null Beeld

ColumnBart Zuidervaart

De politiek zadelt sporters op met onmogelijke vragen

De Tweede Kamer heeft zijn spierballen laten zien. Vorige week kreeg het kabinet een duidelijke boodschap mee, in een Europa-debat met premier Mark Rutte: tijdens de kwartfinale van het EK-voetbal mag er in het stadion in de Azerbeidzjaanse hoofdstad Bakoe niemand van de Nederlandse regering op de tribune zitten.

Met de kennis van nu was het een vrij potsierlijke oproep. Ook de Kamerleden bleken bevangen door een zekere mate van hoogmoed, waar de voetballiefhebbers in dit land sowieso een handje van hebben. ‘Oranje’ zat immers in het gunstige deel van het EK-schema; de weg naar de halve finale lag wagenwijd open.

Dat de Kamer niet wilde dat de koning of een minister zou afreizen naar Azerbeidzjan, komt doordat dit land nog zo’n tweehonderd Armeense militairen gevangen houdt, als gevolg van de strijd in Nagorno-Karabach. En dat, benadrukken partijen in de Kamer, betekent een schending van het oorlogsrecht.

Bij de wedstrijd tegen Tsjechië, in Boedapest, was de Nederlandse regering in ieder geval afwezig. Het was volgens Rutte gewoon niet voorzien om er iemand naartoe te sturen. Waarmee hij overduidelijk weg wilde blijven van de suggestie dat het een politiek besluit was om het feestje van Viktor Orbán te boycotten.

Oppassen met wie je op de foto gaat

De discussie over geen bobo’s (dixit: Rutte) naar sportwedstrijden sturen zal even luwen, om volgend jaar weer op te vlammen mocht Nederland zich plaatsen voor het WK voetbal in Qatar. Ook voor dit evenement ligt er inmiddels een aangenomen Kamermotie met de strekking dat koning en premier niets te zoeken hebben in een land dat de levens van duizenden arbeidsmigranten opoffert voor de bouw van stadions.

Rutte vindt de kwestie ‘een dilemma’ en wil er pas later in de ministerraad over spreken. Opvallend is dat het kabinet wat sportminister Tamara van Ark betreft gewoon kan afreizen naar Qatar. Je moet wel oppassen met wie je op de foto gaat, zei ze eerder dit jaar in deze krant. Voor het overige ziet Van Ark sport en politiek als twee gescheiden werelden.

Het logische gevolg van die redenering is dat de sportwereld zelf wordt opgezadeld met onmogelijke en oneerlijke vragen over voetballen in een land dat zich op grote schaal schuldig maakt aan moderne slavernij.

In Noorwegen hebben de voetbalclubs die discussie aangedurfd. Daar besloten de afgevaardigden uiteindelijk om het toernooi in Qatar niet te boycotten, mochten de Noren zich weten te kwalificeren. Die uitkomst verbaast niet. De vraag die voorlag was onmogelijk en oneerlijk, omdat van voetballers werd verzocht af te zien van het hoogst haalbare; deelname aan een WK.

De sporters worden in deze vervelende situatie gebracht door politici die vast blijven houden aan dat valse frame van gescheiden werelden. Alsof nog valt te ontkennen dat sport en politiek op dat niveau totaal verstrengeld zijn. Kamerleden en ministers zijn druk met de afweging wie er op de tribune mag plaatsnemen en met wie je vooral niet op de foto moet. De politiek zou zich moeten afvragen of je überhaupt moet voetballen op, zoals Gert-Jan Segers het eerder verwoordde, met bloed doordrenkte grasmatten. Wie die vraag hardop stelt, weet dat daar maar één verstandig antwoord op mogelijk is.

Bart Zuidervaart is chef van de redactie politiek. Hij schrijft wekelijks een column.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden