ColumnNaema Tahir

We gaan laks om met cijfers die wijzen op een groot risico voor de gezondheid

Op basis van cijfers oriënteren we ons, ­richten we onze levens in en ons doen en ­laten. De huidige coronatijd is een goed voorbeeld daarvan. We verlengen de ­lockdown telkens voor een periode van drie ­weken – een cijfer waarop we ons oriënteren. We ­hebben een anderhalvemetersamenleving die onze ­omgang met elkaar bepaalt. Anderhalf: ook weer een cijfer.

En we doen dat alles op basis van weer andere ­cijfers: hoeveel coronadoden er dagelijks vallen, hoeveel ­besmettingen er zijn en hoeveel mensen genezen, hoe hoog de bezetting van de ic’s is, hoeveel bedden Duitsland over heeft, die eventueel door Nederlandse patiënten kunnen worden bezet als de piek weer stijgt. Die piek: ook al een cijfer. Hoeveel maskers zijn er, hoeveel testen, hoelang duurt het tot er een vaccin is?

Cijfers, cijfers, cijfers. Wij richten ons leven op een kwantitatieve manier in. De cijfers domineren. We ­geloven de cijfers. We handelen er naar. We leven onder de heerschappij van de kwantiteit, maar kwantiteit is uiteindelijk niet waar het om gaat. Kwaliteit, dat is wat telt. In laatste instantie is niet belangrijk hoelang we ­leven, maar hoe we leven. Een kort, maar rijk leven is verre te prefereren boven een lang, armzalig leven.

Er zijn ook cijfers waar we, ondanks de heerschappij van de kwantiteit, tamelijk laks mee omgaan, maar waaruit een veel groter gevaar voor de mensheid naar voren komt dan corona. We weten ook wat dat gevaar is en we negeren het massaal. Het is het gevaar van te veel eten. Iets wat voor de meeste mensen bijna onvermijdelijk is geworden, dankzij de toegevoegde suikers in ons eten, die extreem verslavend zijn.

Laat ik een paar cijfers noemen. De Wereldgezondheidsorganisatie kwam in 2015 met richtlijnen voor ­suikerconsumptie en raadde aan om kinderen niet meer dan 50 gram toegevoegde suikers per dag te laten ­consumeren en liever nog niet meer dan 25 gram, ­omdat het anders grote gezondheidsrisico’s zou opleveren. 25 gram, dat is ongeveer zes theelepels suiker per dag. ­Intussen zijn cijfers bekend dat kinderen tussen de 25 en zelfs 50 kilo suiker per jaar consumeren. Gemiddeld is dat tussen de 68 en 136 gram suiker per dag!

Een dag met een verjaarspartijtje

Klinkt dat als onwaarschijnlijk veel? Hier is een ­rekensommetje van een dag met een verjaarspartijtje uit het leven van een gemiddeld kind: een boterham met hagelslag levert al minstens 12 gram suiker op, een krentenbol: 12 gram suiker, glaasje limonade: rond 12 gram suiker, verjaardagstaart: 17 gram suiker, vijf dropjes of snoepjes: 10 gram suiker, waterijsje: 7 gram suiker, zakje chips: 1 gram suiker, patat met ketchup: ongeveer 2 gram.

Zo kom ik op het totaal van 73 gram toegevoegde ­suikers. En dan is er nog bescheiden gesnoept. Natuurlijk is het niet elke dag feest, maar met alleen een portie hagelslag in de ochtend en een krentenbol later op de dag zit je al aan je maximum. Vrijwel alle kinderen komen daar elke dag overheen!

Waarom negeren we deze schokkende cijfers? Is het omdat we denken: een kort en ziek, maar gulzig leven is verre te prefereren boven een lang en gezond leven op dieet? Da’s ook een visie op levenskwaliteit...

Naema Tahir is jurist en schrijver. Voor Trouw schrijft ze om de week een column. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden