null

OpinieNatuur en landbouw

We kunnen veel leren van het falen van agrarisch natuurbeheer

Beeld Trouw

Verlies van biodiversiteit vertelt ons iets over falend landbouwbeleid. Als het slecht gaat met de veldleeuwerik, stuit ook de mens op ecologische grenzen, stelt akkervogel-onderzoeker Ben Koks. Geef ecologen daarom meer ruimte om mee te praten.

Sicco Mansholt, boer en Europa’s eerste landbouwcommissaris, was een groot liefhebber van de lyrische veldleeuwerik. De veldleeuwerik is op Europese schaal de meest uitgesproken boerenlandvogel. Bovenal een soort die ons een spiegel voor houdt. Daar waar boeren in redelijke balans met hun leefomgeving boeren kun je ze horen. Ze zijn daarmee de moderne versie van de kanaries in de kolenmijn.

In Nederland hadden we ooit soortenbeleid. Dit relatief goedkope en succesvolle beleid is onder het kabinet Rutte I (2010-2012) dankzij staatssecretaris Henk Bleker wegbezuinigd. Toch heeft juist dit oude beleid voor soorten als korenwolf en grauwe kiekendief relatief gunstig uitgepakt.

Dat kwam omdat mensen elkaar bij de uitvoering ervan vonden: eigenwijze onderzoekers, een handvol nieuwsgierige beleidsmakers en vooral ook boeren die er trots op waren om op hun akkers weer insecten, vogels en de kakofonie van jubelende leeuweriken terug te zien komen.

Ook andere soorten profiteerden

Het doordachte en vasthoudend uitgevoerde soortenbeleid was niet alleen urgent voor die ene zeldzame soort. Korenwolf en grauwe kiekendieven zorgden ook voor maatregelen waarvan een breed spectrum aan soorten profiteerden. Het lege glas druppelde langzaam weer halfvol, kale akkers leefden weer op.

In discussies over noodzakelijke hervormingen van ons landbouwbeleid hebben we het vaak over biodiversiteit. Vooral over het verlies daarvan. Veldleeuwerik en grauwe kiekendief zijn twee soorten waar ik de ecologie een beetje van snap. Beiden zijn ze boerenlandvogel en dankzij opgebouwde kennis is ook helder wat we moeten doen om ze in agrarische landschappen te behouden. Beiden zijn ze ook symbool geworden van falend beleid met agrarisch natuurbeheer.

Het wankelmoedige beleid dat destijds door Henk Bleker werd opgetuigd had verstrekkende gevolgen. Omdat een controlerende overheid (Dienst Landelijk Gebied) zonder goede reden er tussenuit werd gesneden, werden gelden voor natuurbehoud plotseling boerengeld. Intussen zitten we weer in de zoveelste cyclus waarin het natuurrendement van geïnvesteerde gelden mager afsteekt tegen de ecologische doelen die gehaald moeten worden.

Behoudens een handvol uitzonderingen zullen de vele tientallen miljoenen euro’s die het de belastingbetaler nu jaarlijks kost niet leiden tot herstel van populaties van grauwe kiekendief en veldleeuwerik.

Agrarisch natuurbeheer werkt vooral niet goed door organisatorische onkunde en een kwalitatief matige uitvoering. De rol van de Dienst Landelijk Gebied was destijds helder. Op basis van heldere regels werd beleid uitgevoerd. Het succesverhaal van de grauwe kiekendief destijds, was ook deels te danken aan een sterke regie vanuit de overheid.

Veel te leren van falen

Toch zou het jammer zijn alleen in somberheid te blijven hangen. We kunnen namelijk veel leren van het falen van agrarisch natuurbeheer. Ecologische grenzen van soorten vertellen ons veel leren over de ecologische grenzen van onze landbouwsystemen. Het zou de mens sieren zich te realiseren dat onze eigen ecologische grenzen nauw zijn vervlochten met de grenzen van tal van soorten wereldwijd.

Daarom is investeren in soortgericht, onafhankelijk onderzoek van fundamentele betekenis. Bij de vorming van het komende kabinet zal een ministerie opgetuigd moeten worden waarbij ecologie een grotere stem zal krijgen dan landbouw, industrie en andere economische activiteiten. De coronapandemie leert de mens hopelijk een portie bescheidenheid.

Hemelbestormers en boeren

Ik roep dan ook een nieuwe generatie frisse en hemelbestormende ecologen op om samen met boeren, kunstenaars, landbouwhistorici en filosofen te starten in kansrijke regio’s in de Lage Landen het onderste uit de kan te halen. Volgende generaties zullen niet alleen het genoegen van zoemende insecten, het zomers geluid van kwartels en de lyrische zang van de veldleeuwerik kunnen beleven, maar dit ook zien als vanzelfsprekend voor toekomstige en vooral ook gezonde landbouwproductie. Een productie die niet meer afhankelijk is van de macht van de huidige agro-industrie en haar politieke vertegenwoordigers.

De nieuwe landbouw heeft geen nieuwe Sicco Mansholts nodig, maar energieke denkers die zich realiseren dat de ecologische grenzen van veldleeuweriken onze toekomst bepalen, en andersom. Deze kanarie in de kolenmijn kan ons de weg naar slimmere landbouwsystemen wijzen.

Lees ook:

Boeren en bankiers doen oproep aan nieuwe kabinet: stimuleer duurzame landbouw

Het nieuwe kabinet moet een minister van ruimte, landbouw en natuur aanstellen, vinden boeren, bankiers, wetenschappers en natuurorganisaties.

Economische groei maakt weinigen gelukkig en veel kapot

Overbevolking aanwijzen als oorzaak is niet de oplossing voor het verlies aan biodiversiteit, betogen de Wageningse hoogleraren Esther Turnhout en Bram Büscher. De schuld ligt bij de huidige groei-economie, waarin het Westen het grootste aandeel heeft. We moeten het dus zelf oplossen, niet wijzen naar anderen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden