Bombardement Irak

Dit is wat we weten over de Nederlandse aanval op Hawija

De Nederlandse F-16 zou zijn opgestegen vanaf luchtmachtbasis in Jordanië, hier op archiefbeeld uit 2018. Beeld Defensie

Wat is er gebeurd bij Hawija?

Volgens NRC en de NOS zijn er door een bom uit een Nederlandse F-16 in 2015 bij de Iraakse stad Hawija 70 doden en ongeveer honderd gewonden gevallen. Het gevechtsvliegtuig viel een bommenfabriek aan. In en rond de fabriek verbleven volgens de media veel vluchtelingen. Mogelijk zijn verouderde inlichtingen over het aantal omwonenden de oorzaak van het grote aantal slachtoffers.

Wat deed Nederland in Irak?

Nederland is sinds september 2014 onderdeel van de internationale coalitie tegen IS in Irak. Nederland zette aanvankelijk zes F-16’s in, later vier. In die tijd werden 2100 bommen afgeworpen. Op 31 december vorig jaar eindigde de missie met de gevechtsvliegtuigen.

De deelnemers aan de coalitie spraken met elkaar af om niet bekend te maken welke landen betrokken waren bij specifieke luchtaanvallen. Met name vanwege de nationale veiligheid en de veiligheid van de vliegers. De coalitie vreesde voor aanslagen in betrokken landen.

Wat wisten we al van het Hawija-bombardement?

Dat er bij een luchtaanval van de coalitie bij Hawija in 2015 veel doden waren gevallen, was al bekend. Informatie over welke landen precies betrokken waren, kwam niet naar buiten. Een Amerikaans onderzoek naar de aanval bleef geheim. Aan NRC en NOS bevestigde het Pentagon vorig jaar al dat zeventig burgers om het leven waren gekomen.

De internationale ngo Airwars onderzoekt en registreert ‘incidenten’ waarbij burgerslachtoffers vallen in een aantal grote conflicten, zoals de door de VS geleide coalitie in Irak en Syrië. Op hun site is uitgebreide documentatie te vinden van de gebeurtenis in Hawija, zonder dat Nederland genoemd wordt. Ooggetuige Hassan Mahmoud al-Jubbouri vertelde destijds aan persbureau Reuters dat het gebied er na de aanval uitzag alsof het door een nucleaire bom was getroffen. Zelf trok hij zes mensen onder het puin van een huis vandaan. Een andere getuige omschreef het als een ‘massamoord op burgers’ en vertelde nieuwsbureau Al Araby dat het aantal slachtoffers steeg doordat er nauwelijks ambulances en reddingsmateriaal voorhanden was.   

Was er vooraf al vrees voor burgerslachtoffers?

Zeker. Nederland was tevoren gewaarschuwd over het risico op burgerdoden bij de bombardementen. In een interview met NRC Handelsblad in 2014 zei inlichtingenexpert en oud CIA-analist Paul Pillar dat “het risico op zinloze aanvallen, of erger, burgerdoden toeneemt” toen de Nederlanders instapten. De Amerikanen hadden al het ‘laaghangende fruit’ geraakt, zoals IS-commandoposten en konvooien. Meer gecompliceerde doelen bleven over.

Tijdens een briefing in de Kamer legde commandant der Strijdkrachten Tom Middendorp in 2014 uit dat Defensie het risico op burgerdoden tot een minimum probeerde te beperken met ‘precisie-inzet’ en ‘precisiebombardementen’, en dat er lessen geleerd zijn tijdens voorgaande missies. “Dit biedt echter geen garanties. In Afghanistan hebben we al gezien dat burgers altijd nog als schild kunnen worden gebruikt of dat er burgers aanwezig kunnen zijn zonder dat wij hen hebben kunnen waarnemen. Uiteraard richten de inspanningen zich erop om dat maximaal te voorkomen.”

Heeft Nederland veel ervaring met luchtmissies?

Nederland zette de afgelopen decennia vaker F-16’s in in strijdgebieden. Ze waren actief boven de Balkan, vanaf 2002 boven Afghanistan en in 2011 boven Libië. Zes vliegtuigen zagen erop toe dat er geen wapens de Middellandse Zee over werden gesmokkeld, tijdens de burgeroorlog tegen dictator Muammar Kadafi. Vanwege die ervaring vroeg de toenmalige Amerikaanse president Barack Obama aan Nederland om de toestellen in te zetten in de strijd tegen Islamitische Staat.

Beeld Sander Soewargana

Kan Nederland aansprakelijk worden gesteld door slachtoffers of hun nabestaanden?

Volgens advocaat en hoogleraar oorlogscompensatie Liesbeth Zegveld is het nog niet voorgekomen dat een land gedwongen werd vergoedingen te betalen aan burgerslachtoffers van de internationale coalitie in Irak. Dat komt grotendeels door de geheimzinnigheid rond dit type missies. “Echt schandalig”, zegt Zegveld. “Er heerst een ernstig gebrek aan transparantie. Nederland deed mee aan deze missie – in de lucht én op de grond – en had allang een gebaar moeten maken richting de slachtoffers en hun nabestaanden. Zelfs de VS geven al jaren vergoedingen, als er een ‘redelijke aanname’ is dat hun eigen leger betrokken is. Altijd weer zegt Defensie de veiligheid van het personeel voorop te stellen, maar daar zijn heus maatregelen voor te nemen. Wat is dat voor afweging? Dit zijn ook mensen, die een arm of been of hun familie hebben verloren.”

Zegveld is gespecialiseerd in compensatie voor oorlogsslachtoffers. Ze is blij dat nu de Nederlandse betrokkenheid aan het licht komt. Net deze week verloor Zegveld een zaak van twee Irakezen, die beiden gewond raakten bij een bombardement begin 2015, toen ze probeerden te ontkomen aan Islamitische Staat. De Irakezen willen van de Nederlandse overheid informatie over dat bombardement, en daarmee antwoord op de vraag of Nederlandse F-16’s betrokken waren. Voor het eerst ontkende Nederland officieel bij dit specifieke bombardement betrokken te zijn, maar gaf geen documenten. “Een perfect voorbeeld van die cirkelredenering, waardoor slachtoffers met lege handen achterblijven.”

Zegveld gaat in deze zaak in beroep. Zelf zal ze niet actief op zoek gaan naar slachtoffers of hun nabestaanden van het bombardement op Hawija, maar als die zich melden zal ze zo’n zaak zeker oppakken.

Hoe reageert politiek Den Haag?

Het kabinet wil voorlopig niets zeggen over de luchtaanval. Minister Ank Bijleveld van defensie zegt wel dat zij voortaan openhartiger wil zijn over burgerslachtoffers bij Nederlandse aanvallen. Zij hoopt “op niet te lange termijn” meer te kunnen zeggen over het bombardement bij Hawija. 

Vooral de linkse partijen zijn verontwaardigd. GroenLinks-Kamerlid Isabelle Diks en Sadet Karabulut (SP) vroegen de regering de afgelopen jaren vaak naar eventuele burgerslachtoffers bij missies. “Ongelooflijk dat de Kamer dit nu pas via de pers hoort, dat bij een aanval zo onthutsend veel burgerslachtoffers zijn gevallen”, zegt Diks. “Minister Bijleveld heeft heel wat uit te leggen.” Zij wil een debat met de minister. Karabulut: “Als dit klopt, is het een groot en heftig verhaal. Dan heeft de minister een groot probleem.”

Ook de andere partijen vragen om openheid. Salima Belhaj van coalitiepartij D66 wil “maximale transparantie”. “Om lessen te kunnen leren en nabestaanden kans op schadevergoeding te geven.” Joël Voordewind (ChristenUnie, ook coalitie) is ook kritisch. “Waarom is bij dit bombardement in Hawija geen vervolgonderzoek ingesteld door het OM, nauwelijks compensatie betaald en waarom is niet voorzien dat er tweede explosie kon ontstaan die leidde tot zoveel burgerslachtoffers?”

Lees ook:

In een ‘schone oorlog’ vloeit net zo goed bloed

Een oorlog op afstand verlaagt de drempel voor het gebruik van geweld. Een kritisch debat over steun aan een missie in Irak en Syrië is daarom cruciaal, menen Jolle Demmers en David Snetselaar.

Mogelijk flink meer burgerdoden bij luchtaanvallen tegen IS

Een groep onderzoekers berekende dat er meer burgerdoden vallen in Syrië en Irak dan de bombarderende landen zeggen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden