Lodewijk Asscher, partijleider van de PvdA en fractievoorzitter in de Tweede Kamer.

InterviewPvdA-leider

Asscher wil PvdA blijven leiden ondanks toeslagenaffaire. ‘Ik ben bij uitstek degene die dit kan fixen’

Lodewijk Asscher, partijleider van de PvdA en fractievoorzitter in de Tweede Kamer.Beeld Werry Crone

Lodewijk Asscher wil door als PvdA-leider. Zijn rol in de toeslagenaffaire maakt hem juíst geschikt, vindt hij. ‘Ik wil het vertrouwen in de overheid herstellen door de verzorgingsstaat te repareren.’

Aan terugtreden als lijsttrekker denkt Lodewijk Asscher niet. Wel maakte hij onder de kerstboom de afgelopen weken de balans op. 

“Ik loop niet weg voor de dingen die niet goed zijn gegaan”, zegt Asscher naar aanleiding van het vernietigende rapport over de toeslagenaffaire, waarin hij als oud-minister van sociale zaken een cruciale rol had. “Ik praat er met mensen over en laat zien welke lessen ik eruit trek. Ik ben niet iemand die zegt: ik ben onfeilbaar. Vaak zijn dat politici die nog nooit daadwerkelijk wat hebben gedaan.”

Maandagmiddag ging er een uitgebreide mail over zijn rol in de toeslagenaffaire naar de PvdA-leden, nadat Asscher eerder al op zijn Facebookpagina zijn excuses aan ouders had aangeboden.

De PvdA-voorman zegt dat hij veel steunberichten ontving van leden. “Buitengewoon veel. Maar ook het dringende verzoek: laat zien hoe wij het anders gaan doen. Dat de affaire mensen hard raakt, voelt volstrekt logisch. Juist wij hebben als partij de missie om zwakkeren te helpen. Dit raakt mij ook.” Dat er appjes uitlekten van kandidaat-PvdA-Kamerleden die Asscher opriepen terug te treden, deert hem niet. “Soit. Daar moet je tegen kunnen in dit vak.” Zijn fractie steunt hem voluit en daar is hij blij mee.

De coalitie overlegt momenteel over de politieke antwoorden op de affaire. Wat zouden die moeten zijn?

“Er liggen heel stevige vragen. Over de informatievoorziening aan de Kamer, de rechtsstaat, de vertragingen in de compensatie aan ouders, zelfs nadat al duidelijk was hoeveel mensen hierdoor zijn geraakt. We krijgen denk ik in de derde week van januari een Kamerdebat. Ik ga niet vooruitlopen op hun conclusies, maar de coalitie zal met een stevige reactie moeten komen. En de mensen zullen uiteindelijk moeten kiezen: wie kan het oplossen, wie kan het vertrouwen herstellen?”

Kunt u dat zelf wel? U bent een van de gezichten van de affaire.

“Ik denk van wel. Ik wil het vertrouwen in de overheid herstellen door de verzorgingsstaat te repareren. En ik ben, denk ik, bij uitstek degene die dit kán fixen. Vanwege mijn ervaringen als minister en als Kamerlid. Ik weet hoe moeilijk het is om wetgeving te veranderen, maar ik weet dat het kan. Ik heb gezien hoe de macht zich tegen mensen kan keren, heb ervaren dat de kloof te groot is. Ik hoor wat de man in de fietsenstalling zegt versus de Haagse werkelijkheid. En ik ben geen seconde naïef over hoe moeilijk het is te regeren in crisistijd. Maar de verandering die nodig is, is veel fundamenteler dan een schroefje hier of een debat daar. Mijn ervaringen maken mij zeer gedreven om voorop te gaan, wat mij betreft ook straks in de formatie. Durven we te kiezen voor radicaal herstel van de verzorgingsstaat en rechtsstaat? Nemen we afscheid van deze ideologie van wantrouwen naar burgers? Ik waag te betwijfelen of partijen die er nu zitten dat gaan doen.”

Toch wringt het. Als sociaaldemocraat zou u in de verkiezingscampagne premier Rutte vol op de affaire moeten aanvallen, als grootste smet op zijn premierschap. Maar dat kunt u niet vanwege uw eigen rol daarin.

“Ik ben niet iemand die personen aanvalt. Wel zie ik een heel duidelijk ideologisch contrast. Dat laat ik steeds duidelijk zien, ook in mijn recente Den Uyl-lezing en in ons programma. Ik denk dat er een enorme behoefte is aan meer saamhorigheid, meer samen de toekomst vormgeven, in plaats van ‘the winner takes it all’. Corona laat iedere dag zien hoe belangrijk het is dat er publieke voorzieningen en een sterke overheid zijn. Wij waren medevormgever van de verzorgingsstaat, wij zullen hem ook weer een nieuwe toekomst moeten geven.”

U maakt opnieuw excuses, eerder al over de verhoging van de AOW-leeftijd, de verhuurdersheffing en het leenstelsel. Hoe vaak gaat u dat nog doen?

“Mijn ervaring is dat mensen veel waardering hebben voor onze visie op de toekomst. En dat ik vanuit de Kamer in 2017 ben gaan bouwen aan de PvdA als volksbeweging. Mensen hebben meer vertrouwen in politici die openlijk leren van hun fouten, dan politici die zeggen dat ze nooit fouten maken.”

Toch is dat nog niet terug te zien in de peilingen. De PvdA schommelt tussen de twaalf en vijftien zetels, dat zou de op een na slechtste uitslag ooit zijn.

“Ik ben optimistisch. In een maand kan veel veranderen. Uiteindelijk vraagt de kiezer zich af: wie vertrouw ik het Nederland na corona toe? Een sterke PvdA is daarvoor essentieel. Ik denk zelfs dat we de verkiezingen kunnen winnen.

“Dat betekent ook dat ik straks niet met partijen in een regering stap die geen recht doen aan ons programma. Het is fundamenteel dat we van de BV Nederland weer een vereniging maken. De toeslagenaffaire is een product van het absolute geloof in marktwerking en een ideologie van wantrouwen tegen iedereen die de verzorgingsstaat nodig heeft. De overheid is de eigen burgers gaan benaderen als verdachten. Vanuit het idee: het is slecht als je de overheid nodig hebt. Daarom moeten we stoppen met al die toeslagen. De kinderopvang, alles in en rond school, en de zorg moeten voor iedereen beschikbaar worden. En we moeten de beleidsarrogantie doorbreken, zorgen dat mensen weer echt kunnen meepraten. Bij invoering van wetten moeten Ombudsman, cliëntenraad en mensen die afhankelijk zijn van de overheid, erover kunnen meepraten. Ambtenaren moeten zich vrij voelen iets aan te kaarten als het niet rechtvaardig is.”

De vorige Ombudsman Alex Brenninkmeijer zei vorige week in Trouw dat hij zich door u onvoldoende gehoord voelde, toen hij aankaartte dat de werkloosheidsuitkering te hard was.

“Hij heeft helemaal gelijk. Ik herinner me dat gesprek nog. Hij doet alleen zichzelf onrecht, want later dat jaar heeft hij er een rapport over geschreven en toen heb ik die wet gewijzigd. Die wet betekende dat zelfs als je een vergissing maakte en dat kon aantonen, je toch als fraudeur werd gezien. Dat is niet goed. Daarna werden boetes gematigd. Dat was naar aanleiding van de Ombudsman. De tragiek is dat dit over wetgeving ging waar ik zelf over ging en waar ik voorbeelden van kende. Ik wist niet dat intussen bij de Belastingdienst een veel grotere fraudejacht aan de gang was.”

U ging toch ook over de kinderopvangtoeslag?

“Zeker, maar daar had de Ombudsman het niet over. Dat ik die frauderegels in de WW gewijzigd heb, leidde ook niet bij alle coalitiepartijen tot gejuich. Toch is het gebeurd en dat is maar goed ook, want in die wet zat dezelfde nietsontziende benadering die we later zagen in het toeslagendossier. Had ik dat maar eerder doorgehad.”

Hoe gaat de PvdA straks om met de kabinetsreactie? Kunt u na uw deelname aan het vorige kabinet wel een eigen koers varen tegenover de coalitie?

“We beoordelen altijd alles vanuit onze ideologie. Als de vraag is: heb je er vertrouwen in dat de VVD de verzorgingsstaat gaat repareren? Nee, maar dat is aan de kiezer. Ik heb als oppositieleider het kabinet buitengewoon veel bekritiseerd. Wel probeer ik altijd fair te zijn. Ik ben niet van het wantrouwen tegen personen, maar wel heel hard op de keuzes die ze maken. Zij begonnen met het grootste overschot sinds de oorlog en daarmee hebben zij niet de juiste keuzes gemaakt. Ik probeer te laten zien wat de alternatieven zijn.”

Dus u houdt het helemaal open, wat u gaat doen met de kabinetsreactie?

“Dat doen we altijd. Zo hoort het ook in een democratie. Het klopt, dat gebeurt niet altijd. Maar ik heb die onafhankelijkheid verworven door na 2017 iedere dag hard te werken, ik ben aan niemand iets verschuldigd, behalve aan onze kiezers en onze ideologie. En ik doe dat met trots en dankbaarheid.”

Lees ook:

Asscher wil ondanks toeslagenaffaire PvdA-leider blijven

Lodewijk Asscher wil PvdA-partijleider blijven, ondanks de kritiek die hij krijgt vanwege de toeslagenaffaire.

Oud-ombudsman Alex Brenninkmeijer ziet in de toeslagenaffaire geen bedrijfsongeluk maar een falend systeem

De toeslagenaffaire heeft niets te maken met een ongelukje, vindt hoogleraar staatsrecht en voormalig ombudsman Alex Brenninkmeijer. ‘Het systeem faalt en dat raakt onze democratische rechtsstaat.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden