Beeld Trouw

ColumnIrene van Staveren

Zo kan een bedrijf de lange termijn in het oog houden

Het bijbelse begrip rentmeesterschap is een mooie leidraad voor bedrijfsvoering. Het betekent dat het bedrijf er is voor de lange termijn en daarmee zoveel mogelijk ingesteld is op die lange termijn, qua investeringen, omgang met werknemers en natuurlijk het product of de dienst. Rentmeesterschap betekent ook dat het bedrijf positief bijdraagt aan de maatschappij, de wereld, de aarde. Idealistisch? Nou, vooral ook praktisch, want zulke bedrijven bestaan al. En in verschillende soorten en maten.

Gek genoeg laat de biermarkt daar twee heel verschillende voorbeelden van zien. De traditionele kloosterbieren zijn een mooi voorbeeld van oerdegelijk rentmeesterschap. De brouwerijen zijn al eeuwenoud, maken hun bier doorgaans op ambachtelijke wijze met ­minimale milieubelasting en doen niet aan bonussen, onderbetaalde migranten of dreigementen om wegens belastingtarieven naar het buitenland te verhuizen.

Aan de andere kant van het bierspectrum vinden we een miljardenbedrijf als Carlsberg. De Deense brouwer heeft al sinds de oprichting bepaald dat 51 procent van het stemrecht in een onafhankelijke stichting zit die geld aan de wetenschap schenkt. Dat betekent dat ook een flink deel van de aandelen van Carlsberg door die stichting beheerd wordt. Ook de Duitse witgoedfabrikant Bosch heeft zo’n stichting. Die ontving vorig jaar ruim 200 miljoen euro dividend van het bedrijf. Dat geld werd vooral besteed aan allerlei gezondheidsprojecten, waaronder hulp aan de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) bij de bestrijding van de covid-19-pandemie in ontwikkelingslanden.

Het rentmeestermodel is wezenlijk anders

Is dit niet simpelweg ­filantropie van grote bedrijven om zo hun imago oppoetsen? Nee. Het rentmeestermodel kent geen overmacht van standaardaandeelhouders die op korte termijn rendement willen. Soms zitten zelfs alle aandelen in een stichting en kunnen alleen certificaten verhandeld worden en wel tegen de voorwaarden die het onafhankelijke bestuur stelt, zoals bij de Triodos Bank.

Rentmeesterbedrijven leggen de meerderheid van de stemmen bij de stichting of geven die een vetorecht, waarmee ze de mogelijkheid heeft om verkoop of overname van het bedrijf tegen te gaan. Dat geldt allemaal niet voor andere bedrijfsvormen, bijvoorbeeld reguliere beursgenoteerde bedrijven, private investeringsfondsen en de gemiddelde bv. Daarin kan geld opeens een sturende kracht worden ten koste van rentmeesterschap.

Dat gebeurt trouwens niet alleen bij multinationals als Unilever en Shell, maar ook bij succesvolle start-ups. Dat zagen we vorige week met de overname van het hippe Nederlandse online platform voor tweedehands­kleding United Wardrobe door het veel grotere Litouwse bedrijf Vinted. De jonge oprichters stonden te juichen, omdat ze één in klap miljonair geworden waren. Zo’n verkoop was de droom van de start-up, zei één van hen tegen de pers.

Tja. Hier heb ik even geen antwoord op. Want op grote schaal via een handige app tweehandskleding van hand laten verwisselen is wel een duurzame business. Terwijl ik dit schrijf, draag ik een rokje dat ik vorige week via die app op de kop heb getikt. Hadden ze hun aandelen maar in een stichting gedaan die de duurzaamheidsdoelen van United Wardrobe verder had ontwikkeld. Vinted is hard op weg om de nieuwe Airbnb te worden. Straks hebben we er weer een monopolie bij, op tweedehands kleding, in de platformeconomie.

Irene van Staveren is hoogleraar ontwikkelingseconomie aan de Erasmus Universiteit. Voor Trouw schrijft ze om de week een column over economie. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden