Toeslagenaffaire

De afgetreden Menno Snel werd gemangeld door een dienst die hij nooit onder controle kreeg

Staatssecretaris Menno Snel van Financien maakt zijn aftreden bekend tijdens een debat in de Tweede Kamer over de kinderopvangtoeslagaffaire. Beeld ANP

Staatssecretaris Menno Snel van Financiën houdt de eer aan zichzelf en treedt af. Meermalen moest hij diep door het stof in de toeslagenaffaire. “De menselijke maat heeft niet voorop gestaan”. 

Dat de Belastingdienst de dossiers naar van fraude verdachte ouders stuurde, waar grote delen vanwege de privacy onleesbaar waren gemaakt, is de druppel in een lange reeks van ernstige fouten.  “Helaas een typisch voorbeeld van een Belastingdienst die nog altijd niet de menselijke maat voorop heeft staan”, zegt  Snel. Hiervoor neemt hij vandaag de politieke verantwoordelijkheid. 

In een korte verklaring in de Tweede Kamer lichtte Snel zijn vertrek toe. Hij erkende opnieuw het “enorme ongemak” dat hij voelde over “onschuldige ouders die werden platgewalst door hun eigen overheid.” Niet langer acht Snel zich in staat om de broodnodige cultuurverandering bij de Belastingdienst te leiden. 

Daarmee komt voor Snel een einde aan een lange reeks van incidenten, al is hij de eerste om toe te geven dat “er nog meer incidenten zullen komen”. Lange tijd houdt Snel het vertrouwen van de Tweede Kamer, ook al is de verontwaardiging groot, over de botte en ondoorzichtige wijze waarop de Belastingdienst opereert in de toeslagenaffaire. Duizenden en mogelijk tienduizenden ouders worden daarin verdacht van fraude. Hen wordt het bovendien bewust onmogelijk gemaakt hun onschuld te bewijzen. De affaire schaadt het vertrouwen in en aanzien van de overheid diep.

Afgetreden Snel: Broodnodig dat er ander toeslagenstelsel komt

Staatssecretaris Menno Snel heeft bij zijn aftreden hard geoordeeld over de uitvoerbaarheid van het toeslagenstelsel. Dat heeft ‘zijn langste tijd gehad. Broodnodig dat er iets anders komt.’

In plaats van het debat over de zwartgelakte dossiers die ouders ontvingen – het zoveelste incident in de kwestie – las Snel een korte verklaring voor. Hij zette grote vraagtekens bij de houdbaarheid van het toeslagenstelsel. Moeten de toeslagen misschien ‘losgeknipt’ en ondergebracht in een aparte organisatie, zo vroeg Snel zich af. Al langer is er kritiek op de uitvoerbaarheid van het complexe stelsel, zeker door een dienst die juist gericht is op het innen van geld in plaats van het uitdelen.

Snel noemt ‘cultuurverandering’ bij de Belastingdienst het belangrijkst. “Hierdoor zijn we in deze situatie terecht gekomen. De dienst moet een lerende organisatie worden anders is die menselijke maat niet te bereiken.” Daarvoor moet de dienst ‘minder legalistisch’ en ‘menselijker’ worden.

Volgens de staatssecretaris zijn de door hem ingezette reparaties ‘pas het begin’. “Nog veel meer ouders zijn onterecht behandeld.” Alle fouten goed maken zal niet vanzelf gaan. “Er volgen meer incidenten. Het wordt een hobbelige road.”

Ondankbare klus 

Wat was de precieze rol van Menno Snel in de toeslagenaffaire? In zekere zin doet deze vraag er niet  meer toe. Een bewindspersoon is altijd verantwoordelijk voor de daden van zijn voorgangers. Na de onthullingen van Trouw en ‘RTL Nieuws’ was er het afgelopen jaar al genoeg reden voor de Tweede Kamer om de staatssecretaris naar huis te sturen. De Kamer klampt zich echter lang vast aan de gedachte: als Snel niet mag blijven, wie is dan bereid deze ondankbare klus over te nemen? Een bewindspersoon die over een grote uitvoerende dienst gaat, zit immers vaak in de hoek waar de klappen vallen. En iemand moet toch Belastingdienst onder controle krijgen en de onderste steen boven. 

Niet voor niets zei Snel voorganger Eric Wiebes in 2017, op zijn laatste dag als staatssecretaris van financiën: “Iemand met deze portefeuille zal moeten beschikken over een onverwoestbaar humeur en geen interesse hebben in een verdere loopbaan.”

Staatssecretaris Menno Snel van Financien maakt zijn aftreden bekend tijdens een debat in de Tweede Kamer over de kinderopvangtoeslagaffaire. Beeld ANP

Snel denkt ‘een dagje na’ voor hij staatssecretaris wordt

Aanvankelijk wekt de econoom en oud-bankier Snel vertrouwen met zijn rustige manier van opereren. Van hem wordt bij zijn aantreden veel verwacht, ook al kennen weinigen in Den Haag hem. Hij werkt weliswaar op een topfunctie onder de ministers Hans Hoogervorst, Gerrit Zalm en Wouter Bos op Financiën, maar begeeft zich ook verder van het Binnenhof, als bewindvoerder bij het IMF in Washington. Terug in Nederland wordt hij de baas van de - bij het grote publiek onbekende - Nederlandse waterschapsbank.

Dan krijgt hij een sms’sje van D66’er Wouter Koolmees. ‘Bel me even’. Over het onverwachte verzoek om staatssecretaris te worden denkt hij ‘een dagje na’. Pas vlak voor hij toetreedt tot het kabinet Rutte III, wordt hij lid van D66. Die apolitiekheid is misschien wel een voordeel, zo denkt men, op dit departement. Er liggen grote klussen te wachten. De Belastingdienst met zijn 30.000 ambtenaren is halverwege een grote reorganisatie. Honderden computersystemen moeten vervangen. Er moet een nieuw belastingplan komen, en er is het politiek gevoelige dossier van de deals met multinationals, de zogenoemde rulings. Internationaal ligt Nederland onder vuur vanwege te ruimhartige afspraken met grote concerns. Het wordt een van zijn eerste bewindsdaden: hij laat 4000 rulings onderzoeken. Er worden veel fouten mee gemaakt, zo blijkt.

Ook de later nog explosiever gebleken omstreden handelwijze rond de kinderopvangtoeslag is al ruim voor Snels aantreden bekend. De Nationale Ombudsman heeft er zijn afkeuring over uit gesproken, de Raad van State heeft de Belastingdienst een half jaar eerder al berispt.

Onbevangenheid verdwijnt snel

Snel staat te boek als analytisch, een tikje ongeduldig misschien. Ontspannen ook, zeker in het begin. “Ik ga eerst maar eens praten op het departement. Ik geloof dat er vier rapporten liggen met de do’s and don’ts. Die moet ik nog tot me nemen”, zegt hij bij zijn aantreden.

Die onbevangenheid verdwijnt rap. “Het lek is nog niet boven”, constateert hij in 2018 nederig in de Kamer, over het (gebrek aan) functioneren van de Belastingdienst. De belastingdeals zoals die met Shell blijven voor problemen zorgen, de ICT rammelt, het innen van erfbelasting verloopt problematisch.

Of hij het onderschat heeft? De omvang van de toeslagenaffaire zeker. Evenals het vermogen van de dienst om de steven te wenden en over te gaan tot reparatie van de schade. Keer op keer blijken leidinggevenden toch door te gaan met onwettige praktijken, met dwanginvorderingen, ondanks beloftes van Snel. Een teken aan de wand is zijn bekentenis, bij het emotionele debat twee weken geleden, dat hij een stapel evaluaties van fraudezaken een half jaar op zijn bureau liet liggen. ‘Daar zou niets extra’s in kunnen staan’, denkt hij.

Gemangeld door de dienst

Snel is in ieder geval gemangeld door een uitvoeringsorganisatie die hij nooit goed onder controle kreeg. ‘Institutionele vooringenomenheid’, luidt het keiharde oordeel van de commissie-Donner over de dienst in de toeslagenaffaire. Een vooringenomenheid waardoor waarschuwende kritiek van binnenuit niet doordringt. Evenmin als zijn voorganger Eric Wiebes heeft Snel de gesloten en eigengereide cultuur van de dienst – tot aan het schenden van eigen regels - kunnen doorbreken.

De staatssecretaris lijkt tot het eind toe te geloven dat de Belastingdienst zelf een einde kan maken aan de problemen. Ambtenaren moeten ‘op huisbezoek’ om de zwartgelakte passages uit te leggen. Gedupeerde ouders krijgen van hem twee weken geleden in een debat nog het advies de Belastingtelefoon te bellen. Een wrang grapje, zo moet hij zelf vaststellen na hoongelach van de publieke tribune. Zijn analytische, apolitieke kant legt het uiteindelijk af tegen een harde politieke werkelijkheid.

Wie volgt Snel op?

De vacature op Financiën is misschien wel de minst gewilde baan in Den Haag. Dit kabinet rest nog ruim een jaar, in die tijd moet de nieuwe staatssecretaris blijven trekken en sjorren aan de Belastingdienst. Ook loopt de kandidaat kans opnieuw in politiek woelig vaarwater te komen. “Er komen nieuwe incidenten”, voorspelt Snel. De kandidaat moet daarnaast lid zijn van coalitiepartij D66, of bereid zijn dat te worden, zoals Snel destijds. De kandidaat zal werken op een ministerie waar CDA-minister Wopke Hoekstra de baas is.  

Lees ook: 

Snel liep constant achter de feiten aan

Staatssecretaris Menno Snel van financiën zat lange tijd in een ‘tunnelvisie’ bij de affaire rond de kinderopvangtoeslag. De Tweede Kamer wil woensdag tijdens een debat van hem weten: waarom trad hij niet eerder op?

Menno Snel, een ambtenaar die per ongeluk in de politiek verzeild raakte

Wie zijn de nieuwelingen in het kabinet? Vandaag: Menno Snel (D66). Met zijn bestuurservaring en kennis moet de staatssecretaris van financiën één van de lastigste klussen opknappen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden