Beeld Trouw

OpinieColumn

Voor velen begint de geschiedenis bij gisteren

Nieuwe ronde, nieuwe kansen. Lilian Marijnissen, geplaagd door slechte peilingen, haalt een oud idee van vader Jan uit de mottenballen en vindt een medestander in Pieter Heerma, die geplaagd wordt door dreigementen van de boeren om het CDA te boycotten. Een Nationaal Historisch Museum moet de kloof in de samenleving dichten, de gezamenlijke identiteit vieren, en SP en CDA positief in het nieuws brengen als hoeders van ons erfgoed.

De vorige poging een Haus der Geschichte te bouwen eindigde in 2011 roemloos à raison van 15 miljoen euro in een polderkakofonie. Stilletjes bouwde het Openluchtmuseum in Arnhem vervolgens aan een fraaie tentoonstelling gebaseerd op de Canon van ­Nederland. Tal van andere, kleinere ­musea, bezongen en bekritiseerden de Nederlandse identiteit in hun exposities. Het Rijksmuseum mengde zijn kunst- en historische collectie tot een inspirerend en drukbezocht geheel. Alles bij elkaar is het Nationaal Historisch Museum gespreid over het hele land tot stand gekomen. Wat voegt een apart museum toe, behalve een nieuwe ruzie over plaats en inhoud?

De geschiedenis van het grondgebied dat we bewonen, de samenleving die we met elkaar vormen en de verhouding tot de rest van de wereld is beweeglijk en gecompliceerd. Een keten van oorzaak en gevolg, van moedwil en misverstand, van toeval en planning heeft ons en onze omgeving gevormd. Dagelijks knutselen wij als bewoners van dit gebied verder aan het huis dat we bewonen. Er wordt verbouwd, geverfd, gesloopt, vernieuwd, uitgebreid. Het verhaal van de geschiedenis wordt elke dag verder verteld. Zonder kennis van het verleden kunnen we het verhaal geen richting geven.

In zoverre is de gedachte achter een Nationaal Historisch Museum zinvol.

Een vak op school waar wat clichéverhalen werden verteld

Maar veel zinvoller dan de bouw van een prestigieus instituut, is aandacht geven aan het geschiedenisonderwijs in de ruimste zin van het woord. Nederlanders hadden altijd een oppervlakkige houding ten opzichte van de geschiedenis. Het was een vak op school waar wat clichéverhalen werden verteld en waar afhankelijk van je religieuze ­achtergrond de katholieken dan wel de protestanten een veeg uit de pan kregen. Maar erg diep en kritisch ging de meester of de juf niet in op het verleden.

Geschiedenis als zelfstandige wetenschap was pas in de negentiende eeuw losgescheurd van de letterkunde en ontwikkelde vanaf die tijd de eigen kritische methode van bronnenstudie om de toedracht van de gebeurtenissen zonder vooringenomenheid uit de doeken te doen en verborgen oorzaken bloot te leggen. Als schoolvak bleef het lange tijd niet veel meer dan het zielloos opsommen van jaartallen.

Dat is veranderd. Geschiedenis is een boeiend en veelzijdig schoolvak geworden, gegeven door geïnspireerde ­docenten. Maar het is geen verplicht eindexamenvak voor iedere leerling. Dat is funest voor het kennisniveau van de gemiddelde Nederlander van de eigen geschiedenis. Inburgeraars weten er vaak meer van.

In een ideaal Nederland zou iedereen weten wie Multatuli was

Geschiedenis is een vak dat grote leesvaardigheid eist. Ondanks het feit dat Nederlands wel een verplicht vak is, blijft een groot deel van de leerlingen laaggeletterd. Kan dus niet goed lezen. Niet goed kunnen lezen, niet kunnen begrijpen hoe de samenleving in elkaar zit en hoe ze is geworden zoals ze is, berooft mensen van de rijkdom en de waarde van historisch besef, van inlevingsvermogen, van zelfkennis. Een Nationaal Historisch Museum bereikt vooral degenen die toch al bereikt willen worden en doet niets voor degenen die bereikt moeten worden.

In een ideaal Nederland zou bijna iedereen weten wie Eduard Douwes Dekker was. Hij werd tweehonderd jaar geleden geboren en noemde zich als schrijver Multatuli. Hij werd beroemd met ‘Max Havelaar’, een snijdende kritiek op de praktijk van het koloniale bewind. Een groot schrijver.

Maar helaas, in het huidige Nederland struikelen zelfs Neerlandici over zijn sprankelende stijl en heeft het gros van de bevolking nog nooit van de man gehoord. Voor velen begint de geschiedenis bij gisteren.Hier geredigeerde tekst uit QPS in plakken

Nelleke Noordervliet (Rotterdam, 1945) schreef meerdere romans, novelle’s en theaterstukken. In 2018 won ze de Constantijn Huygens-prijs voor haar gehele oeuvre. In haar column in Trouw bespiegelt ze tweewekelijks op de actualiteit. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden