Formatievoortgang

Hoe nu verder met de kabinetsformatie? Acht scenario’s

Het verkennersdebat in de Tweede Kamer. Links VVD-leider Mark Rutte, rechts D66-fractievoorzitter Sigrid Kaag. Beeld Werry Crone
Het verkennersdebat in de Tweede Kamer. Links VVD-leider Mark Rutte, rechts D66-fractievoorzitter Sigrid Kaag.Beeld Werry Crone

Een kleine drie weken na de verkiezingen is de kabinetsformatie terug bij af. Sterker: de situatie is alleen maar ingewikkelder geworden, nu Mark Rutte, de grote winnaar, het vertrouwen van de meerderheid heeft verloren. Welke scenario’s zijn nu denkbaar?

Dinsdagochtend om 11.00 uur ontvangt Kamervoorzitter Khadija Arib alle fractievoorzitters voor nieuw beraad. De formatie is terug bij af. Sterker: de situatie is inmiddels vele malen ingewikkelder dan op de ochtend na de verkiezingen. Het is de vraag of de vorming van een stabiel kabinet nog mogelijk is, gezien de ontwikkelingen van afgelopen week.

Het is de bedoeling dat de fractievoorzitters het overleg van dinsdag en een daaropvolgend Kamerdebat gebruiken om een informateur aan te stellen. Dat moet iemand worden die op grotere afstand van het Binnenhof staat dan de vier – inmiddels afgetreden – verkenners. Die informateur moet een huzarenstukje leveren om de formatie vlot te trekken.

De uitspraken van ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers, afgelopen zaterdag in het Nederlands Dagblad, hebben de boel verder op scherp gezet. Na het beladen Kamerdebat van donderdag leek VVD-leider Mark Rutte nog de (wankele) steun te hebben van de coalitiepartners CDA, D66 en CU, wat een doorstart van het kabinet mogelijk zou maken. Maar Segers doet die deur dicht: hij wil niet meer regeren met de VVD, als Rutte de leider blijft. “Daarvoor is er te veel gebeurd.” Volgens Segers is een cultuuromslag nodig, naar een meer open bestuurscultuur. “Ik geloof niet dat Mark Rutte nog geloofwaardig door kan als beelddrager van die omslag.”

De steun voor Rutte als gezicht van het nieuwe kabinet brokkelt verder af. De voltallige oppositie steunde vorige week een motie van wantrouwen tegen hem. Zo wordt de grote winnaar van de verkiezingen alsnog buitenspel gezet.

Houdt Rutte de steun van zijn eigen partij?

Mark Rutte zelf liet er afgelopen zaterdag geen twijfel over bestaan: hij kan door. Dat vindt hijzelf althans. Tegenover camera’s van RTL en NOS zei hij dat hij ‘strijdbaar’ is. Hij was geraakt door de woorden van Segers eerder op de dag, maar hij noemde het ‘een goede traditie in dit land’ dat partijen zelf beslissen wie namens hen de formatie aanvoert.

Voorlopig kan de demissionaire premier ook rekenen op een ogenschijnlijk overweldigende steun vanuit zijn eigen VVD. Afgelopen weekend liet de ene na de andere partijprominent weten vierkant achter Rutte te staan. “Mark Rutte heeft onze volledige steun”, lieten partijvoorzitter Christianne van der Wal en waarnemend fractievoorzitter Sophie Hermans weten. Het klopt dat de premier fouten gemaakt heeft, zeggen zij. “Waar het om gaat is dat de intenties oprecht zijn. En dat er van fouten geleerd wordt.”

Ruttes positie is des te sterker, omdat er binnen de net aangetreden fractie geen natuurlijke opvolger klaarstaat. Al langer wijzen mensen binnen en buiten de VVD erop dat dit tegelijkertijd de achilleshiel van de partij is: als Rutte weg is, wat blijft er dan over van de liberalen?

De vraag is hoe onomstreden Rutte blijft als de impasse rond het vormen van een regering veel langer duurt en duidelijk wordt dat de premier – hoeveel hij ook betekend heeft voor de partij – kabinetsdeelname in de weg staat.

Acht scenario’s


1. Rutte verliest partijleiderschap

De VVD kan tot de conclusie komen dat Rutte een stap terug moet doen, om de regie over de formatie te behouden. Andere Kamerleden (Tamara van Ark, Sophie Hermans, Mark Harbers?) zullen de onderhandelingen moeten doen, waarna de partij een nieuwe premierskandidaat naar voren schuift. Denk aan Edith Schippers of Klaas Dijkhoff. Voor Rutte resteert dan het fractievoorzitterschap. Of een baan buiten het Binnenhof.

2. Minderheidskabinet

Een minderheidskabinet van VVD, CDA en D66. Het kan natuurlijk, maar niemand staat hierbij te juichen. Rutte heeft in de eerste verkenningsronde tegen Annemarie Jorritsma en Kajsa Ollongren al gezegd dat hij dit ‘niks’ vindt. Een meerderheid is in de Eerste Kamer niet nodig, zegt Rutte, maar wel in de Tweede Kamer. Een minderheidskabinet vergt het uiterste van de coalitiepartijen. Eerst moeten ze met elkaar overeenstemming bereiken over kwesties, daarna met oppositiepartijen. Het leidt tot dubbele onderhandelingen, wat tijd én geld kost. Want de oppositie zal voor iedere handtekening iets terug willen.

De kans dat D66 en CDA hier iets voor voelen, is – zeker gezien de door Sigrid Kaag en Wopke Hoekstra ingediende motie van afkeuring tegen Rutte – nihil.

3. Een radicaal-rechts kabinet

Rutte heeft zich meer dan tien jaar een van de meest pragmatische politici van het Binnenhof getoond. Hij kan samenwerken met partijen van SP tot PVV. Na het gedoogkabinet met CDA en PVV zei hij nooit meer samen te zullen werken met de partij van Geert Wilders. Toch valt niet uit te sluiten dat een rechtse coalitie met PVV, CDA, Forum voor Democratie en JA21 op zeker moment toch weer op tafel komt. Al is dat dan vooral een manier om druk te zetten op de middenpartijen. Want Rutte zal zich in veel bochten moeten wringen om, na het eerder uitsluiten van PVV en FvD, toch weer aan tafel te gaan met deze partijen. En datzelfde geldt zeker voor het CDA.

4. Tóch Rutte IV

Het land moet bestuurd worden in crisistijd, niemand heeft belang bij een diepe politieke crisis: er zijn best redenen te verzinnen waarom partijen die vorige week uitsloten nog met de VVD onder Rutte te zullen regeren, zich toch bedenken. Maar zij zullen zich daarbij in allerlei bochten moeten wringen. De motie van wantrouwen van vorige week liet qua boodschap weinig ruimte voor twijfel over: het vertrouwen in Rutte als premier is gewoon op. Alsof ze er toch nog niet helemaal gerust op is dat collega’s niet meer zullen draaien, riep Lilian Marijnissen (SP) andere fractievoorzitters op om expliciet kenbaar te maken dat zij samenwerking met Rutte in een kabinet uitsluiten.

5. Kaag probeert het zonder VVD

Als Rutte niet wil wijken, kan D66 het proberen: een kabinet over links, zonder de VVD. Kaag wilde altijd al een zo progressief mogelijke coalitie, maar het beloven meer dan moeilijke onderhandelingen te worden. Voor een meerderheid zijn dan zeven partijen nodig, van CDA tot Partij voor de Dieren. Zo’n breed samengestelde coalitie, met zoveel onderlinge meningsverschillen, zou uniek zijn voor Nederland. Het is twijfelachtig of dit werkbaar is. D66 zet ‘grote vraagtekens’ bij de SP, vanwege botsende opvattingen over internationale handel en Europa. ChristenUnie en D66 staan rond medisch-ethische kwesties (abortus, wetsvoorstel ‘voltooid leven’) lijnrecht tegenover elkaar. Op milieu- en klimaatgebied – denk aan de stikstofcrisis – staan CDA en PvdD vaak lijnrecht tegenover elkaar. Niet alleen van Kaag wordt hier maximale flexibiliteit verwacht. Ook het CDA zal het zwaar krijgen, met een enorm sterke rechtse oppositie, aangevoerd door Rutte, gesteund door PVV-leider Geert Wilders.

6. Kaag neemt de leiding, mét de VVD

Sigrid Kaag (D66) kan op een zeker moment de regie over de formatie opeisen, en proberen een kabinet te vormen, met daarbij ook de VVD. Dat kan gebeuren als Rutte van het toneel verdwijnt, en een VVD in identiteitscrisis zich laat verleiden tot gesprekken voor een nieuw kabinet. Toch is het waarschijnlijker dat de VVD dan ook de regie wil voeren. De partij zal erop wijzen dat ze al het grootste offer hebben moeten doen door hun partijleider te laten gaan. Waarom dan met tien zetels meer tweede viool spelen achter D66?

7. Een afkoelperiode om corona te bestrijden

Het is geen gezicht in crisissferen: het enorme gebakkelei aan het Binnenhof. Nieuwe verkiezingen zouden dat beeld alleen maar versterken. Van verschillende kanten is al voordat de formatie vastliep, geopperd om eerst de volledige politieke aandacht te richten op het bestrijden van de coronacrisis, en daarna pas te onderhandelen over een nieuw kabinet. Gezien de impasse rond de coalitievorming wint dit argument alleen maar aan kracht. Zeker als de formatie de komende weken nog altijd muurvast blijkt te zitten. Zo’n periode om samen aan een – al eerder door Rutte geopperd – coronaherstelplan te werken kan bovendien helpen om de gemoederen enigszins tot bedaren te brengen.

8. Nieuwe verkiezingen

Hoogst onbevredigend en moeilijk uit te leggen in wat zo vaak ‘de grootste crisis sinds de Tweede Wereldoorlog’ is genoemd. Maar zoals de formatie vast is komen te zitten en zo groot als het onderlinge wantrouwen tussen de partijleiders is geworden, kunnen nieuwe verkiezingen onontkoombaar blijken.

Lees ook:

Rutte wil door: ‘Ik ben strijdbaar’

ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers wil niet opnieuw in een kabinet onder Mark Rutte. Daarmee trekt hij Ruttes laatste strohalm uit handen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden