CBS-cijfers

De heffingen van het waterschap rijzen in 2020 de pan uit

Hoogwater tussen Lent en Geldermalsen. Beeld ANP

De Nederlandse waterschappen gaan in 2020 fors investeren om natte periodes en langdurige droogte aan te pakken. Dat is vooral goed voor bedrijven en boeren, maar de burgers gaan het betalen.

De Nederlandse waterschappen gaan komend jaar ruim 3 miljard euro innen aan heffingen; 4,6 procent meer dan in 2019. Dat is volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek de sterkste groei sinds 2009.

Waterschappen hebben twee hoofdtaken: de watersysteemtaak en afvalwaterzuivering. De kosten die ze hiervoor maken, dekken ze grotendeels uit twee heffingen. De opbrengst van de zogeheten ‘watersysteemheffing’ (voor droge voeten en voldoende schoon oppervlaktewater) stijgt met 5,2 procent naar 1,6 miljard euro. De opbrengst van de zuiveringsheffing (voor de zuivering van afvalwater) stijgt in 2020 met 4 procent naar 1,4 miljard euro. Voor beide hoofdtaken is dit de hoogste stijging sinds de invoering van het huidige belastingstelsel in 2009.

Opvallend is dat opnieuw de burgers (huishoudens) voor meer dan driekwart bijdragen aan de heffingsopbrengsten voor 2020, terwijl juist bedrijven en boeren van de voordelen profiteren. Bij het waterschap Limburg (plus 16 procent) en dat in Friesland (plus 13 procent) bijvoorbeeld, stijgen de opbrengsten het hardst in 2020, omdat hier extra maatregelen worden getroffen tegen mogelijke droogte.

Scheefgroei 

De waterschappen mogen de hoogte van de heffingen zelf vaststellen. De scheefgroei in premies tussen burgers enerzijds en bedrijven en boeren anderzijds wordt veroorzaakt door de scheve verhoudingen van de waterschappen en hun besturen. Die zijn organisatorisch te vergelijken met een gemeenteraad en een college van burgemeester en wethouders. Historisch hebben bedrijven en boeren in het waterschap een zware stem, omdat zij in oorsprong de grootste risico’s liepen en het meest betaalden. Maar dat is allang niet meer zo. 

Toch hebben bedrijven en boeren nog steeds recht op een flink aantal ‘geborgde’ zetels in het waterschap. Dat houdt in dat ze niet hoeven deel te nemen aan verkiezingen, zoals de politieke partijen, maar automatisch een derde of vierde van zetels krijgen toegewezen. Dat geldt ook voor het dagelijks bestuur van het waterschap. Zo zijn ze verzekerd van een ‘geborgde’ plek in het college, de overige partijen kunnen alleen maar aansluiten.

Minister Cora van Nieuwenhuizen (infrastructuur en waterstaat) heeft daarom vorig jaar al een adviescommissie aangekondigd die zich over de herschikking van de geborgde zetels gaat buigen. Een commissie van de Unie van Waterschappen houdt zich al jaren bezig met de herverdeling van de heffingen, maar die is nog niet met een oplossing voor de scheefgroei gekomen.

Lees ook: 

De waterschapslasten komen vooral op het bordje van de burger terecht

De ‘regenteske’ waterschappen laten de stijging van de heffingen volledig bij de burgers terechtkomen, en veel minder bij bedrijven en boeren. Tijd voor een herschikking van de zetels.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden