Beeld Trouw

Column

Wonderlijk hoe haviken zich na het afscheid van de macht ontpoppen tot duiven

Vanaf een restaurant op de zuidoever van de Maas keken we naar de stad. De lichten van de appartementen aan de overkant weerkaatsten in het water, en dat was prachtig. Een van ons wees en zei: “Daar woonde Ruud Lubbers.” 

We waren even stil. Die middag was hij gestorven, de man die het land had geleid waarin wij opgroeiden, het land dat ons ‘no future’ leek te bieden, terwijl de wereld sowieso al afstevende op de ondergang: alles wat restte was ‘dansen op de vulkaan’. Ja, we luisterden naar de Sex Pistols en De Dijk.

“Vreemde gedachte dat hij er niet meer is”, zei iemand. “Blijkbaar hield ik er nooit rekening mee dat hij eens zou komen te overlijden.” Misschien was het omdat hij er in die jaren altijd was, de langstzittende premier, en omdat het de jaren waren die ons vormden - ergens gaan ze nooit voorbij. Het was een periode, bedacht ik, die stijf stond van de polarisatie. Net als nu eigenlijk, al ging het om andere kwesties en was links luidruchtiger dan rechts. Maar als Lubbers nu wordt bijgezet als de belichaming van het compromis, wat hij zeker was, dan is het goed om te bedenken dat hij daarmee niet per se de geest van de tijd weerspiegelde. Er waren geen sociale media, maar mensen verschansten zich evengoed in ‘bubbles’; wie naar de VPRO keek, negeerde de Tros, wie De Telegraaf las, liet Vrij Nederland links liggen. En vanuit het eigen bastion was het lekker schieten. ‘Ruding is de Eichmann van onze tijd’, schreef columnist Piet Grijs over de minister van financiën.

Ik werkte nog geen maand als journalist toen ik in oktober 1985 in de Houtrusthallen in Den Haag een staaltje democratische omgangsvormen mocht verslaan. Duizenden vredelievende zielen hadden zich daar verzameld om de 3,7 miljoen handtekeningen van het volkspetitionnement tegen de kruisraketten aan Lubbers te overhandigen, maar toen de premier op het podium verscheen, keerde men hem massaal de rug toe. Ik had ook getekend, sterker nog: ik had kort daarvoor dienst geweigerd vanwege de kernwapens, maar ik schaamde me naar voor mijn geestverwanten.

Lubbers zelf zei later dat hij meteen dacht: ‘Wat een blunder van ze, dit gaat me goed uitkomen’. Hij schaakte, zoals vaker, op verschillende borden tegelijkertijd en had signalen ontvangen uit Washington en Moskou die erop leken te wijzen dat de stationering van 48 kernraketten in Woensdrecht mogelijk nooit nodig zou zijn. Zo liep het uiteindelijk ook inderdaad af, en in 2009 publiceerde Lubbers mede namens de oud-ministers Van der Stoel, Van Mierlo en Korthals Altes zelfs een oproep tot een ‘kernwapenvrije wereld’ - zij sloten daarmee aan bij een initiatief van Amerikaanse oudgedienden, onder wie ijzervreter Henry Kissinger.

Wonderlijk hoe haviken van allerlei snit zich na het afscheid van de macht ontpoppen tot duiven; zie ook Dries van Agt en Hans van den Broek. Je zou er, in de geest van de jaren tachtig, met cynisme op kunnen reageren. Maar ik keer dat sentiment liever de rug toe.

Lees ookRuud Lubbers (1939-2018): de man van het onmogelijke compromis

En lees hier alle columns van Stevo Akkerman

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden