Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Waarom het succes van een zeepfabrikant bemoedigend is voor Trouw

Opinie

Leonie Breebaart

Leonie Breebaart is filosoof en redacteur van Trouw. © Maartje Geels
Column

Hoe gaat Trouw de komende 75 jaar overleven? Die vraag viel op de Trouwlezersdag, vorige week zaterdag, niet helemaal te ontwijken. Een oud-collega stelde gelukkig vast dat Trouw een ‘sterk merk’ is. 

Met dat merk, dat imago, konden we ons onderscheiden van andere kranten - en van de stortvloed aan nepnieuws en uit hun verband gerukte incidentjes, die de grens tussen betrouwbare en onbetrouwbare informatie tegenwoordig zo blubberig maakt. Als de nieuws-hopper daartussen het Trouwlogo ontwaart, zo hoopten we op dat feest, zou het meteen denken aan betrouwbare, verdiepende journalistiek. Niet cynisch. Hoopvol.

Lees verder na de advertentie

Toch maakte ik me de volgende dag alweer zorgen. Over een verouderend lezerspubliek. En over de tegenwoordige trend een bedrijf (Oxfam Novib) of persoon (Woody Allen) finaal en onmiddellijk te laten vallen als blijkt dat die feilbaarder is dan we altijd dachten. Trek je handen ervan af! Zeg je donateurschap op! Wat als bij dit betrouwbare dagblad nog eens een al te fantasievolle journalist blijkt te werken, zoals het geval was met P.R., wiens volledige naam hier niet genoemd zal worden? Wat als de redactie bij een toenemende werkdruk almaar meer foutjes gaat maken? Wat als het merk Trouw besmet raakt door incidenten en de snel opgetrommelde publieke woede zich tegen ons keert?

Trouwlezers gruwen van het vermarkten van lichaam, natuur of religie

Zoekend naar geruststelling, ging ik te rade bij een blad dat me in deze onzekere tijden nog wel betrouwbaar leek, de Harvard Business Review. Harvard: een sterker merk is moeilijk denkbaar. Maar de eerste alinea’s van een artikel van Douglas Holt, gewijd aan marketing in tijden van internet, stemde me nog somberder. Klassieke strategieën van branding - de kunst je merk neer te zetten en te bewaken - werken allang niet meer, begreep ik. Terwijl voorheen ijzersterke merken als Coca-Cola en McDonald’s astronomische bedragen uitgeven aan marketing, halen ze op social media nog geen fractie van de volgers die een puisterige 15-jarige gamer weet te genereren met een schokkerig filmpje van zichzelf voor de computer. Nog een manier waarop de digitale revolutie de krant bedreigt.

Zeepfabrikant

Of niet? Want Douglas Holt wijst ook op het onverwachte succes van Dove - dat voorheen een wat ingedut imago had. Niemand hád iets met die zeep en bodymilk, totdat de fabrikant het merk wist te verbinden met een geografisch versplinterde subcultuur van vrouwen die na decennia van uitgehongerde fotomodellen hunkerde naar een alternatief: billboards en reclames waarin het rondere, oudere, minder ‘perfecte’ vrouwenlichaam fraai in beeld kwam.

Merk gered.

Trouw is geen zeepfabrikant, maar toch vond ik het voorbeeld bemoedigend. Want juist rond deze krant, zo bleek weer op de drukbezochte lezersdag, heeft zich een geografisch verspreide, maar door idealen gedreven menigte verzameld, zo’n crowd als Dove wist aan te spreken. Ondanks de onderlinge verschillen lijken Trouwlezers een zekere weerzin te voelen tegen het vermarkten van lichamen, natuur, spiritualiteit, onderwijs, kunst of journalistiek.

Met excuses voor de terminologie: er is een markt voor een krant die zulke weerzin onderzoekt en verwoordt.

Leonie Breebaart onderzoekt in haar column de actualiteit op filosofische wijze. Lees hier al haar columns terug.

Deel dit artikel

Trouwlezers gruwen van het vermarkten van lichaam, natuur of religie