null

OpinieSociale media

Vaccintwijfelaar staat bloot aan desinformatie. Tijd voor deskundige reactie op sociale media

Bernard Leenstra verzet zich als arts tegen desinformatie via sociale media. Hij pleit voor een veel actiever tegengeluid, ook van andere artsen.

Bernard Leenstra

In een poging om de vaccinatiegraad te verhogen gaan collega’s en ik de straat op om met mensen die twijfels hebben over het coronavaccin een gesprek aan te gaan. Verreweg de meeste mensen die ik heb gesproken in een winkelcentrum in Utrecht-­Overvecht hebben zich niet laten vaccineren op basis van desinformatie op sociale media.

Die onjuiste informatie is niet nieuw voor mij. Ook ik, fervent gebruiker van sociale media, had het daar al gelezen. De desinformatie bestaat uit een klassiek rijtje corona­fabels, en is in kranten als Trouw en de Volkskrant al eens van A tot Z weerlegd. En daar zit precies het probleem. De vaccintwijfelaars die ik sprak lezen niet of nauwelijks een krant, kijken niet naar journalistieke programma’s op tv en bezoeken nooit de website van het RIVM. Zij halen informatie over thema’s zoals gezondheid van sociale media; ongefilterd, ongecontroleerd en bovenal ongenuanceerd.

Artsenfederatie grijpt niet in

Dat deze desinformatie op sociale media leed en levens heeft gekost, valt niet te ontkennen. Daarom zou het bestrijden ervan een onderdeel moeten zijn van de preventieve gezondheidszorg (het voorkomen van ziekten). Een belangrijke stap is het starten van een onderzoek naar het ontstaan en de verspreiding van (schadelijke) desinformatie op verschillende platforms. In ieder geval is een kleine groep, bestaande uit een tiental Nederlandse artsen, al twee jaar bezig vrijelijk en bij herhaling desinformatie op sociale media te delen. Met vrijelijk bedoel ik dat deze artsen zich geen zorgen hoeven te maken, want de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd ziet klaarblijkelijk weinig reden tot ingrijpen. Evenzeer zal artsenfederatie KNMG deze artsen niet publiekelijk op sociale media aanspreken. “Wat je aandacht geeft groeit”, schreef de voorzitter onlangs.

Reageren op berichten

Maar klopt dit wel? Is de samenleving slechter af door op online desinformatie te reageren, in plaats van het te negeren? Sociale media is hét podium voor de verspreiders van desinformatie en op dat podium staan zij nu betrekkelijk alleen, zonder noemenswaardig tegengeluid. Door naast hen op dat podium te gaan staan en te reageren op berichten met desinformatie, of berichten met vragen over corona direct te beantwoorden, ontstaan er drie voordelen. Ten eerste zien lezers twee verhalen in plaats van een éénzijdig onjuist verhaal. Ten tweede voorkomt het dat de socialemediaplatforms zich volledig op eigen kracht en inzicht moeten wapenen tegen desinformatie.

Algoritmes bepalen momenteel of er sprake is van desinformatie, het is maar de vraag of zij in staat zijn onderscheid te maken tussen een genuanceerd kritisch (tegen)geluid en desinformatie. En er is een derde voordeel: mensen zien dat hun twijfels worden gehoord en serieus worden genomen. Dat voorkomt een gevoel van polarisatie.

Online variant van de Twijfeltelefoon

De vraag is wie er op sociale media een tegengeluid moet bieden. Een online variant van de Twijfeltelefoon zou een eerste goede proef kunnen zijn. Het beheer van zo’n soort klantenservice voor vaccin­twijfelaars is, net als de Twijfeltelefoon, in handen van verschillende ziekenhuizen, ondersteund door het RIVM en verschillende artsenfederaties. Grote bedrijven hebben al zo’n online variant van hun klantenservice, zogeheten webcareteams die reageren op berichten of vragen op sociale media.

Desinformatie is van alle tijden en geheel uitbannen zal niet lukken. Eveneens is het een illusie dat het bieden van een tegengeluid op sociale media complotdenkers zal overtuigen, maar zij zijn ook niet de doelgroep. Het gaat juist om het bereiken van mensen die aan het twijfelen worden gebracht door valse voorlichting afkomstig van, bijvoorbeeld, complotdenkers of het groepje artsen waaraan ik eerder refereerde. Bovendien is het direct reageren op desinformatie een manier om de samenleving te beschermen voor de schadelijke gevolgen ervan en tegelijk de vrijheid van meningsuiting te respecteren.

Lees ook:

In debatten over corona wemelt het van vergelijkingen met de Holocaust. Waarom?

De Holocaust is hét morele ijkpunt. Waarom ontsporen vergelijkingen daarmee dan zo vaak?

Arts en kerk krijgen Rotterdam-Zuid wél aan de prik. ‘Waarom geloof je deze Amerikaan op internet?’

Trouw was in de voormalige Rotterdamse deelgemeenten Charlois en Feijenoord, waar hard wordt gewerkt om de relatief lage vaccinatiegraad te verhogen. Wat kan de overheid leren van de aanpak daar?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden