Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Waarom zou je een biografie van een schrijver schrijven?

Opinie

Gerbrand Bakker

Portret van Gerbrand Bakker © Olivia Ettema
Schrijverscolumn

De laatste Voskuil die ik las, was ‘Requiem voor een vriend’. Ik heb nu, op ‘Het Bureau’ na, alles weer eens gelezen. En hoewel ik donders goed weet dat je dat wat er in een boek staat niet één op één mag verbinden aan de schrijver van het boek, ben ik nu toch wel écht van het idee af een biografie over Voskuil te willen schrijven. 

Dat kwam vooral omdat ik in ‘Requiem voor een vriend’ ‘Tante Gert’ tegenkwam. Tante Gert komt ook voor in de wandeldagboeken, ze woont ergens in Engeland, is heel oud en de ik en L. bezoeken haar telkens wanneer ze in Engeland op vakantie gaan. Onduidelijk was van wie Tante Gert een tante was en ze is in de wandeldagboeken een vage figuur, van wie je niet eens weet of ze Engels of Nederlands spreekt. De tv staat altijd heel erg hard bij haar, want ze is stokdoof. 

Lees verder na de advertentie
Als je alles wat hij geschreven heeft chronologisch zou rangschikken, heb je al snel een heel leven te pakken

Het wordt duidelijk in het boek dat Voskuil over zijn vriend ‘Jan Breugelman’ schreef. Of las ik het nou in ‘De moeder van Nicolien’? Hoe dan ook: ik kreeg meer informatie over Tante Gert en daardoor kon ik met terugwerkende kracht een puzzelstuk toevoegen aan de wandeldagboeken. Als je alles wat hij geschreven heeft chronologisch zou rangschikken, heb je al snel een heel leven te pakken. Vooruit, een gefictionaliseerd leven, maar dan wel een zeer sterk autobiografisch gefictionaliseerd leven.

Kruisbestuiving

Het enige wat je als biograaf zou kunnen doen is de werkelijkheid van de fictie te scheiden. En snel Lousje Voskuil bezoeken. Misschien nog wat medewerkers van het P.J. Meertens Instituut te spreken zien te krijgen. Een afspraak maken met Detlev van Heest. Maar dan nog: waarom zou je een biografie over iemand schrijven terwijl de schrijver zelf zijn uiterste best gedaan heeft zijn leven weer te geven zoals hij het in zijn boeken weergegeven heeft? Is dat niet genoeg? Moet je dat niet respecteren?

Is het niet veel leuker voor lezers om door het lezen van verschillend werk verschillende pionnen in een schaakspel beter te leren kennen

Ik las de biografie van Van Oorschot van Arjen Fortuin. Geweldig boek. Ook daarin komt Voskuil voor, en Voskuil schreef in ‘Onder andere’ zelf een verhaal over Geert van Oorschot. Als je Frida Vogels leest, zal je Voskuil ook tegenkomen. Ik schrijf ‘zal’, omdat ik er nooit in geslaagd ben tot het werk van Vogels door te dringen, wat een nette manier is om te zeggen dat ik haar niet gelezen heb omdat ik het onleesbaar vind. Kruisbestuiving van alle kanten. Is het niet veel leuker voor lezers om door het lezen van verschillend werk verschillende pionnen in een schaakspel beter te leren kennen? Want Frida Vogels, op haar beurt, zit ook in het werk van Voskuil, onder de naam Henriette Fagel. Een geïnteresseerde lezer kan zélf een biografie van Voskuil samenstellen door werk te lezen waarin hij voorkomt.

Momenteel lees ik ‘Earthly Powers’ van Anthony Burgess. Dat boek las ik meer dan twintig jaar geleden voor het eerst. Een nep-autobiografie, want de schrijver Kenneth Toomey die Burgess beschrijft heeft nooit bestaan. Maar wat hij doet is Toomey allerlei herinneringen laten ophalen aan échte, al dan niet dode, schrijvers. Een personage dat omgaat met werkelijk bestaande personen. Dat is verwarrend voor een lezer, al snel krijg je het gevoel dat Toomey ook een werkelijk bestaand persoon is. Ik houd erg van biografieën, ik houd ook erg van nep-(auto)biografieën. Atte Jongstra heeft het gedaan met ‘De avonturen van Henry II Fix’.

Die Fix heeft nooit bestaan, maar de in de geschriften optredende Rhijnvis Feith bestond wel degelijk, waardoor je onwillekeurig denkt met een werkelijke autobiografie van doen te hebben. Het voordeel voor een schrijver: je kunt alles uit je dikke duim zuigen en research is overbodig.

Gerbrand Bakker schrijft met Franca Treur om beurten een wisselcolumn over lezen, schrijven en het literaire leven.

Lees ook:

Hoe is het toch in Gerbrand Bakkers tuin in de Eifel?

Dit voorjaar stopte schrijver Gerbrand Bakker met zijn wekelijkse column over zijn tuin en buren in de Duitse Eifel. Hij verhuisde naar Letter & Geest maar beloofde ons op de hoogte te houden. Hoe zou het, na die droge hete zomer, zijn met de aanplant, de muur, met dakdekker Rudi en buurman Klaus?

Franca treur: Zeuren hoort bij opiniëren, niet per se bij vrouwen

Het komt niet vaak voor dat je feedback krijgt over hoe je op anderen overkomt, dus ik ging er even voor rechtop zitten. Positieve achterdocht was goed, want dan onderzoek je de dingen achter de dingen, daar kwam het op neer. Nou goed. Een compliment is een compliment.

Gerbrand Bakker: Leve de Jan Wolkersprijs

Een boek van mij, ‘Rotgrond bestaat niet’, was genomineerd voor de Jan Wolkersprijs. In de aanloop naar de prijsuitreiking werden alle boeken in het radioprogramma ‘Vroege Vogels’ behandeld. Nu ben ik zelf niet zo’n enorme vroege vogel, dus ik miste het item over ‘Rotgrond bestaat niet’. Om eerlijk te zijn: ik ken het programma niet. Ik luister eigenlijk nooit naar de radio. 

Deel dit artikel

Als je alles wat hij geschreven heeft chronologisch zou rangschikken, heb je al snel een heel leven te pakken

Is het niet veel leuker voor lezers om door het lezen van verschillend werk verschillende pionnen in een schaakspel beter te leren kennen