InterviewCora van Nieuwenhuizen

‘Gewoon alles maximaal perfect doen’, dat is wat Cora van Nieuwenhuizen wil

Cora van Nieuwenhuizen: ‘Het lag in de rede dat ik bij een christelijke partij zou gaan. Maar ik heb me altijd vrijgevochten liberaal gevoeld.’Beeld Jildiz Kaptein

Ze wilde genieten van de kinderen, de politiek was ‘iets voor erbij’. Leidt de loopbaan van VVD-minister Cora van Nieuwenhuizen - die van de Stint en de 130 kilometer - haar uiteindelijk naar het Torentje? Waarom niet, zei ze zelf dit jaar. ‘Maar Mark mag van mij nog even doorgaan.’

Geen verre vliegreis voor Cora van Nieuwenhuizen, deze kerstdagen. Ze gebruikt de vakantie vooral om bij te komen. “Het zijn extreem drukke tijden geweest. Kerst vier ik daarom met de familie. Geen plannen, geen wekker, we zien wel.” Toch is de kans groot dat ze wél op pad gaat. Het bos in, de heide op. “Ik kan niet stilzitten, ik wil altijd fysiek actief zijn”, zegt ze, wijzend naar het sta-bureau in haar werkkamer. “Mijn man zegt soms: vreselijk om met een ADHD’er getrouwd te zijn. Toen ik jong was bestond die diagnose nog niet. Maar inderdaad, ik heb weinig rust in mijn kont.”

Toen ze begon als minister van infrastructuur en waterstaat kreeg ze te horen: gefeliciteerd, dit is het meest crisisrijke ministerie. Dat is ook het afgelopen jaar gebleken. Haar voorganger, partijgenoot Melanie Schultz, mocht talloze 130-bordjes langs de snelwegen onthullen, Van Nieuwenhuizen moest de maximumsnelheid terugschroeven. En zo staan meer VVD-verworvenheden waar zij over gaat op de tocht. Groei van de luchtvaart spreekt niet langer vanzelf en er komt een onderzoek naar rekeningrijden. De minister voerde emotionele debatten over de toelating van de Stint op de weg, na het ongeluk in Oss waarbij vier jonge kinderen om het leven kwamen. Én ze bombardeerde zich tot mogelijk opvolger van Mark Rutte. Op de vraag of ze premier wilde worden zei ze afgelopen zomer: “Waarom niet?”

Van Nieuwenhuizen is een ‘alleseter’, in haar eigen woorden. Ze studeerde sociale geografie, een ‘keuze voor mensen die niet kunnen kiezen’. Na haar afstuderen bleek er geen droog brood mee te verdienen. Op advies van haar vader, een ‘bankman’, ging ze de financiële wereld in, na verschillende studies.

Werk even helemaal niet belangrijk

Hoe belandde Van Nieuwenhuizen dan toch in de politiek? Vanaf haar dertigste doorliep ze alle bestuurslagen, van de gemeenteraad, de Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten tot het Europees parlement en het ministerschap.

Ze aarzelt even. “Nou, misschien moet ik het maar gewoon vertellen. Ik werkte bij een bank, toen het moment van mijn eerste zwangerschap kwam. Het kindje is tijdens de bevalling gestorven. Dat zet je leven op z’n kop. Daarna vond ik werk even helemaal niet meer belangrijk. Dus... misschien klinkt dat raar... toen ik daarna een tweede kindje kreeg dat wel bleef leven, heb ik daar helemaal voor gekozen.”

Om er iets bij te doen, koos ze voor de politiek. De gemeenteraad van Oisterwijk vergaderde namelijk in de avond. “Het was een leuke manier om mensen te leren kennen in het dorp waar we nieuw waren. Ik was toen getrouwd met een dierenarts en daar deed ik de bedrijfsvoering voor. Maar het belangrijkste was de gedachte: nu heb ik een kind en daar ga ik van genieten.”

Beeld Jildiz Kaptein

De keuze voor de VVD was niet vanzelfsprekend. “Wij waren thuis in Harderwijk Nederlands-hervormd, van de Gereformeerde Bond. Het lag in de rede dat ik bij een christelijke partij zou gaan. Maar ik heb me altijd vrijgevochten liberaal gevoeld. In de kerk had ik al de behoefte om alles te challengen. Ik dacht na over al die stromingen in de kerk. Er kan er toch niet slechts eentje het bij het rechte eind hebben?

“Je moet geloof niet vermengen met je politieke opvatting. Tegelijkertijd is de scheidslijn tussen een liberale christen en een christelijke liberaal heel dun. Bij de VVD zie je christenen en bij het CDA zie je mensen die met hun liberale standpunten zo bij ons zouden passen.”

Inmiddels is Van Nieuwenhuizen niet meer kerkgaand, behalve op kerstavond, met moeder en kinderen in Harderwijk. “Ik challenge alles nog steeds, ik zie me als actief agnost. Wat religies fundamenteel bindt, is dat je een beetje normaal moet doen, of hoe luidt die oude tekst? Wat gij niet wil dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet. Door mijn vader ben ik grootgebracht met het idee dat je ’s avonds wel ergens moe van moet zijn. En iedereen met respect moet behandelen.”

Van Nieuwenhuizen hanteert het kung-fu-principe

De politiek werd een volledige baan toen haar – inmiddels drie – zonen op de middelbare school zaten. Vanuit de Staten van Noord-Brabant werd ze gevraagd voor de Tweede Kamer. “Alleen de jongste woonde nog thuis, ik was gescheiden en had co-ouderschap, dus het was overzichtelijk.” Daarna werd het Brussel, waar na een paar jaar ‘het bekende telefoontje van Mark Rutte’ kwam: of ze minister wilde worden in zijn derde kabinet.

Voor een buitenstaander mag het een rimpelloos pad lijken, Van Nieuwenhuizen denkt er anders over. “Die mensen kan ik uit de droom helpen. Ik hanteer het kung-fu-principe: wat je doet, moet je zo goed mogelijk doen. Dan kom je bovendrijven en word je gevraagd voor een volgende stap.”

En als die volgende stap premier is? Rutte noemde Van Nieuwenhuizen onlangs ook als potentieel opvolger, na de controverse over het wachtgeld van ‘kroonprins’ Klaas Dijkhoff. “Daar sta ik relaxed in. Ik zou nog steeds antwoorden: waarom niet? Maar er is nu geen vacature, dus de vraag wordt mij niet gesteld. Mark heeft zich fantastisch bewezen, we moeten zijn gezaghebbende positie in Europa koesteren. Ik zou zelf heel blij zijn als hij nog een periode zou doorgaan.”

Al heel lang Feyenoord-fan

Cornelia van Nieuwenhuizen-Wijbenga (Ridderkerk, 1963) is langer lid van de fanclub van Feyenoord dan van de VVD. Ze begon haar politieke loopbaan in de gemeenteraad van Oisterwijk, van 1994 tot 2006. Vanaf 2003 combineerde ze dat met de Provinciale Staten van Noord-Brabant, waar ze in 2007 gedeputeerde werd. Daarna ging het snel. In 2010 werd ze gekozen in de Tweede Kamer, in 2012 opnieuw, maar ze vertrok tussentijds naar het Europees Parlement. In 2017 werd ze minister van infrastructuur en waterstaat in het kabinet Rutte III. Ze is de zevende vrouw op deze post, de vierde van VVD-huize na Melanie Schultz, Annemarie Jorritsma en Neelie Kroes. Ze woont op 21-hoog in Rotterdam met haar man, de Rotterdamse wethouder Bert Wijbenga-van Nieuwenhuizen. Samen hebben ze vier (volwassen) kinderen.

Voorlopig hanteert Van Nieuwenhuizen van dag tot dag het principe ‘gewoon alles maximaal perfect doen’. “Ja, ik vrees dat ik een perfectionist ben. Dat strekt zich tot allerlei dingen uit. Ook tot taalfouten uit teksten halen.” Als zij zelf fouten maakt, baalt ze daar verschrikkelijk van. “Dan dwing ik mezelf om ze ruiterlijk toe te geven, dat vind ik belangrijk. En om ervan te leren.”

Een voorbeeld. Dit jaar stuurde ze een brief naar de Kamer over de Stint, het omstreden vervoermiddel voor kinderen. “Ik besloot na een gesprek met ambtenaren dat ik geen afzonderlijke brief naar de Kamer hoefde te sturen, omdat de strekking van de informatie daar al bekend was. Mijn gevoel was anders, maar ik was moe en ik ging de discussie niet aan.” Toen schreef RTL Nieuws dat ze informatie had achtergehouden. “Ik kon me wel voor mijn kop slaan.”

De nasleep van het ongeluk met de Stint was een van de zwaarste kwesties voor Van Nieuwenhuizen. Ze schoot vol toen zij tijdens een debat excuses aanbood aan de nabestaanden. “Het raakte me enorm.” Zoals meer onderwerpen in haar portefeuille, die op het oog technisch lijkt. “Dat geldt voor alles rond verkeersveiligheid.”

Ze haalt de opmerking aan over het meest crisisrijke ministerie. “Geen crisis of we zijn erbij. Neem de aanslag in de tram in Utrecht: dan moet ik het luchtruim sluiten. Chemische stoffen in het drinkwater in Dordrecht. Of binnenvaartschippers die onwel worden door rattengif. Dat zijn óók mijn mensen.” Ze maakt een armbeweging alsof ze de schippers tegen de borst drukt. “Dat raakt je.”

Kritiek op haar spijkerjasje? Get a life!

Van kritiek dat emoties voor een minister onprofessioneel zouden zijn, trekt Van Nieuwenhuizen zich niets aan. “Je bent zoals je bent. Als ik geëmotioneerd raak, dan gebeurt dat. Als mensen daar aanstoot aan nemen, jammer dan. Ik zou niet anders kunnen. Als ze vinden dat een minister een technocratische robot moet zijn, dan stemmen ze maar op iemand anders.”

Zo denkt ze ook over kritiek op haar kleding. “Sommige mensen vinden dingen die ik draag niet ministeriabel. Ik kreeg opmerkingen over een spijkerjasje dat ik droeg bij ‘Jinek’. Dan denk ik: get a life.” Ze kreeg voor de ministerraad eens vragen over haar kleding en die van haar collega’s. “Mannen overkomt dat niet. Behalve Hugo de Jonge misschien over zijn schoenen.” Ze kan zich er niet druk om maken. Lachend: “Het lijkt mij retesaai om altijd in een pak te moeten lopen. Je hebt geen gezeur, maar er is ook niets aan. Dat is het punt met diversiteit: je brengt ook andere dingen in. Dat geldt voor mannen en vrouwen, maar ook voor leeftijden, seksuele voorkeur, afkomst.”

Met die diversiteit is het in de Kamer overigens ‘heel slecht’ gesteld, vindt Van Nieuwenhuizen. “Volgens mij is er geen Kamerlid met een Antilliaanse of Surinaamse achtergrond, terwijl dat grote groepen kiezers zijn. Bij de VVD zeggen we: het gaat niet om je afkomst, maar om je toekomst.” Van Nieuwenhuizen ziet ook dat de Kamer steeds minder divers wordt. “Quota invoeren werkt niet. Je moet zien te bereiken dat het voor mensen weer léuk is. In mijn tijd vonden we het gewoon leuk om politiek actief te zijn.”

De boel uit het moeras trekken

Leuk was het het afgelopen jaar niet altijd voor een VVD-minister. Bij de persconferentie waar het kabinet de verlaging van de maximumsnelheid aankondigde, was het chagrijn duidelijk van Van Nieuwenhuizens gezicht af te lezen. “Dat is ook zo. Ik had die maatregel niet genomen als het niet strikt noodzakelijk was.”

Toch heeft ze niet gedreigd op te stappen, zoals ze deed toen de invoering van rekeningrijden werd geopperd. Van Nieuwenhuizen wil niets vertellen over discussies in de ministerraad. “Wel heb ik gezegd: in het regeerakkoord staat dat er geen rekeningrijden wordt ingevoerd, daar hou ik me aan. Het klopt, het stond óók in het regeerakkoord dat 130 de maximale snelheid zou blijven. Honderd rijden doe je alleen voor het grotere belang. Op het congres kwam een meneer naar me toe, die zei: ‘Mijn zoon is ingenieur en hij dreigt met dertig collega’s naar huis gestuurd te worden’. Een bouwer uit Duitsland zei dat ze daar gelijk aan de slag konden. Die man maakte zich zorgen dat zijn zoon naar Duitsland zou vertrekken. Als ik daarop word aangesproken, als bezorgde mensen mij met hun karretje klemrijden in de supermarkt, dan motiveert mij dat enorm om de boel uit het moeras te trekken.”

Groei van de luchtvaart is inmiddels niet meer vanzelfsprekend. Van Nieuwenhuizen stelde voorwaarden aan de groei van Schiphol, en ook vanwege de stikstofcrisis wordt de rol van vliegen tegen het licht gehouden.

De minister vindt nog steeds dat luchthaven Lelystad open moet. “Ik ben een groot aanhanger van de stelling van Frits Bolkestein. Als je in Nederland iets afbouwt, moet je goed kijken of het dan echt stopt of dat het elders verdergaat. Je wilt niet eindigen met zijn uitspraak: Nederland armer, en de wereld warmer. Ik heb het daar onlangs met Eurocommissaris Frans Timmermans over gehad. Een vliegtaks is veel effectiever als je die Europees kunt invoeren. Dan heb je niet zo’n effect als met de vorige Nederlandse belasting, dat alle reizigers in Frankfurt of Düsseldorf vertrekken.”

Zelf is de minister niet zo’n vlieger. Het liefst rijdt ze op de motor Europa door, naar Noorwegen, Schotland, Spanje of de Ardennen. ‘Met z’n tweetjes’, met haar man Bert Wijbenga-van Nieuwenhuizen, wethouder in haar woonplaats Rotterdam. Ze hebben elkaars achternaam erbij genomen, een mogelijkheid die toen net bestond.

“Geëmancipeerd, en toch die verbinding over en weer. Bert rijdt. Ik zit achterop en dat vind ik heerlijk. Dan hoef ik nergens op te letten. Ja, inderdaad, een keer niet zelf achter het stuur.”

Lees ook:

Minister houdt poot stijf: Zonder nieuwe vluchten geen Lelystad

Coalitiepartijen D66, ChristenUnie en CDA willen geen marktwerking op luchthaven Lelystad. Volgens minister Van Nieuwenhuizen is dat echter onontkoombaar.

De andere kerstinterviews 

Met Ilja Leonard PfeijfferRutger Bregman,  Daily PaperDavina MichelJohan VollenbroekSjinkie Knegt en Marianne Thieme

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden