opinie

Wie heeft de regie over het sterven?

Begraafplaats Oud Eik en Duinen in Den Haag. Beeld ANP XTRA

Stervenden worden achter de coulissen van het dagelijks leven gestopt, aldus socioloog en theoloog Kees de Groot van Tilburg University.

Geef mensen de ruimte voor de regie over hun ­eigen sterven, bepleit Peter van der Voort, hoogleraar aan Tias School for Business & Society (Opinie, 7 maart). Zijn pleidooi is een fraai staaltje denken vanuit ‘het autonome individu’. Naarmate mensen afhankelijker van elkaar worden en verwikkeld raken in allerlei politieke, economische, medische en dus sociale verbanden, gaan mensen zichzelf voorstellen als een afgesloten individu, een homo clausus.

Keurig afgevoerd

In 1980 beschreef Norbert Elias hoe dit mensbeeld de eenzaamheid van stervenden in onze tijd in de hand werkt. De feitelijk aanwezige sociale verbanden worden doorgesneden. De stervenden worden achter de coulissen van het dagelijks leven gestopt. Mensen sterven in ziekenhuizen en verpleeghuizen; de lijken worden keurig afgevoerd naar graf of verbrandingsoven.

Nu kun je zeggen dat het thuis sterven, of in een hospice, sindsdien een opmars heeft gemaakt en er grote aandacht voor stervenszorg is gekomen, veelal eufemistisch palliatieve zorg genaamd. Maar speelt het sterven zich dan nu vóór de coulissen af? Blijven wij, als onze vermogens het ernstig begeven, deel uitmaken van het dagelijks leven?

Die indruk heb ik niet. Nog steeds worden mensen in het ziekenhuis opgenomen die thuis hadden willen sterven. Maar fundamenteler: eigenlijk is voor het stervensproces nauwelijks ruimte in het vertoog dat sinds 1980 alleen maar krachtiger is geworden. De omstanders houden zich de ellende van het lijf.

Individueel

Sterven zelf is heel eenvoudig, voor zover het iets is. Je ademt voor de laatste keer. Sterven is geen handeling. De dood overkomt je, althans je eigen dood, net als je geboorte. Wat er aan vooraf gaat, kan verre van eenvoudig zijn: pijnlijk, slopend, ontluisterend, beladen met gevoelens van schuld, teleurstelling, kwaadheid, intense liefde of tedere weemoed. Bij de stervenden of bij degenen die, verwijzend naar de metafoor van de reis, achterblijvers worden genoemd. We kennen alleen de dood van anderen – en zijn de dood als het einde gaan zien. Toch klinkt in dit soort metaforen een hiernamaalsvoorstelling door. Maar zo spreken we in het publieke debat niet over de dood. In de voorstelling van mensen als ‘autonome wezens’ is het leven dat in sociologisch perspectief altijd een samenleven is, een individueel project geworden dat op een gegeven moment ook ‘voltooid’ kan zijn.

Het buzzword is ‘regie’. Maar welke acteurs kan ik regisseren als het over mijn eigen leven gaat? Mijn leven is het resultaat van de in elkaar grijpende handelingen van een enorme hoeveelheid ‘spelers’, inclusief ikzelf. Van het schouwtoneel dat het leven is, is niemand de regisseur.

‘Mensen ruimte geven voor regie over het sterven’ is sociologisch gezien een hoogst ongelukkige formulering. Niet alleen wordt even gedaan alsof er een individu is, dat losgeweekt kan worden uit de verhoudingen met anderen; er vindt ook een verdubbeling van het ‘ik’ plaats: één die de regie heeft en één die sterft – alsof sterven een handeling is.

Wat verzwegen wordt is de sociale dimensie; de moeilijkheid van het geheel zit ’m in de anderen. Van hen zijn mensen die leven, ook als zij willen sterven, afhankelijk, want aan hen wordt gevraagd te helpen. Doden, dát is een ­handeling. En dat wordt niet benoemd, terwijl dat toch de pointe is: Van der Voort bepleit dat artsen bereid zijn ook gezonden te doden, wanneer zij hierop aandringen. Achter de gordijnen van verhullend taalgebruik.

Lees ook:

Geef mensen ook ruimte en regie voor het sterven zonder ziekte

Het euthanasiedebat richt zich nu op regie nemen over sterven bij voltooid leven. Artsen moeten waarschijnlijk accepteren dat ze ook een rol hebben in de begeleiding naar dit levenseinde, meent Peter van der Voort, hoogleraar Health Care aan Tias School for Business & Society.

Dilemma’s in de zorg: Moet ik straks mijn eigen dood regelen?

De zorg stelt lastige morele dilemma’s. Moet ik voor vader zorgen? Wie krijgt die dure medicijnen? Houdt de roker recht op zorg? Slot in de serie ‘Voor wie moet ik zorgen?’ Verruiming van euthanasie heeft een keerzijde, stelt ethicus Theo Boer. ‘Hoe wanhopig zal ik straks zijn, in een samenleving die mij de mogelijkheid tot voltooid leven biedt?’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden