Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Tribunalen zijn geen instrument voor verzoening

Opinie

Stevo Akkerman

© Trouw
Column

Er is wanhoop in het spel als een mens zich van het leven berooft, dat voelt iedereen. Maar er kan ook een element van agressie in schuilen. 

Zo vertelde iemand die in de geestelijke gezondheidszorg werkt me afgelopen weekeinde over het geval van een persoon die voor de ogen van haar ouders van een flat sprong - daar vielen wraak en wanhoop samen.

Lees verder na de advertentie

Ik moest daaraan denken bij de openbare zelfmoord van Slobodan Praljak voor het Joegoslavië-tribunaal, zijn afscheidssalvo, ongetwijfeld bedoeld om de rechtbank in diskrediet te brengen. In zijn vaderland werd het in elk geval direct zo begrepen. De leider van de Bosnische Kroaten loofde Praljak voor het ‘offer’ dat hij had gebracht om aan te tonen dat hij geen oorlogsmisdadiger was, en in Kroatië zelf zag de premier deze gifdood als bewijs van de ‘diepe morele onrechtvaardigheid’ van het tribunaal.

Tribunalen brengen daders zelden tot inkeer. Erger: voor verzoening zorgen ze ook niet.

Dat was het uiteraard niet, het was eerder een bewijs van de lange schaduw van de etnische waanzin, die ruim twintig jaar na dato nog altijd een eerlijke relatie met de eigen geschiedenis in de weg staat. Dat dat geldt voor de mannen met bloed aan hun handen, de moordenaars en hun commandanten, is niet verwonderlijk: wie wil de boeken ingaan als misdadiger? Op de dag dat Praljak en vijf medeverdachten in Den Haag werden veroordeeld, werd in Buenos Aires uitspraak gedaan in het proces tegen 54 verdachten uit de smerige oorlog die de junta daar voerde tussen 1976 en 1983. Julio Poch werd vrijgesproken, dat was vanuit Nederland gezien het belangrijkste nieuws, maar voor de Argentijnen ging het erom dat recht werd gesproken over ‘de jaren van lood’. De meest prominente verdachte, Alfredo Astiz, bijgenaamd ‘de blonde engel des doods’, kreeg levenslang. Naar de gifbeker greep Astiz niet, maar hij was wel even onboetvaardig als Praljak. “Ik zal nooit vergeving vragen”, zei hij.

Nee, tribunalen brengen daders zelden tot inkeer. En wat erger is: ze zijn ook geen instrument voor verzoening. Niet in Argentinië, dat nog steeds tot op het bot verdeeld is over het eigen verleden, noch in voormalig Joegoslavië, waar de geschiedenis nog altijd wordt opgediend in elkaar tegensprekende etnische versies.

Of ga ik nu te kort door de bocht? Dat zou kunnen. Misschien kost verzoening gewoon meer tijd.

In deze krant zei promovenda Iva Vukusic dat het eigenlijk belachelijk is van een rechtbank te verwachten, zoals bij het Joegoslavië-tribunaal gebeurde, dat die daders en slachtoffers tot elkaar zou kunnen brengen. Maar tegelijkertijd zag ze wel perspectief voor een gunstig effect op lange termijn: de waarheidsvinding die deel uitmaakt van een juridisch proces, zal het misbruik van de geschiedschrijving steeds moeilijker maken. En dát, de onmogelijkheid om de feiten te blijven ontkennen, kan volgens Vukusic uiteindelijk toch bijdragen aan verzoening.

Ik hoop dat ze gelijk heeft. Het Joegoslavië-tribunaal heeft 9.300.000 documenten opgeslagen, daar valt niet tegenop te ontkennen, zou je denken. Maar Praljak kreeg de Kroaten toch weer zover.

Lees ook: 

Voor Kroaten is Praljak geen oorlogsmisdadiger
- Lees hier meer columns van Stevo Akkerman



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
Tribunalen brengen daders zelden tot inkeer. Erger: voor verzoening zorgen ze ook niet.