null

EssayHans de Bruijn

Een politicus is niet per se plat als hij een afkeer heeft van visie. Integendeel zelfs

Politici als Mark Rutte en vertrekkend bondskanselier Angela Merkel krijgen nogal eens voor de voeten geworpen dat ze visieloos zijn. Volgens Hans de Bruijn kan de afkeer van de visie juist moreel hoogstaand leiderschap voortbrengen.

Hans de Bruijn

Begin deze maand hield Sigrid Kaag haar veelbesproken H.J. Schoo-lezing. We staan voor gigantische opgaven, constateert ze, van klimaatverandering tot wonen, van migratie tot ongelijkheid. Ze citeert John F. Kennedy: ‘In de geschiedenis van de wereld zijn er maar een paar generaties die geroepen worden om vrijheid te verdedigen tegen haar grootste bedreiging’.

Maar een paar generaties; in zo’n uitzonderlijk tijdperk leven we. Van onze generatie bestuurders wordt iets groots, iets historisch gevraagd en dus is visie nodig. ‘Waar het visioen ontbreekt, verwildert het volk’.

Hans de Bruijn (1962) studeerde rechten en politicologie. Hij is hoogleraar bestuurskunde aan de TU Delft. Voor Trouw analyseert hij wekelijks de sturende taal van beleidsmakers.

Het kostte de Haagse exegeten weinig moeite om hier een aanval op premier Rutte en de VVD in te zien. De premier die schaterlachend door het leven gaat, zich beperkt tot de constatering dat Nederland een gaaf land is; wie dat zegt heeft ‘de nodige lessen te leren’, zegt Kaag. Een VVD die bestuurt door goede relaties en netwerken te onderhouden, waarbij altijd het VVD-adagium geldt dat het ‘wel gezellig’ moet blijven. ‘Bierpomp-liberalen’ zei Pim Fortuyn destijds al.

Diepgang versus platheid, dat beeld is te eenvoudig

En zo ontstaat het beeld van politiek-vanuit-visie versus politiek als regelen en ritselen, als beheren en accommoderen. Politici met een hoger doel, schrijft een columnist, versus politici die van geen visie een deugd hebben gemaakt. Diepgang versus platheid.

Dat beeld is te eenvoudig. Die afkeer van visie, van het grote verhaal, treffen we bij veel conservatieve politici aan. Een niet geheel willekeurig voorbeeld: Angela Merkel. Ook Merkel krijgt voortdurend het verwijt dat ze het grote idee ontbeert, geen visie heeft. Op een soms heel venijnige manier: de verklaring zou haar Oost-Duitse opvoeding zijn.

Toch is de conservatieve Merkel voor veel progressieven in Europa een groot politiek leider. Dat roept twee vragen op: waarom toch die conservatieve afkeer van visie en hoe moeten we die waarderen? Het gaat hier om een generatie leiders die gevormd is in de jaren tachtig en negentig, en vormende jaren bepalen vaak voor lange tijd je basisovertuigingen. Het was de tijd van de val van de Muur en het einde van de grote ideologieën.

Dat leidde tot een veelbesproken politiek-filosofisch puzzeltje. Hoe kan het dat een ideologie als het marxisme, gebaseerd op een groots idee met toch goede intenties (arme mensen een beter bestaan bieden) zo kon ontaarden? Je constateert een groot probleem (armoede), maakt een analyse (verhouding kapitaal-arbeid) en een ontwerp voor een betere samenleving en dan leidt dat tot precies het tegenovergestelde van wat je beoogt: mensenrechtenschendingen, bittere armoede, corruptie, dictatuur.

Waarom leveren veelgeprezen banenplannen nauwelijks banen op?

Of hoe kon het dat de Westerse verzorgingsstaten, waarin het ene na het andere goedbedoelde plan werd gelanceerd, waren ontaard in soms verstikkende bureaucratieën? Dat veelgeprezen banenplannen nauwelijks banen opleverden?

Het antwoord van conservatieve denkers: marxisme ontaardde niet ondanks het grootse idee, of het ontwerp, maar vanwege het grootse idee, vanwege het ontwerp. Hoe zit dat?

Verandering begint bij respect voor de werkelijkheid. De werkelijkheid zoals wij die nu kennen – met instituties als de rechtsstaat, de markt, onze manier van samenleven – is ontstaan en gegroeid in de loop der tijd. Wat werkte en wat we goed vonden, hield stand. Wat niet werkte of wat we niet goed vonden, verdween. Veranderingen komen dus organisch tot stand, in het ‘laboratorium van de geschiedenis’. Zoals een taal ontstaat en groeit: een taal kun je niet ontwerpen.

null Beeld

De werkelijkheid zoals die in het laboratorium van de geschiedenis is ontstaan, is ongelofelijk ingewikkeld. Wie vanuit goede bedoelingen die werkelijkheid wil veranderen met de grootse visie, het integrale plan, het nieuwe ontwerp, wordt met allerlei onvoorziene en ongewenste effecten geconfronteerd. Je richt schade aan, maakt iets kapot wat zich in het laboratorium van de geschiedenis heeft bewezen. Dat leidt tot inefficiëntie, bureaucratie, regelzucht.

Planners zijn vaak een soort gelovigen

Wie desondanks blijft geloven in het plan of ontwerp – planners en ontwerpers zijn vaak een soort gelovigen – neemt die schade voor lief, dendert door en kan heel destructief worden. Lenin zei ooit: je kunt geen omelet bakken zonder eieren te breken. Je kunt de heilstaat niet bereiken zonder destructie en dat moet dan maar. Uiteindelijk komt de heilstaat er niet en is de destructie er wel: goede bedoelingen leiden tot slechte uitkomsten.

De boodschap is dus niet dat verandering onmogelijk is of dat er geen noodzaak tot verandering is. De boodschap is: wat groeit, wat ontstaat zonder onderliggend plan is vaak superieur aan wat bewust wordt gemaakt.

Daar is van alles op af te dingen, maar dit is een verhaallijn die in vruchtbare bodem viel na de val van de Muur. Ga maar na. Het was intellectueel interessant: goede bedoelingen leiden tot slechte uitkomsten, een paradox doet het altijd goed. Het was politiek interessant: je kon in een keer alle linkse ideologieën en plannen bij het oud vuil zetten. Het leverde een agenda op: als vernieuwing spontaan ontstaat in de samenleving, dan moet je die samenleving volop de ruimte geven. Dus gaan we privatiseren en dereguleren en marktwerking introduceren.

En als kers op de taart gaf een nieuwe generatie linkse politici zich ideologisch gewonnen. ‘De tijd van een grote overheid is voorbij’, zei Bill Clinton en Wim Kok schudde zijn ‘ideologische veren’ af.

Ontwerpdenken heeft ook vat op rechtse politici

Overigens, een kleine zijstap voor de rechtsige lezer, die nu tevreden achteroverleunt: het ontwerpdenken heeft ook vat op rechtse politici. Neoconservatief Amerika kwam op het idee van regime change, het politieke systeem van Irak en Afghanistan zou volledig worden herontworpen. We weten wat het resultaat is.

Of denk aan marktwerking, het idee dat je markten kunt ontwerpen in sectoren met een sterke publieke component. Dat was veelal geen groot succes.

Nu formuleer ik dit zo, dat de indruk kan ontstaan dat de kritiek op het plan- en ontwerpdenken opportunistisch werd gebruikt. Dat zal ongetwijfeld zijn gebeurd, maar er kan hier ook een diepe overtuiging achter schuilgaan. Daarvoor ga ik naar Angela Merkel, die zo af en toe wat reflecteert op haar leiderschap. In 2020 zegt ze onder andere dit:

Ga voorzichtig,
ga liefdevol om
met de werkelijkheid zoals ze is,
die altijd verre van perfect is.

Moet je als politicus geëngageerd zijn, zoals Kaag dat is? Merkel:

Natuurlijk moet je geëngageerd zijn,
maar je kunt ook alles snel vernietigen.
Hoe ouder ik word,
hoe meer ik ben geïnteresseerd in geschiedenis (…).
Minacht het compromis niet,
want het compromis is het antwoord op het feit
dat wij mensen uniek zijn,
dat iedereen anders is.
Het is volkomen duidelijk
dat er nooit een ochtend zal zijn
waarop we opstaan
en allemaal dezelfde mening hebben.
Willen we samen iets kunnen realiseren,
willen we vriendschappelijk kunnen samenleven,
dan is het compromis noodzakelijk.
Over kernwaarden sluiten we geen compromissen.
Maar over heel veel dingen in het leven,
kun je een compromis sluiten.
Dan help je
de vrede te bewaren
en geweld te voorkomen.

Het is het DNA van een conservatieve politicus: je moet respect voor de werkelijkheid hebben, liefde zelfs; kijk uit dat je in naam van je engagement geen dingen kapot maakt, vernietigt. En verandering is een organisch proces, zoek dus het compromis met anderen.

Zelfkwellerig spreken we over onze compromiscultuur

In Nederland kunnen we nogal zelfkwellerig spreken over onze compromiscultuur. Een compromis sluiten betekent dat een mooi plan steeds minder mooi wordt. De Belgische premier Dehaene formuleerde dat ooit beeldend: je gaat met een raspaard de ministerraad in en je komt er met een boerenknol uit. Merkel redeneert anders. Ieder mens is anders en:

Ik heb geleerd dat we de goede antwoorden
op de meest ingewikkelde vraagstukken
kunnen vinden,
als we maar proberen
om door de ogen van de ander
naar de wereld te kijken.

Het is het organische van het conservatieve DNA: het compromis maakt mijn mooie plan niet armoediger, een compromis maakt mijn armoedige plan mooier. Het raspaard wordt geen boerenknol, de boerenknol wordt raspaard.

Hoe concretiseert Merkel dit? Het is al vaak gezegd: de grote verandering komt door kleine stappen tot stand. De werkelijkheid is ingewikkeld, dus zet een stap, analyseer wat de gevolgen zijn en zet een volgende stap. Wie dat doet, kan soms in één keer hele grote stappen zetten. Denk bij Merkel aan de Energiewende, de vluchtelingencrisis, het EU coronasteunpakket.

Het beeld is de politicus als diamantair. De werkelijkheid is als een diamant. Een diamant is keihard, je kunt er met al je kracht op inbeuken, maar een diamant breekt niet. De politicus die voortdurend de werkelijkheid analyseert, kan opeens een mogelijkheid zien voor een grote stap. Net als de diamantair die een diamant goed bestudeert en met een lichte tik op die ene zwakke plek, de diamant wel kan splijten.

null Beeld

Als dit je DNA is , dan wordt die oproep tot visie opeens een beetje makkelijk. Een visie heb je op een achternamiddag bedacht, is een hoog-over-verhaal. Met een visie verander je niets aan de werkelijkheid. De visie van vandaag, is morgen ingehaald door de werkelijkheid.

Visiegedoe als Haags gezelschapsspel

Ik wil met dit essay geen tegenstelling suggereren tussen Kaag en Merkel. Ik stel me voor dat Kaag veel van Merkels uitspraken hierboven met instemming leest. Deels is het visiegedoe een Haags gezelschapsspel. Kaag wil visie, Rutte wil geen visie, want hij gelooft niet in blauwdrukken. Kaag gelooft natuurlijk ook niet in blauwdrukken. En een visie is weer net iets anders dan een plan of een ontwerp.

Waar het me om gaat, is dat afkeer van de visie wordt geframed als iets plats, terwijl het een diepgewortelde overtuiging kan zijn en moreel hoogstaand leiderschap kan voortbrengen.

Maar toch ook nog even dit. Onze samenleving is ingewikkeld en dus is er weinig kans voor het plan, het ontwerp, de visie. Tegelijk, hoe ingewikkelder onze werkelijkheid, hoe meer behoefte er is aan het grote verhaal, aan betekenisgeving, aan inspiratie.

Waarmee kunnen conservatieven de kiezer mee inspireren?

Vroeger hadden we daarvoor de dominee en de pastoor, nu verwachten we dat van politici. Merkel biedt ons dat, begint vaak over de waarden die haar drijven, werd daardoor voor velen een baken van hoop tijdens de Trump-jaren.

Als Sigrid Kaag over migratie zegt dat ‘het dekken van een langere tafel altijd beter uitpakt dan het bouwen van een hoger hek’, dan kun je dat makkelijk bekritiseren als veel te simpel in de complexe werkelijkheid van het migratievraagstuk. Maar het gaat erom dat ze haar waarden, haar kompas laat zien. Het is visie, niet als het plan, maar als het kompas.

En dat is een vraag die je conservatieve partijen kunt stellen: wat is, dertig jaar na de val van de Muur, het verhaal waarmee zij kiezers inspireren?

Lees ook:

Hoezo, wir schaffen das?, dachten ze in Chemnitz

Het is één van de meest bepalende uitspraken van Merkels bondskanselierschap: ‘Wir schaffen das’. Extreemrechts kreeg mede daardoor de wind in de rug. Zoals in Chemnitz. ‘Daar in die straat werd ik aangevallen door neonazi’s.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden