Opinie

We eren de doden omdat hun recht is geschonden

De kranslegging op de algemene begraafplaats van Vorden tijdens de Nationale Dodenherdenking.Beeld anp

In de aanloop naar de Nationale Dodenherdenking op 4 mei is discussie ontstaan over wie we herdenken. Sommige mensen lijken het begrip 'slachtoffer' te willen verbreden, anderen hebben daar grote moeite mee. Waar ligt de grens?

Eén belangrijke reden van herdenken is natuurlijk dat we willen voorkomen dat er weer onnodig doden zullen vallen. Maar wat doen we eigenlijk voor de doden zelf als we hen herdenken? Er is volgens mij maar één plausibel antwoord: als we doden herdenken, dan bewijzen we hun eer.

Waarom willen wij de doden eer bewijzen? Volgens mij zijn er twee belangrijke redenen. Allereerst kunnen we de dode dankbaar zijn voor wat hij of zij gedaan heeft. Door te herdenken kunnen we een dode eren om het stichten van een stad, het verdedigen van het land, of het brengen van vrede en gerechtigheid. Een tweede belangrijke reden om een dode eer te willen bewijzen is, omdat in zijn sterven zijn recht is geschonden. We herdenken Joden en verzetsstrijders, omdat zij vermoord zijn en hun daarmee groot onrecht is aangedaan.

Als we ons realiseren dat dit de functie van herdenken is, dan wordt duidelijk waarom er zoveel huiver is om op 4 mei Duitse soldaten te herdenken. Hun is immers geen onrecht gedaan. In tegendeel, ze zijn in ons geval een vrij land binnengevallen en hebben daar anderen onrecht aangedaan. Door hen op te sluiten, te doden en zelfs een genocide op ongekend grote schaal mogelijk te maken. Natuurlijk waren er ook veel Duitsers die goede echtgenoten, vaders en vrienden waren. Maar in hun dood werd hun geen onrecht aangedaan.

Als we Duitse soldaten herdenken en eer bewijzen, schenden we de eer van hen die wel onrecht aangedaan is, mede door deze Duitse soldaten zelf. We doen dan onrecht aan Joodse slachtoffers, verzetsstrijders, maar bijvoorbeeld ook aan Duitsers die zo moedig waren dienst in de Wehrmacht te weigeren en die de gevolgen daarvan ondervonden hebben. We moeten dan ook niet zeggen dat het nog 'te vroeg' is om Duitse soldaten te herdenken. Het is niet te vroeg, het is ongepast.

We moeten hierbij niet over het hoofd zien dat vaders, moeders, broers en zussen van Duitse soldaten hetzelfde verdriet hebben gehad om hun gestorven geliefden. Dat leed moeten we niet vergeten. Het lijkt me dan ook zeker goed de graven van Duitse soldaten te bezoeken en de tragedie van hun leven en sterven te herinneren. Laten we vooral aan hen denken en over hen praten. Maar niet op 4 mei. Dat is niet de dag om gezamenlijk langs hun graven te lopen of kransen voor hen te leggen.

Er blijven nog 364 dagen per jaar over om aan Duitse soldaten te denken en van hun tragische dood te leren. Meer dan genoeg om simplistisch goed/fout-denken te corrigeren, maar zonder daarbij elk onderscheid tussen daders en slachtoffers weg te poetsen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden