gesprekspartners zit. Ze geeft er een duidelijke boodschap mee af. Hier is een moeder aan het werk, die veilig terug wil naar haar gezin. En die veiligheid zoekt voor andere kinderen, in Syrië zelf.

Als leider van de missie heeft Kaag het gevoel dat ze ‘in iets duisters is gestapt’. Normaal gesproken, als de Verenigde Naties naar oorlogsgebied gaan, is dat voor vredesmissies, en gaan er militairen mee. Nu niet. In oorlogsgebied oorlogstuig ophalen terwijl die oorlog gaande is, is zonder precedent. Daarbovenop komt nog het gevaar dat het gifgas in handen kan vallen van streng islamitische terreurgroepen als al-Nusra, de Syrische tak van al-Qaida, of zelfs van Islamitische Staat. Dat is de grote angst.

“Het is voor mij geen enkele verrassing dat ze later de politiek is ingegaan”, zegt VN-diplomaat Abdullah Fadil, destijds de rechterhand van Sigrid Kaag. De Canadees met wortels in Somalië en Yemen werkt de hele periode nauw met haar samen. “Zij was het politieke gezicht van de missie. En werkelijk alles aan die missie was politiek gevoelig.”

Washington, Moskou, New York, Den Haag, Ankara

Een van de eerste problemen die Kaag moet zien op te lossen, is dat de Amerikanen en Russen op het wereldtoneel niet meer met elkaar praten. De verhoudingen tussen de landen zijn ijzig. Fadil: “Zij was de enige verbinding die er nog over bleef. De Russische en Amerikaanse topfiguren spraken alleen nog met elkaar via háár”. Alleen als de wereldmachten op één lijn zitten kan het lukken Assad te dwingen zijn wapens af te staan.

Kaag zorgt er volgens hem voor dat Rusland en Amerika weer voorzichtig de communicatie hervatten. Per vliegtuig pendelt ze tussen Washington, Moskou, New York, Den Haag, Ankara en andere wereldsteden. En daarna weer terug naar de hotelkamer in Damascus. Soms is er even een weekendverlof, dan gaat ze naar Jeruzalem om de kinderen te zien.

Strikte neutraliteit en een beladen pragmatisme moeten de operatie redden. Laat je niet afleiden, pepert Kaag het team in, door de mogelijke politieke agenda’s van Russen, Syriërs, Iraniërs, Turken, Amerikanen, et cetera. Behandel iedereen gelijk. Het VN-mandaat is het enige wat telt: zorgen dat we op de afgesproken tijd klaar zijn, en de afgesproken 1300 ton gif weghalen. Ondertussen is het ‘onderhandelen met het kwaad’, zoals ze het zelf noemt.

De Nederlandse directheid van Kaag kwam goed van pas, zegt Abdullah Fadil, tegenwoordig baas van Unicef in Sudan. Zo ingehouden – en formeel – als Kaag vóór de schermen kan overkomen, zo scherp en uitgesproken kan ze binnenskamers zijn bij onderhandelingen. Vooral als de logistieke problemen van de missie zich gaandeweg opstapelen en de Syriërs steeds slechter meewerken. “Sigrid Kaag kan héél duidelijk zijn. Het hielp op cruciale momenten de boel weer op gang te krijgen”.

De kunst van het onderhandelen, daar komt het op aan. Het team moet wapenstilstanden af zien te dwingen met zowel de Syrische regering als de rebellengroepen. Er is constant tegenwerking. Rond elk Syrisch hotel waar de onderhandelaars verblijven, komen opvallend vaak mortieren neer. Vrachtwagens die de spullen zouden vervoeren, zijn op wonderbaarlijke wijze opeens verdwenen. Islamistische terreurgroepen mengen zich opzichtig. Extremisten gelieerd aan al-Qaida beramen plannen voor een aanslag op Kaag en haar team, ontdekken westerse inlichtingendiensten.

In de zilveren hanger die Kaag steevast droeg staan de vier namen van haar kinderen gegraveerd. Beeld AP
In de zilveren hanger die Kaag steevast droeg staan de vier namen van haar kinderen gegraveerd.Beeld AP

Je mag bang zijn

Ook de Russische ambassade in Damascus voert een subtiel spel om Kaag af te schrikken. Voor belangrijke onderhandelingen mag ze niet parkeren op het beveiligde binnenterrein. Zelfs als er beschietingen zijn moet het laatste stuk te voet, langs zandzakken. Als er een mortier vlakbij ontploft, is Kaag onverstoorbaar, volgens collega’s. Ze slaat het zand van haar jurk als ze is opgestaan en loopt verder, meer geërgerd dan aangeslagen. Maar achter de schermen zijn de emoties er wel degelijk.

“Vrouwen leiden zo’n missie niet per se anders dan mannen, maar op sommige punten toch wel”, aldus rechterhand Fadil. “Als ze bang was zei ze gewoon hoe eng ze iets vond. Tegen het team zei ze ook: “Je mag bang zijn!” Waar Kaag tegelijk óók om bekendstaat is dat ze veeleisend en zakelijk is. Ze wil tempo en de druk op de ketel houden, en verwacht dat het team in de hoogste versnelling denkt en organiseert. Net als zijzelf. Met medewerkers die in haar ogen niet serieus genoeg bezig zijn, heeft ze weinig geduld.

In onderhandelingen bespeelt ze de Arabische gesprekspartners soms handig. Ze draagt bewust de ketting met de Arabische namen van haar kinderen. Als de gesprekspartners stug dwars blijven liggen, en niet mee willen werken aan de missie, gooit ze het desnoods een andere boeg. Dan slaat ze hen om de oren met een Koranvers. Kaag citeert dan Soera 2, vers 216: ‘Je hebt misschien een hekel aan iets wat goed voor je is, en een voorkeur voor wat slecht voor je is’.

Pragmatisch gaat er toch maar een hoofddoek op bij een belangrijk bezoek aan de Iraanse ambassade in Damascus. De VN-missie dreigt in voorjaar 2014 te mislukken. Kaag krijgt de laatste lading chemische wapens maar niet in handen. Om de Syrische president om te turnen, heeft ze de hulp nodig van Iran. In die omstandigheden zit ze tegenover onwillige Iraniërs, die zich vooral over háár beklagen. Haar rok is te kort. Haar blonde haar komt véél te ver onder haar hoofddoek vandaan. Maar de missie komt weer op gang. Tot de volgende tegenslag.

Ondertussen heeft president Assad al een nieuwe list gevonden: hij gebruikt voortaan chloorgas voor aanvallen op woonwijken, iets waar Kaags team machteloos tegenover staat. Chloorgas is een huis-tuin-en-keukengoedje dat niet verboden is maar net zo dodelijk. Dat gif weghalen uit Syrië is niet mogelijk.

In het openbaar blijft ze de frustratie inslikken. ‘Syrië werkt constructief mee,’ zegt ze liever. Op persconferenties herinnert ze voor de camera’s het regime keer op keer weer aan de formele beloftes, telkens de dodentallen noemend die de burgeroorlog eist. De frustraties worden wel gedeeld met het VN-hoofdkantoor in New York. Met de top heeft ze wekelijks overleg via video of telefoon over de stand van zaken.

Wat vertrouwelijk werd besproken blijft vertrouwelijk

Uiteindelijk zit er maar één ding op. Rechtstreeks onderhandelen met Assad.

Wat ze heeft gezegd tegen Assad, wil Kaag ook in latere jaren niet toelichten. Erover vertellen doet ze achteraf niet in het openbaar. Er zijn geen foto’s van de ontmoeting. Als ze er vragen over krijgt, staat haar blik afwerend: over zoiets spreekt een diplomaat niet. Een kwestie van diplomatieke erecodes. Wat vertrouwelijk is besproken, blijft vertrouwelijk, zelfs in onderhandelingen met een man die gifgas op zijn bevolking gooit. In zulke zaken is Kaag strikt formeel. Ook na afloop van de missie zal ze vasthouden aan haar neutrale rol en zich nog steeds niet uitspreken over de wandaden van Assad.

Maar er is in het paleis wel degelijk harde taal gesproken, zeggen diverse bronnen. Kaag heeft met dreigementen Assad onder druk gezet. Als de Verenigde Naties geen toegang krijgen tot de laatste chemische wapenvoorraden, ‘dan heeft ze geen andere keus dan aan de VN-Veiligheidsraad de mislukking te melden en de schuld te leggen bij Syrië en de president zelf’, zwaait ze met de consequenties. Kaag heeft van te voren gezorgd dat alle grote landen op één lijn zitten en achter haar staan, ook het Syriëgezinde Rusland, ook Iran. Meneer de dictator, je staat helemaal alleen, daar komt haar boodschap op neer.

Kon ze Assad wel vertrouwen? Slechts één keer zal er er achteraf iets over loslaten, in 2017. “Vertrouwen, dat doe je niet. Er bestaat geen vertrouwen in de internationale politiek. Je familie en je vrienden moet je kunnen vertrouwen. Daarna houdt het vaak op. Daarvoor zijn de belangen te groot”. Diplomatie is een zakelijk vak, wil Kaag zeggen. Zij is een zakelijke onderhandelaar. Die uitspraak zal in later jaren nog op onverwachte momenten terugkeren als ze de overstap heeft gemaakt naar de politiek.

Dan zal ze uitleggen hoe zij zakelijkheid vaak verkiest boven de informele overlegsferen. Het is een werkwijze die meegaat naar politiek Den Haag. De omstandigheden zijn volstrekt niet te vergelijken, maar net als in de tijd bij de VN zal ze er een manier in zien om de eigen doelen te bewaken en zich niet te laten afleiden.

De brief van de Amerikaanse president

Op 23 juni 2014 staat Kaag in een t-shirtje en kogelvrij vest op de kade van de Syrische havenstad Latakia, als de schepen met gifgas uitvaren en langzaam stipjes aan de horizon worden. Al het gif is aan boord, precies één week voor de deadline. Strak zijn de termijnen en de doelen gehaald. Al is Kaag met haar VN/OPCW-team wel bedrogen: achteraf blijkt dat Assad het bestaan van vier gifgasinstallaties heeft verzwegen.

In de woonkamer thuis heeft jarenlang prominent de bedankbrief gehangen van de Amerikaanse president Obama. In een gouden lijst, aan de muur. Met een persoonlijk dankwoord: “Het succes is grotendeels te danken aan jouw centrale rol. Hoogachtend, Barack Obama”. Hij is opgelucht. De Verenigde Staten durfden geen grondoorlog aan in Syrië, maar er is tenminste nog íets tot stand gebracht. Het heeft de Amerikaanse president mede behoed voor gezichtsverlies.

De reactie van Kaag op die brief is achteraf interessant. Eenmaal politicus geworden wil ze er niet meer aan herinnerd worden. Waarom?

Ze zegt in interviews of het haar achteraf niet zo bijster interesseert, een brief van Obama. Ze heeft de brief niet eens gelezen bij ontvangst, beweert ze, al klinkt het niet erg geloofwaardig. Ze was haar leesbril kwijt. Het was haar man de brief heeft ingelijst, weert ze af, één en al de diplomaat met gereserveerde distantie. Er gaat een persoonlijke worsteling achter schuil.

De internationale media-aandacht voor de Syriëmissie was ‘buitenproportioneel’, vindt Kaag. “Niemand heeft ooit gezegd dat chemische ontwapening de politieke oplossing voor Syrië was. Dat was het helemaal niet. Uiteindelijk is heel Syrië kapot”. De pijnlijke tegenstrijdigheid is de hele missie door haar hoofd gegaan. De oorlog is doorgegaan, de burgerdoden zijn blijven vallen. Tegen een collega van de VN heeft ze binnenskamers wel het hart gelucht, toen ze op de laatste dag van de missie in Syrië bezig was in te pakken. Ze vindt dat ze tekort is geschoten. “Ik hoop dat de bevolking van Syrië ons kan vergeven. We hebben hun levens niet kunnen veranderen”.

Dit is een bewerkte en ingekorte versie van twee hoofdstukken uit het boek.

Lees ook: Integriteitszaak is test voor leiderschapsstijl

Sinds Sigrid Kaag de politieke leider werd van D66, is er in de partij één ding drastisch veranderd. Het is een breuk met de lange jaren ervoor, toen Alexander Pechtold de partij leidde. Hij bemoeide zich met alles. Zij leidt meer op afstand en laat veel ruimte aan anderen.

Pim Fortuyn zit nog volop in de hoofden op het Binnenhof

Fortuyn mag dan nooit actief Kamerlid zijn geweest, noch minister-president - wat hij zei ooit te zullen worden, zijn verhaal is in de hoofden van de bewoners van het Binnenhof gekropen, schrijft Bart Zuidervaart, chef van de redactie politiek.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden