Politiek leider Lodewijk Asscher houdt een toespraak tijdens het jaarlijkse partijcongres van de PvdA.

Politieke biografieLodewijk, de val van een politiek talent

Hoe gaat de PvdA om met migratie? Lodewijk Asscher kwam er niet uit

Politiek leider Lodewijk Asscher houdt een toespraak tijdens het jaarlijkse partijcongres van de PvdA.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

De PvdA worstelt al jaren met het standpunt over migratie. Oud-partijleider Lodewijk Asscher probeerde de discussie nieuw leven in te blazen. Wilfred Scholten reconstrueerde hoe die poging stukliep. Een bewerkt hoofdstuk uit het boek Lodewijk, de val van een politiek talent.

In geen een enkele andere politieke partij liggen de standpunten over migratie zover uiteen als binnen de Partij van de Arbeid. Van ‘iedereen is welkom’ tot ‘er is een grens aan de opvang van asielzoekers’. Voormalig partijleider Lodewijk Asscher probeerde de verschillen te doorbreken met een essay dat een nieuwe, heldere visie op het thema zou geven. Hoewel Asscher inmiddels van het politieke toneel verdwenen is, is zijn worsteling exemplarisch voor het verdeelde sentiment binnen de partij. 

De zoektocht naar een nieuwe visie op migratie begon op 3 september 2018 in De Rode Werf, het politieke café van de PvdA-afdeling Amsterdam. Donker interieur, weinig daglicht, tafeltjes met dikke tapijtjes erop. Lodewijk Asscher vertelde de aanwezige leden dat de vluchtelingencrisis van 2015 hem overviel. Diederik Samsom had samen met Mark Rutte de Turkije-deal (Turkije zou vluchtelingen tegenhouden in ruil voor geld en gecontroleerde opvang) uitgedokterd, die door de Europese Unie was aanvaard. Het betekende desondanks niet het einde van de komst van vluchtelingen in gammele bootjes. Op het moment van de bijeenkomst, in 2018, staken de meeste vluchtelingen de Middellandse Zee nog steeds over, ook vanuit Afrikaanse landen. Velen haalden Europa niet, met de verdrinkingsdood als gevolg. ‘Ziek darwinisme,’ noemde Asscher dit, verwijzend naar Darwins theorie dat alleen de sterksten het redden. Hij voelde het als een plicht om hier als partijleider iets aan te doen. Zo kon het niet langer.

Lodewijk Asscher, minister van sociale zaken en werkgelegenheid van 2012 tot 2017 wordt gehoord door de parlementaire enquetecommissie Kinderopvangtoeslag  Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Lodewijk Asscher, minister van sociale zaken en werkgelegenheid van 2012 tot 2017 wordt gehoord door de parlementaire enquetecommissie KinderopvangtoeslagBeeld Hollandse Hoogte / ANP

Asscher organiseerde een internationale minitop over migratie en integratie

Enkele maanden eerder was hij begonnen met het ontwikkelen van zijn migratievisie. Op dinsdag 19 juni 2018 druppelden rond vijf uur ’s middags de leiders van de sociaal-democratische partijen uit België, Oostenrijk, Denemarken en Italië het Amsterdamse Lloyd Hotel binnen. Lodewijk Asscher had ze uitgenodigd voor een internationale minitop over migratie en integratie. Het doel was om tot een gezamenlijk standpunt te komen, zodat de leiders zich in hun eigen land niet al te kwetsbaar maakten. In alle Europese landen was het immers een gevoelig onderwerp. Door samen met een fatsoenlijk plan te komen werd het draagvlak groter, zo hoopte Asscher. Want als deze sociaaldemocratische politici hetzelfde vonden over migratie dan kon het toch niet zo slecht zijn.

Maar echt opzienbarend was de uitkomst niet. Er kwam een Tienpuntenplan dat verrassend veel leek op wat de EU-leiders in die tijd al van plan waren: opvang in de regio, betere grenscontroles, een eerlijke verdeling van asielzoekers over de Europese landen en – wel nieuw – een Marshallplan voor Afrikaanse landen, om te zorgen dat minder mensen op de vlucht zouden slaan. Ook de integratie van nieuwkomers moest beter: eerder de taal leren, sneller aan het werk en een verplichting de westerse waarden te onderschrijven. Dat laatste was al een stokpaardje van minister Asscher met zijn Participatieverklaring voor nieuwe Nederlanders.

Het plan en de ambitie om dat met zijn internationale collega’s te bespreken kwamen volslagen uit de lucht vallen. Hij had er geen woord aan gewijd tijdens het PvdA-congres, een paar dagen eerder. Tot ongenoegen van onder anderen Mei Li Vos, de latere lijsttrekker voor de Eerste Kamerverkiezingen, die het als een overval ervoer. ‘Ik werd er niet blij van en met mij veel PvdA-leden,’ zei ze in de podcast van website Joop. Waarom geen openheid over dat voornemen? En waarom niet eerst de tien punten met zijn leden bespreken, voordat hij er met zijn buitenlandse gasten over begon?

Politiek strategen waarschuwden Asscher: doe het niet

In het reces van de Tweede Kamer, later die zomer van 2018, had Asscher verder nagedacht over dat nieuwe migratiebeleid van de Partij van de Arbeid. Hij wilde een essay schrijven. Een goed leesbaar stuk, dat zijn leden bij wijze van spreken bij de open haard zouden kunnen lezen, zonder meteen opgewonden te raken.

Politieke strategen hadden hem gewaarschuwd er niet aan te beginnen: veel te gevoelig, met de kans op een verdeelde partij. Maar naar hen wilde hij niet luisteren. Asscher was er heilig van overtuigd dat hij met een goede visie zou kunnen komen die de partij niet zou verdelen. Dat zelfvertrouwen had hij wel na 16 jaar in de politiek. De partij kon het zich ook niet permitteren er niets over te zeggen.

Het issue raakte hem. Hij was opgevoed in de overtuiging dat we op aarde zijn om anderen te helpen en kwetsbare mensen te beschermen. Net als veruit de meeste Nederlanders had hij de oprechte behoefte vluchtelingen op te vangen, maar was hij ook bezorgd: werd het niet te veel? Daar moet je als politieke partij een antwoord op formuleren dat verder gaat dan ‘je bent slecht als jij je daar zorgen om maakt’, meende hij.

Lodewijk, de val van een politiek talent, het boek van Wilfred Scholten Beeld
Lodewijk, de val van een politiek talent, het boek van Wilfred Scholten

Links had de maakbaarheidsgedachte opgegeven, vond Asscher

Misschien - zo dacht Asscher - moest er gekozen worden voor een bepaald aantal op te nemen vluchtelingen, zeg 15.000 per jaar. Daar zou vervolgens de opvang op worden afgestemd, en scholen en het aantal vrijwilligers dat daarvoor nodig is. Op die manier kon je als politieke partij steun verwerven.

Links had volgens Asscher de maakbaarheidsgedachte opgegeven, ook op dit punt. In zijn ogen had GroenLinks het makkelijker, die partij was op dit punt extreem. Niet voor niets was Klaver bij de laatste formatie weggelopen vanwege dit onderwerp. Ook de SP worstelde intern met deze kwestie. Daar wilde Asscher bij de PvdA voor waken en daarom moest hij met een eigen visie komen.

‘Hoe dan wel, Lodewijk?’

Nu alleen nog de leden meekrijgen. Vandaar die ledenavond in Amsterdam-Oost. Kijken hoe de discussie bij de leden zou vallen. Als opmaat voor meer discussieavonden met leden in het land. Het donkerbruine café was al goed bezet toen Asscher om drie over acht binnenkwam. De gespreksleider van die avond was zijn vriend Pieter Hilhorst, die na zijn mislukte avontuur als wethouder (nota bene als opvolger van Asscher) zijn werk als moderator weer had opgepakt. Asscher vertelde de Amsterdamse leden dat hij een ‘feitelijk debat’ voorstond met een oplossing waarbij ‘hooggestemde idealen en realiteitszin’ samen zouden komen.

Tijdens het zomerreces was hij in een vluchtelingenkamp in Jordanië geweest, samen met Europarlementariër Kati Piri. Opvang in de regio was een van de nieuwe koerswendingen die hij voor ogen had. Het gaf de vluchtelingen de beste kans om hun leven weer op te pakken of terug te keren naar huis. Een gevoelig punt, besefte hij, maar doorgaan zoals nu kon niet. Er moest ook een Marshallplan komen voor Afrikaanse landen, een groots herstelplan om te zorgen dat de economie een oppepper kreeg, zodat jongeren in eigen land werk zouden vinden en niet de overtocht naar Europa zouden wagen. Ook zou de samenhang met integratie aan de orde komen en de relatie tussen opvang van vluchtelingen en de draagkracht voor de verzorgingsstaat. ‘Voor geen enkele discussie lopen we weg.’

Het zaaltje met PvdA-leden begreep nog niet helemaal waar hij heen wilde. Kritiek op de huidige stand van zaken was te begrijpen, maar ‘hoe dan wel?’ Het was de meest gestelde vraag die avond, tot vermaak van gespreksleider Hilhorst die een aantal keren door het café schreeuwde: ‘Ja, hoe dan wel, Lodewijk?’

Lodewijk wist het nog niet, maar hij was ermee bezig. Ze moesten geduld hebben.

Vergelijking met Donald Trump

Veel vragen vanuit het café, maar geen opstand of rumoer. Na de pauze, toen bier en schaaltjes chips op tafel kwamen, stond een man op die zich voorstelde als Frans Verhagen. Het was de journalist en Amerika-expert, tevens schrijver van het boek Hoezo mislukt? De nuchtere feiten over de integratie in Nederland. ‘Ik heb met enige depressieve gevoelens dit debat aangehoord, Lodewijk,’ zei hij. ‘Ik leg je deze vraag voor: zou Trump in het perspectief van de vluchtelingenproblematiek een hele goede sociaal-democraat zijn? Zijn programma lijkt namelijk precies op dat van jou.’

Asscher: ‘Dan ben je niet alleen depressief, maar ook een slechte luisteraar.’

Verhagen: ‘Dan moeten we het daar maar eens over hebben.’

Asscher: ‘Nee, dat kan nu.’

Verhagen: ‘We hebben maar twee minuten en je mag van partijstrategen niet over migratie spreken.’

Asscher: ‘Je kunt van alles over me zeggen, maar mij met Trump vergelijken is retorisch flauw.’

Na afloop, met een flesje bier in zijn hand, verduidelijkte Verhagen zijn harde opmerkingen. ‘Ik mis bij Asscher de geopolitieke context, de brede visie op migratie. We lopen achter de zaken aan. Willen we ook een muur bouwen, net als Trump, maar dan om Europa heen? En dan wat geld over die muur naar Afrika flikkeren? We praten te veel de VVD en PVV na. Er is niet zoveel aan de hand, van mij mag iedereen hier komen. De integratie gaat hartstikke goed. We hebben veel bereikt.’

Meer van dit soort reacties kon Lodewijk Asscher verwachten als hij het debat met zijn leden zou aangaan, dat besefte hij terdege. Hij stak dan ook veel tijd in zijn essay, tussen alle drukke Kamerzaken door. 

De houdbaarheid van de verzorgingsstaat kun je niet te grabbel gooien

Hij had gesprekken gevoerd met vertrouwelingen, zoals Monika Sie, voormalig directeur van de Wiardi Beckmanstichting. Vanuit haar internationale expertise - ze was inmiddels directeur van Clingendael - had ze hier kijk op. Zij wilde best meedenken, want ook zij vond dat hij als politiek leider van de PvdA niet om migratie heen kon. Hij moest gewoon maar eens het sociaal-democratische verhaal vertellen waarin de gemeenschap centraal staat. De gemeenschap die haar manier van leven wil blijven koesteren en die je alleen maar kunt beschermen en laten ontplooien door grenzen te stellen. De Syrische vluchtelingen kostten Duitsland in twee jaar 40 miljard euro aan opvang en integratie. Volgens Sie moest je dat dan ook benoemen.

Lodewijk diende volgens haar ook niet benauwd te zijn om duidelijk te kiezen. Mensen die zeggen ‘kom maar binnen’, zonder restricties, horen niet bij de sociaaldemocratie, vond ze. Het gaat ook om de houdbaarheid van de verzorgingsstaat, die kun je niet te grabbel gooien. Je kunt niet leveren wat de sociaal-democratie belooft als je ook open grenzen wilt hebben, dat zou een leugen zijn. Dit standpunt zal als consequentie hebben dat er een aantal mensen de partij verlaat.

Ook Paul Scheffer was benaderd. Hij had zijn sporen verdiend met zijn essay over het ‘multiculturele drama’, over de in zijn ogen moeizame integratie. Het had in 2000 veel stof doen opwaaien, niet het minst in zijn eigen PvdA. Scheffer, die met boeken als Het land van aankomst zich als geen ander in migratie en integratie had verdiept, wilde desgevraagd graag meewerken aan het essay. Maar wat hij van Lodewijk per mail toegezonden had gekregen vond hij niet al te best. Geen helder perspectief, een nogal open einde, eigenlijk een rommeltje.

Scheffer hoorde niets meer van Asscher

Scheffer pakte zijn laptop, ging ermee aan de slag en stuurde zijn versie terug naar Lodewijk. Maar hij hoorde niets meer. Dat was niet netjes, ook omdat Lodewijk Asscher op dit punt zo gedecideerd en strijdbaar leek. Hij had letterlijk tegen Scheffer gezegd dat hij op dit lastige terrein een paar stappen vooruit wilde zetten, ook al zou dat weerstand in zijn partij oproepen. Maar het was essentieel voor de toekomst van de PvdA. Dat risico moest hij nemen. 

Asscher bespeurde bij zijn partijgenoten steeds minder enthousiasme voor zijn migratiekoers. Zowel in de fractie als daarbuiten vonden maar weinigen dat hij hiermee een goed thema in handen had om de kiezers mee terug te winnen. Het zou eerder tot verdeeldheid kunnen leiden, en dus liet hij het onderwerp vallen als een baksteen.

Lodewijk Asscher had het niet aangedurfd. Daardoor kwam er geen essay, geen partijdiscussie, maar restte slechts een oorverdovende stilte. 

Lodewijk, de val van een politiek talent (ambo/anthos), 408 pagina's, 24,99

Lees ook: Bente Becker: ‘Het asielverhaal van de VVD is niet hard maar humaan, dat geloof ik oprecht’

Kamerlid Bente Becker, vierde op de VVD-kandidatenlijst voor de verkiezingen, is het gezicht van het harde asiel- en migratiebeleid van de VVD. Streng en rechtvaardig, vindt ze zelf. ‘Ik geloof niet dat je menselijker bent als je de grenzen openstelt.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden