Planbureau voor de Leefomgeving Doorrekening

Het Klimaatakkoord gaat niet ver genoeg

Eric Wiebes, Carola Schouten en Kasja Ollongren en Stientje van Veldhoven in juni, tijdens de presentatie van het Klimaatakkoord, een groot pakket maatregelen om de komende decennia de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Beeld ANP

Het kabinet moet weer aan de slag: het klimaatakkoord volstaat niet om de doelen voor 2030 te halen. Het in het Urgendavonnis opgelegde doel is mogelijk wél haalbaar.

Het in juni gesloten Klimaatakkoord brengt de CO2-uitstoot onvoldoende terug: volgens het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) zal de broeikasgasuitstoot dankzij het akkoord in 2030 met zo’n 45 procent krimpen ten opzichte van 1990. Alleen is het doel van het kabinet om dan 49 procent bereikt hebben.

Daarmee zet het planbureau, één van de belangrijkste rekenmeesters van het kabinet, de coalitiepartijen opnieuw aan het werk. Het kabinet heeft zich eerder dit jaar met de Klimaatwet gecommitteerd aan 49 procent CO2-reductie in 2030 en 95 procent in 2050. Om dat te halen zal de coalitie extra maatregelen moeten zoeken.

Volgens PBL-directeur Pieter Boot heeft het kabinet een ‘stevig pakket’ afgeleverd. “Maar nee, het doel is niet gehaald.” Wel prijst hij de politiek omdat het klimaatakkoord een stuk beter is uitgewerkt dan het conceptakkoord dat eind vorig jaar klaar was. Daaraan viel voor het PBL weinig door te rekenen. Doordat het definitieve akkoord completer is, zijn de onzekerheidsmarges kleiner, en is de kans gróter dat de terugdringing van broeikasgassen inderdaad rond de 45 procent komt.

Ondertussen is er wel een kans dat het het kabinet lukt om volgend jaar 25 procent minder CO2 uit te stoten, zoals de rechter het Rijk heeft opgelegd in het Urgendavonnis. De verwachting is dat de reductie eind 2020 uitkomt op 23 procent, maar dit kan ook drie procent lager of hoger uitvallen, waarmee dus voldaan zou kunnen worden aan het vonnis.

Kleine maatregelen niet doorslaggevend 

Alleen is de onzekerheid is groot, zegt Boot. Het kabinet is van veel externe factoren afhankelijk voor het halen van het Urgendadoel, bijvoorbeeld of het een warme of koude winter wordt. “De prijzen van gas of kolen verschillen per dag. Soms per uur. Als de gasprijs laag is, dan gaan gascentrales aan in plaats van kolencentrales, wat voordelig is voor de CO2-uitstoot.” Volgend jaar steken de buurlanden het kabinet een handje toe: naar verwachting importeert Nederland dan uitzonderlijk veel stroom uit het buitenland. Dat kan zomaar enkele procenten CO2-uitstoot in Nederland schelen.

Het kabinet kwam bij de presentatie van het klimaatakkoord met een serie extra ‘kleine’ maatregelen, zoals een programma om huiseigenaren te helpen bij het aanbrengen van radiatorfolie. Die maatregelen zijn niet meegerekend, maar Boot betwijfelt of ze doorslaggevend zullen zijn voor het halen van ‘Urgenda’. Eerder zei minister Eric Wiebes van economische zaken er alles aan te willen doen om het vonnis uit te voeren, ook al is het kabinet is wel in cassatie gegaan in de klimaatzaak.

Dat in 2030 de eigen doelstelling van 49 procent gehaald wordt, heeft volgens het PBL verschillende oorzaken. Zo stond in het eerdere conceptakkoord een subsidieregeling voor elektrische auto’s tot 2030. In het definitieve akkoord staan slechts subsidies tot 2025. Bovendien rijden er de komende jaren meer en zwaardere auto’s op de weg dan verwacht. En door een lagere gasprijs zal Nederland zelf meer energie opwekken, in plaats van die te importeren uit Duitsland.

De Hemwegcentrale die in december sluit, om de zelfopgelegde klimaatdoelen van het kabinet te halen - wat alleen niet genoeg is, volgens het Planbureau voor de Leefomgeving. Beeld ANP

De komende jaren worden cruciaal, maar durft het kabinet wel? 

De komende jaren zijn volgens het PBL cruciaal voor de omslag naar een duurzamere samenleving. Zo moeten er spoedig meer stroomleidingen aangelegd worden, zodat het elektriciteitsnet de stroom aankan die nieuwe windmolenvelden opwekken. Daarnaast zijn de klimaatdoelen gebaseerd op ondergrondse opslag van CO2 (CCS), een techniek die nog in de kinderschoenen staat. Het wekt bij het PBL de indruk dat het kabinet wel heel erg vertrouwt op toekomstige innovaties en technieken, terwijl die nog niet zeker zijn. Boot: “Er is veel onzekerheid over de instrumenten die het kabinet wil inzetten. Het is nogal een vraagstuk of het lukt om de infrastructuur voor CCS in vijf jaar te bouwen.”

Het kabinet is huiverig om ingrijpende maatregelen te nemen die ten koste kunnen gaan van de werkgelegenheid, schrijft het PBL. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor een inkrimping van de varkensstapel. Dat bleek recent al in de stikstofdiscussie. De meest voor de hand liggende manier om de stikstofuitstoot fors terug te reduceren, is het stevig terugbrengen van de veestapel, maar het kabinet wil alleen een ‘warme sanering’, door boeren uit te kopen die toch al wilden stoppen. In het klimaatakkoord staat zo’n sanering aangekondigd, voor het stikstofprobleem doet het kabinet daar nog een schepje bovenop.

De stikstofmaatregelen die het kabinet neemt, zoals een verdere inkrimping van het aantal varkens en het terugbrengen van de maximumsnelheid op sommige wegen, leiden ook tot een CO2-reductie. Maar die plannen zijn nog niet doorgerekend door het PBL. Daarom kan het PBL niet zeggen hoeveel die maatregelen bijdragen aan het terugbrengen van broeikasgassen.

Het kabinet heeft in het klimaatakkoord ook een grote rol weggelegd voor biomassa. Die techniek ligt de laatste tijd onder vuur, omdat die de luchtkwaliteit verslechtert en zou leiden tot meer CO2-uitstoot dan kolenenergie. Het PBL doet geen uitlatingen over de wenselijkheid van biomassa, de opdracht was immers de plannen door te rekenen inclusief biomassa. Boot: “Mocht er nieuw beleid komen, dan zit dat nog niet in deze berekeningen.” Overigens telt de stook van biomassa in Nederlandse centrales niet mee voor de Nederlandse klimaatcijfers, omdat de uitstoot op papier meetelt voor de landen waarin de bomen gekapt worden. “Biomassa telt administratief niet mee voor Nederland, uiteindelijk telt het wel mee voor de planeet.”

Klimaatakkoord kost miljarden, maar op termijn is het effect marginaal 

Het Klimaatakkoord kost de Nederlandse economie miljarden, maar voor de werkgelegenheid hebben de klimaatmaatregelen op termijn slechts een marginaal effect. Dat heeft het Centraal Planbureau (CPB) uitgerekend. Het belangrijke Haagse adviesorgaan verwacht ook niet dat er door het akkoord veel industriële activiteiten naar het buitenland zullen wegtrekken.

In een doorrekening van de klimaatmaatregelen van het kabinet-Rutte III becijfert het CPB dat het beleid met ruim een half procent drukt op het bruto binnenlands product (bbp). Volgens de rekenmeesters behelst het Klimaatakkoord enerzijds een lastenverzwaring die de groei drukt, maar is ook sprake van hogere uitgaven die dat effect deels compenseren. De lasten nemen met 5 miljard euro toe, terwijl de uitgaven met 3,9 miljard euro omhooggaan.

Lees ook:

Niet te snel, vooral niet te snel

Het kabinet mikt met zijn klimaatplannen op draagvlak. Als dat groter wordt door trager te opereren, dan moet dat maar.

Biomassa ligt onder vuur. Is dat terecht?

Eén van de pijlers onder het klimaatakkoord, biomassa, ligt onder vuur. Is dat terecht, en zouden we ook zonder kunnen?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden