Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Wie wil, moet altijd kunnen studeren, dat is een basisvoorwaarde voor een goed stelsel

Opinie

Trouw

Jongeren- en studentenorganisaties voeren in 2016 actie bij de Tweede Kamer tegen de kansengelijkheid die is ontstaan door het leenstelsel. © ANP
Commentaar

Een bezuiniging? Nee, dat mocht de invoering van het leenstelsel voor studenten in 2015 niet heten, zo hield het toenmalige kabinet in alle Kamerdebatten bij hoog en bij laag vol.

Een bezuiniging suggereert dat iets minder wordt. Het schrappen van de basisbeurs zou juist veel geld opleveren, één miljard euro, in te zetten voor kwaliteitsverbetering.

Lees verder na de advertentie

Maar drie jaar later puilen de collegezalen van universiteiten nog steeds uit. In sommige gevallen zijn ze zelfs nog voller. Onderwijsinstellingen zijn, anders dan destijds werd verondersteld, onvoldoende bereid om de kwaliteitsverbetering vóór te financieren, constateerde de Algemene Rekenkamer al begin dit jaar. Die voorfinanciering is nodig omdat het geld dat het schrappen van de basisbeurs oplevert niet in één klap beschikbaar is. Daarvan is uiteindelijk pas in 2025 sprake.

Het is logisch dat studenten zich ondertussen afvragen waar die beloofde extra docenten blijven. Of waarom de begeleiding van studenten nog steeds niet is verbeterd. Uiteindelijk hebben zij nooit gevraagd om het leenstelsel. Zij wilden de basisbeurs helemaal niet kwijt.

In de praktijk blijkt de toe­gan­ke­lijk­heid van het hoger- en universitair onderwijs voor specifieke groepen juist zijn te zijn afgenomen

Dat laatste was nodig, aldus Jet Bussemaker, de toenmalig minister van onderwijs, omdat de basisbeurs vooral ging naar kinderen van ouders ‘die al een buitengewoon gevulde portemonnee hebben’. Bussemaker, destijds in deze krant: “Wat je moet doen, en dat doen we met de middelen die vrijkomen met het leenstelsel, is alle studenten die dat willen en kunnen, in de gelegenheid stellen om te studeren.”

Leenangst

Zo’n streven is natuurlijk heel mooi. Maar in de praktijk blijkt de toegankelijkheid van het hoger- en universitair onderwijs voor specifieke groepen juist zijn te zijn afgenomen. Niet voor het kind van ouders met een buitengewoon goedgevulde beurs. Wel voor de kinderen die het van huis uit minder breed hebben of waar studeren minder vanzelfsprekend is. Kinderen van bijstandsouders bijvoorbeeld, haken steeds vaker af, stelde het CBS al eerder vast. Ook blijkt uit onderzoek dat mbo’ers nu minder vaak doorstuderen, hoewel speciaal voor hen de gratis ov-jaarkaart werd ingevoerd – een lokkertje dat ook wordt bekostigd uit de te besparen 1 miljard euro.

Waar ze vroeger nog een deel van de studie vergoed kregen, moeten ze nu alles lenen

Het leenstelsel heeft, zo luidt de vaak geopperde verklaring, bij deze jongeren leenangst in de hand gewerkt. Waar ze vroeger nog een deel van de studie vergoed kregen, moeten ze nu alles lenen. De vraag is hoe reëel die angst is gezien de uiterst soepele voorwaarden die gelden voor studieleningen. Maar maak dat de afhakers maar eens duidelijk. Feit is dat hiervoor een oplossing gevonden moet worden. Wie wil, moet altijd kunnen studeren – dat is toch een basisvoorwaarde voor een goed stelsel van studiefinanciering. 

De mening van de krant, verwoord door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren. Eerdere afleveringen vindt u hier. 

Deel dit artikel

In de praktijk blijkt de toe­gan­ke­lijk­heid van het hoger- en universitair onderwijs voor specifieke groepen juist zijn te zijn afgenomen

Waar ze vroeger nog een deel van de studie vergoed kregen, moeten ze nu alles lenen