OpinieGemeenteraadsverkiezingen

Verleid jonge professionals voor een carrière en bestaan op het platteland

null Beeld Fadi Nadrous
Beeld Fadi Nadrous

Samenwerken, doorpakken, zo pakken bewoners van het platteland veel huidige problemen aan. Daar liggen meer oplossingen voor landelijke problemen, beschrijft Ellen van Selm.

Redactie Trouw

Ellen van Selm

burgemeester van Opsterland en voorzitter van het netwerk van plattelandsgemeenten P10

Het platteland staat volop in de belangstelling. Dat is niet verrassend: waar in steden gewoekerd wordt met ruimte, beschikt het landelijk gebied over de fysieke ruimte die nodig is voor de oplossing van grote maatschappelijke opgaven. Denk aan de energietransitie, klimaatadaptatie, stikstofreductie en het oplossen van het woningtekort. Landelijke en in sommige gevallen internationale vraagstukken, waarvoor naar ons grondgebied wordt gekeken.

Terecht, maar dan graag op een manier die tegemoetkomt aan de behoeften en noden van plattelandsbewoners. Onze netwerkorganisatie P10, met 30 grote plattelandsgemeenten, legde in de zogeheten Agenda Platteland vast welke dat zijn. Bijvoorbeeld bereikbare gezondheidszorg in de dorpen en openbaar vervoer. Maar ook mogelijkheden voor coöperaties om dorpen van energie te voorzien. En een van de meest prangende van onze problemen: woningen. Plattelandsbewoners willen niet alleen nieuwbouw, maar ook de middelen om boerderijen en leegstaande gebouwen aan te passen.

Ondernemingszin

Jongeren trekken nu weg van het platteland, omdat ze geen woonruimte vinden en weinig emplooi zien. Jammer, want bijna 40 procent van alle ondernemingen in Nederland is gevestigd op het platteland. Aan ondernemingszin en groeikracht ontbreekt het niet. Maar net als in de steden breekt personeelsschaarste ons hier ook op. Richt daarom het arbeidsmarktbeleid niet alleen op stadsregio’s, maar verleid jonge professionals en hun gezinnen voor een carrière en bestaan op het platteland. Dat verstevigt het economisch en sociaal draagvlak.

Met een Haagse bril kan de neiging groot zijn om te denken dat het buitengebied een lege ruimte is. Een misverstand: er wonen en werken alleen al in de dertig P10 gemeenten 1,1 miljoen mensen. Zij zagen de afgelopen jaren veel voorzieningen verdwijnen en daarmee daalde hun vertrouwen in de overheid.

‘Den Haag’ heeft onze Agenda Platteland positief ontvangen en we voeren daarover met verschillende partners goede gesprekken. De koppeling tussen landelijke en lokale of regionale doelen kan nog veel sterker. Door te investeren in de leefbaarheid op het platteland ontstaan daadkracht én draagvlak voor het oplossen van de (inter)nationale doelstellingen met betrekking tot klimaat, energie en stikstof. Het laten samenvallen en tegelijk oplossen van deze opgaven is de ambitie van de P10. Dit vergt een omslag, omdat Den Haag gewend is vanuit de Randstad te denken.

Leefbaarheid vergroten

Gelukkig komt daar verandering in. Ook in de Randstad dringt door dat het platteland zijn eigen aanpak en dynamiek kent. Zo profiteren onze gemeenten sinds de vorige kabinetsperiode van zogeheten Regiodeals, waarin rijk en regio’s samenwerken om de leefbaarheid te vergroten. Daarnaast is er het Nationaal Programma Landelijk Gebied, waarin de uitdagingen in de landbouw en natuur in samenhang worden bekeken. Dat is een mooi kader om landelijke doelstellingen met onze lokale ambities te verenigen. Verder zijn we verheugd over de aankondiging van een uitvoeringstoets. Bij het maken van beleid wordt dan gekeken wie welke taak het beste kan uitvoeren en hoeveel geld daarvoor nodig is.

Als iets ons op het platteland goed afgaat, is het samenwerken. Samen de handen uit de mouwen steken zit in het DNA van dorpsgemeenschappen en plattelandsgemeenten. Gemeenschapszin en nabuurschap kregen door de uitbreiding van gemeentelijke taken dan ook nieuwe impulsen. Onze inwoners nemen vaker dan ooit het heft in handen om doelen te realiseren. Met enig ongeduld; de stroperigheid die de overheid vaak typeert, kennen zij niet. Daarbij is het enorm motiverend als je geld bij elkaar sprokkelt om je eigen dorpshuis te behouden, of zélf profiteert van lokaal opgewekte stroom. Zo ervaren wij als lokaal bestuur, dat de beweging ‘van onderop’ zich de afgelopen jaren heeft versterkt. Het brengt betrokkenheid en gevoel van eigenaarschap.

Dit alles is niet uit de lucht gegrepen; ik kan het staven met talloze voorbeelden. In het dorp Tijnje in Opsterland bijvoorbeeld willen inwoners voorzieningen die niet meer voldoen aan de eisen van de tijd een update geven. Basisonderwijs, zorg en welzijn, de toneelclub, sportverenigingen: alles onder één dak. Ze ontwikkelden een aansprekend plan, dat duurzaam en exploitabel is en uitgevoerd kan worden.

Nog een voorbeeld is Beringe, een kleine kern in Peel en Maas. Dorpelingen richtten een coöperatie op, met maar liefst elf werkgroepen. Er wordt gewerkt aan een buitensportcentrum en de herbestemming van een kerk en pastorie tot gezondheidscentrum. Jonge inwoners nemen het initiatief voor de bouw van starterswoningen. Verder gaf de dorpscoöperatie de aanzet tot een duurzaam energiebedrijf en de bouw van een zonnepark.

Vertrouwen

De wil om bij te dragen is er dus volop; de energie ook. Die kunnen we alleen vasthouden en uitbouwen als we zorgen dat het platteland leefbaar blijft. Alleen mooie woorden zonder concrete resultaten zijn fnuikend voor het vertrouwen in de lokale democratie. Onze gemeenteraden staan voor die concrete resultaten aan de lat. Dat lukt hen alleen geruggensteund door een landelijke overheid die doordrongen is van de noodzaak van een vitaal platteland.

Kortom: met de regio’s, de provincies en de rijksoverheid willen plattelandsgemeenten de grote opgaven waar Nederland voor staat graag oppakken. Gebiedsgericht, want wat werkt in de ene regio, past immers niet in de andere. Zo’n aanpak vergt nauwe samenwerking met voldoende oog voor lokale belangen.

Lees ook:

De overheid is helemaal niet goed in luisteren

Ingeklemd tussen ontevreden inwoners en een dwingende overheid moeten lokale bestuurders zorgen voor genoeg voorzieningen. Dat kan alleen als de gemeente de rol terugpakt, schrijft Els Boers, adviseur Lokaal bestuur.

Geef een stem aan de toekomstige Nederlander, ook in de gemeente

Overal waar beleid gemaakt wordt, moet het langetermijndenken de norm worden. Daarom is ook op gemeentelijk niveau een generatietoets wenselijk, stellen Aniek Moonen en Jens van der Duim van de Jonge Klimaatbeweging.

Den Haag blijft de architect, van Heerlen tot Wassenaar

Van Wassenaar tot Heerlen is het gemeentebeleid ongeveer gelijk, op bevel van Den Haag. Dat hoort niet, schrijft Jasper Loots.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden