Beeld Jörgen Caris

Column Erik Jan Harmens

Waarom ik áltijd op tijd ben

Pas had ik om half zes een afspraak. Bij aankomst keek de ander op zijn horloge en zei lachend: “Nou, jij bent op tijd”, waarbij hij heel overdreven de nadruk legde op het woordje jij. Alsof het iets bijzonders is, op tijd komen. Ik ben altijd op tijd, ook als de brug openstaat, want ik hou steevast een kwartier marge aan. Gevolg is dat als de brug niet openstaat, ik een kwartier om de hoek moet wachten, maar dan ga ik in de tussentijd op mijn telefoon wel iets liken. Er valt altijd wel iets te liken.

Een enkele keer ben ik wel te laat, ­bijvoorbeeld als ik met de trein reis en er is een ‘aanrijding met een persoon’. Dan ben je zo twee uur verder, een tijdspanne die ik niet als marge kan aanhouden, want dan moet ik als er géén aanrijding met een persoon is (wat meestal het geval is en gelukkig maar) maar liefst twee uur om de hoek wachten.

Soms proberen mensen mij ervan te overtuigen dat een beetje te laat komen niet erg is, maar wat is ‘een beetje te laat’? Geldt een kwartier nog als een beetje? Ze beweren dat het prima is als je ‘ongeveer’ op tijd komt, maar als ik iemands naam ‘ongeveer’ uitspreek, bijvoorbeeld Onald in plaats van Ronald, dan wordt daar wel weer iets van gezegd (“Zei je nou Onald? Ik heet Ronald.”)

Het is de chaos die me tegenhoudt

We zijn in Nederland wel héél erg van de klok, krijg ik ook wel eens te horen in reactie op mijn stiptheid. Als je in pak-’m-beet Zuid-Italië met iemand om half zes afspreekt, dan kan dat van alles betekenen, zeggen ze, ook dat de ander pas de volgende dag komt aankakken. Daarop antwoord ik dat we hier niet in Zuid-Italië wonen, een vaststelling waar geen speld tussen te krijgen is. Voor de espressino en de burrata zou ik overigens vandaag nog naar die regio willen verhuizen, maar het is de chaos die me tegenhoudt.

Over een paar dagen is het Oud en Nieuw en tellen we tien seconden voor middernacht af naar nul, iets wat ik het hele jaar doe voor ik op het afgesproken adres op de deurbel druk. Ik weet wat u denkt, niet alles hoeft toch op de seconde op tijd, en daar heeft u gelijk in, maar dat neemt niet weg dat we er wel naar zouden kunnen streven.

Schrijver en dichter Erik Jan Harmens over de prikkels die het druk maken in zijn hoofd. Lees zijn columns hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden